nieuws

Bollenplaatproof, voor zo lang het duurt

bouwbreed 2277

Bollenplaatproof, voor zo lang het duurt

Met 352 stalen strips en bijna 5600 ankerbouten is het Polakgebouw in Rotterdam bollenplaatproof. Dat wil zeggen: zolang de norm voor afschuifspanning niet wordt aangescherpt. Begin april kunnen de studenten er weer in.

Het was het eerste gebouw dat werd gesloten vanwege de bollenplaatproblematiek: het Polakgebouw in Rotterdam. Van de ene op de andere dag moest de Erasmus Universiteit op zoek naar onderwijsruimten en studieplekken voor ruim 600 studenten. Het luidde bovendien het begin in van een reeks sluitingen van gebouwen met bollenplaatvloeren. Daarmee kwam die miraculeuze instorting in Eindhoven eerder dat jaar voor veel mensen ineens heel dichtbij.

Het Polakgebouw is nu ook het eerste gebouw, dat versterkt en al, weer in gebruik wordt genomen. Na twee maanden koortsachtig zoeken naar de beste oplossing begonnen Vercon en hoofdaannemer SMT half januari met het aanbrengen van stalen strips en ankerbouten. Precies 352 strips en 5592 ankers verder is het pand nu bollenplaatproof.

De stalen strips (10 x 100 x 2900 mm) nemen de complete werking van de koppelwapening over, legt constructeur Jan Font Freide van Royal HaskoningDHV uit. Dat zijn de staven die hun werk niet kunnen doen omdat er te weinig hechting is tussen het beton van de breedplaat en het stortbeton. Door te kiezen voor strips is dus voor een andere oplossing gekozen dan bij het Noma gebouw in Amsterdam en het Voorzetgebouw in Utrecht. Beide gebouwen zijn weliswaar eerder bollenplaatproof gemaakt, maar die waren, anders dan het Polakgebouw ook nog niet in gebruik genomen, maar zaten tegen oplevering aan. Daar konden de aannemers dus ankers dwars door de vloer boren zonder al te veel schade aan te richten. Dat was bij het Polakgebouw niet mogelijk. Dan had de gietvloer bovenop zo’n beetje opnieuw gemaakt moeten worden.

Jan Font Freide van HaskoningDHV (links) en Mark van Nierop van de EUR. Foto: Ries van Wendel de Joode

Projectleider Mark van Nierop prijst zich gelukkig dat de vloeren van het Polakgebouw aan de onderkant erg open zijn. “Er zat geen systeemplafond, dus dat hoefde ook niet verwijderd te worden. Tussen de koelplafonds, leidingen en ventilatiekanelen door, vallen de ankers en strips bovendien niet erg op. Zeker niet nu alles onder een grijskleurige brandwerende coating is weggewerkt. Alleen ingewijden zien volgens de projectleider wat er is gebeurd. De gemiddelde gebruiker zal niets opvallen. Er zijn geen kolommen bijgeplaatst, de indeling van de ruimtes is niet aangepast.

Eerst verlijmen om niet te hoeven stempelen

Vercon heeft de strips in zeven weken tijd aangebracht volgens de methode die de adviseurs van HaskoningDHV hadden uitgedokterd. De strips zijn eerst verlijmd. Op het moment dat de lijm was uitgehard waren ze volgens Font Freide al in staat om de complete krachtswerking van de koppelstaven over te nemen. Dat zou alleen problemen kunnen opleveren bij brand. Want boven de 60 graden smelt de lijm weg en kan geen krachten meer overdragen. Daarom zijn de strips naderhand verankerd met zestien spreidbouten. Acht aan weerszijden van de voeg. Daarna is alles ingepakt in een brandwerende, opschuimende coating.

Dat er niet meteen spreidbouten zijn aangebracht is omdat er op deze manier onderstempeling van de vloeren kon worden voorkomen. Het boren zou volgens Font Freide anders het bezwijken van de voeg kunnen triggeren. Eerst lijmen bleek in dit geval handiger dan het complete pand stempelen.”

Vercon boorde met verlengde dommekrachten waarbij het boorgruis zoveel mogelijk aan de bron werd afgezogen. Met een paar werkploegen werden de 352 strips geplaatst. De ankers werden ingeslagen en op moment aangedraaid met nieuwe apparatuur van Hilti. Terwijl Engie onderwijl de koelplafonds of ventilatiekanalen verwijderde. Alleen in één installatieruimte op de vierde verdieping moest er volgens Van Nierop zoveel verwijderd worden dat er de aan voorkeur werd gegeven om daar stalen kolommen bij te plaatsen. Maar daar komt niemand, behalve af en toe een installateur.

Slag om de arm over schuifspannings-eis

Het Polakgebouw voldoet dus nu aan de eis dat schuifspanningen hoger dan 0,4 N/mm2 kunnen worden overgedragen. Dat is de waarde uit het bekende stappenplan dat bureau Hageman opstelde voor het ministerie van Binnenlandse Zaken. Font Freide durft alleen niet te zeggen hoe toekomstbestendig die eis is.

“Die slag om de arm hebben Hageman en TNO vanaf het begin gehouden. Maar ik krijg wel steeds meer signalen dat bijstelling naar beneden nodig is. Dat zou betekenen dat er veel meer gebouwen onder de loep genomen moeten worden. Misschien moet zelfs het Polakgebouw dan ook nog eens op andere plekken versterkt worden. We hebben nu zo’n 20% van de voegen met een belangrijk positief moment aangepakt. Die voldoen in elk geval.”

 

“Maar goed”, besluit de constructeur met een zucht. “Met de kennis van nu voldoet het Polakgebouw aan de eisen die door deskundigen zijn vastgesteld. En volgens mij overtuiging kan het ook weer veilig in gebruik worden genomen. Het is voor iedereen koffiedik kijken hoe de inzichten zich de komende tijd ontwikkelen.”

De studenten nemen over ruim een week weer bezit van het gebouw, waar het nu nog koud en donker is en zo uitgestorven dat je er een speld kunt horen vallen. Het wordt schoongemaakt, de installaties worden weer in gebruik genomen en de bedrijven gevestigd in de plint kunnen terugkeren. Om geen kostbare tijd te verliezen heeft de universiteit voorlopig alle rekeningen van aannemers en adviseurs betaald. Of er later claims worden neergelegd bij partijen, daar kan projectleider Van Nierop niets over zeggen. “Wat geldt voor de techniek, geldt ook vooor de kosten en de aansprakelijkheid. Nog lang niet alles is uitgekristalliseerd.”

 

 

 


Zes potentiële oplossingen verkend

Nadat HaskoningDHV was benaderd om als onafhankelijke constructeur te kijken naar het Polakgebouw, verkenden de adviseurs zes mogelijke oplossingen.

– Koolstof lijmwapening:
Koolstof strips worden aan de onderkant van de vloer gelijmd. Ze werken pas als het schuifvlak bezweken is. Er zijn wel twijfels over dwarskrachtcapaciteit en brandwerendheid

– Koolstof wapening gedimensioneerd op stijfheid
De betonconstructie zelf moet wel brandwerend worden bekleed

– Verlijmde stalen strips met boorankers
De uitverkoren oplossing bij het Polakgebouw. De stalen strips nemen de functie van de koppelstaven compleet over. De spreidbouten verankeren zich in de breedplaat en komen niet in het stortbeton.

– Boorankers door breedplaat in het stortbeton
Verbindt stortbeton met de breedplaat, zodat de koppelstaven hun werk kunnen doen. Deze oplossing presteerde goed in het laboratorium van de TU/e. Gevaar is dat bij de uitvoering de koppelstaven worden doorboord.

– Wapeningsstaal in een in te frezen strip
Betonstaal verlijmd in een sleuf van 30 bij 30 mm die in het beton is gefreesd.

– Gevulde bollen met ankers
Bollen langs de rand van de voeg worden gevuld met gietmortel. Bouten met een kopplaat die worden meegenomen worden later op spanning gezet.

 


 

Dode planten en een verstopt warmtewiel

Met alleen het versterken van de voegen is de Erasmus Universiteit er niet. De schoonmaakoperatie in het Polakgebouw is immens en de installaties moeten, eenmaal teruggeplaatst, opnieuw worden ingeregeld. Veel planten hebben het ook niet overleefd.

Het in 2015 in gebruik genomen Polakgebouw heeft een erg open karakter. Rondom een groot atrium bevinden zich studiezalen en andere ruimtes die veelal in open verbinding met elkaar staan. “Misschien hadden we achteraf moeten besluiten met stofschotten te werken”, blikt projectleider Mark van Nierop terug. “Want de hoeveelheid stof die vrijkwam bij het boren van de 5592 gaten was immens. Ondanks alle maatregelen die we hadden genomen dwarrelde het neer op de koelplafonds die waren blijven hangen en bovenop de ventilatiekanalen en leidingen.”

Het is reden dat Engie heel voorzichtig de installaties weer in gebruik neemt. Als het nu plompverloren de luchtbehandeling aan zou zetten, zou het warmtewiel wellicht verstopt raken, wat weer tot andere problemen zou leiden. Vandaar dat schoonmaak-bedrijf Asito nog een keer terug moet komen voor een grondige schoonmaak. Engie laat de installatie aan het begin bovendien alleen blazen. Pas als op die manier zoveel mogelijk stof is neergedaald wordt de luchtbehandling weer in gebruik. Ook alle andere installaties, van de koffie-apparaten tot de beamers, moeten na een half jaar stilstand opnieuw worden opgestart en ingeregeld. Bovendien moeten er op veel plekken nieuwe planten in de bakken worden geplaatst. Zeker een derde van het groen in het gebouw bleek niet opgewassen tegen een half jaar duisternis en kou.

Reageer op dit artikel