nieuws

TU Delft waarschuwt voor gapende gaten in begroting infrastructuur

bouwbreed 104

TU Delft waarschuwt voor gapende gaten in begroting infrastructuur

Deskundigen van de TU Delft waarschuwen voor grote problemen aan de Nederlandse infrastructuur als het kabinet niet snel ingrijpt bij Rijkwaterstaat. De uitvoeringsorganisatie van minister Schultz weet volgens hen veel te weinig over de huidige staat van bruggen, viaducten, sluizen en tunnels om slim te kunnen anticiperen op de grote vervangingsopgave die Nederland te wachten staat.

De Algemene Rekenkamer maakt zich al langer zorgen over tekorten bij Rijkswaterstaat door gebrek aan inzicht. De Rekenkamer signaleert dat Rijkswaterstaat keer op keer verrast wordt door nieuwe mankementen aan sluizen, bruggen en andere netwerksystemen, terwijl de meeste miljarden die tot aan 2028 vrijkomen al zijn gereserveerd voor andere opgaven.

Ambtelijke werkgroep

Tot 2020 zou minister Schultz nu al een tekort hebben van 1,1 miljard euro voor het vervangen en renoveren van kunstwerken tot 2020. Dat gat wordt volgens de Rekenkamer alleen maar groter als het kabinet niet ingrijpt. De Rekenkamer dringt aan op een andere manier van boekhouden, zodat nieuwe wegen, dijken of bruggen na oplevering niet van de balans verdwijnen, zoals nu het geval is, maar gedurende de gehele levensduur in het vizier blijven van Rijkswaterstaat. Een ambtelijke werkgroep onderzoekt ook op aandringen van de PvdA en de VVD of de voorgestelde maatregel haalbaar is. Rijkswaterstaat ziet een dergelijke, “ingrijpende” transitie echter niet zitten en vraagt zich af wat het oplevert. Bovendien is Rijkswaterstaat het niet eens met de Rekenkamer dat het continu achter de feiten zou aanlopen.

Onverstandige politieke keuzes

Jules Verlaan, opleidingsdirecteur Integraal Ontwerp en Beheer aan de TU Delft vindt dat Rijkswaterstaat zo snel mogelijk moet overstappen op een ander systeem. Ook hij waarschuwt voor grote financiële risico’s, onverstandige politieke keuzes en gebrek aan inzicht. “De Tweede Kamer moet het nu doen met armzalige informatie en ministers hebben te veel ruimte voor politiek opportunisme”, zegt hij in een interview met weekblad Cobouw dat woensdag verschijnt. Verlaan die eind dit jaar promoveert op dit onderwerp vergelijkt het huidige systeem van Rijkswaterstaat met een waterreservoir voor geld met een pijpje in en een pijpje uit. “Maar boven het reservoir hangt een grote steen. Als je alleen naar het reservoir kijkt, zie je die steen niet.”

Hennes de Ridder, emeritus-hoogleraar integraal ontwerpen aan de TU Delft is het met Verlaan eens en stelt dat Rijkswaterstaat veel te weinig kennis opbouwt. “Of Rijkswaterstaat te weinig weet? Ik vind van wel. Als je ziet voor wat voor verrassingen ze steeds komt te staan. Pas nog met de lekkende A4 en een paar jaar geleden nog met het falende onderhoud aan de bodembescherming van de Oosterscheldekering. Dat was echt absurd. Twee zeer eenvoudige onderhoudsvoorschriften werden stelselmatig genegeerd.”

Post onvoorzien

Joost Walraven, emeritus-hoogleraar civiele techniek (betonconstructies) aan de TU Delft is een stuk positiever over Rijkswaterstaat. “Mijn indruk is dat Rijkswaterstaat heel goed weet waar hij over praat, zeker als je het vergelijkt met Duitsland.” Walraven is jaren nauw betrokken bij het onderzoek van Rijkswaterstaat naar het draagvermogen van bestaande bruggen. “Van de vierduizend bruggen zien de meeste er gewoon degelijk uit. Dat komt omdat we in Nederland tijdens de bouw van de bruggen met zeer conservatieve rekenregels werkten en niet veel geëxperimenteerd hebben. We zijn nu de laatste paarhonderd bruggen van het oude bestand aan het onderzoeken. Die vragen om meer aandacht en zijn de meer gecompliceerde die soms op het randje zitten.” Walraven benadrukt dat er altijd incidenten zullen blijven bestaan, ongeacht de manier van boekhouden en begroten. “Je kunt niet alles tot op de laatste brug in de gaten hebben. De post onvoorzien houdt je altijd.”

Prinsjesdag

Het kabinet verlengde vlak voor de zomer het Infrafonds van 2028 tot 2030. Minister Schultz en staatsecretaris Dijksma schreven de Tweede Kamer dat een groot deel daarvan bedoeld is voor het onderhouden en in stand houden van de bestaande infrastructuur. Om welke bedragen het precies gaat wordt waarschijnlijk volgende week op Prinsjesdag duidelijk. In de loop van volgend jaar wordt duidelijk hoe het nieuwe kabinet het best om kan gaan met verlengingen van het Infrafonds en hoe geld van de toekomst op de meest verantwoorde manier kan worden begroot.

Lees woensdag in het weekblad van Cobouw het hele interview met Jules Verlaan en alles over de voortslepende kwestie tussen de Algemene Rekenkamer en Rijkswaterstaat

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels