nieuws

In de compensatiesteen ligt CO2 voor altijd vast

bouwbreed 335

In de compensatiesteen ligt CO2 voor altijd vast

Een steen die geen CO2 uitstoot bij de productie, maar dat juist opneemt. Bij de compensatiesteen van de RuwBouw Groep is het broeikasgas zelfs een essentieel ingrediënt, die het bindingsproces op gang brengt.

De RuwBouw Groep produceert de steen sinds kort in een omgebouwde kalkzandsteenfabriek van Calduran in het Overijsselse Kloosterhaar. In de ketels waar normaal gesproken de kalkzandstenen onder hoge druk en temperatuur worden gebakken, vindt nu de beluchting met pure CO2 plaats. Een restproduct uit de staalproductie dat door het zand is gemengd, reageert met het gas en kit de zandkorrels aan elkaar tot zandsteen.

CO uit biovergister

Voorlopig is de steen toegelaten voor niet-dragende toepassingen, als scheidingswanden. Aan de certificering voor dragende bouwdelen als muren en vloeren wordt gewerkt. Als het product aanslaat, wil DRBG een nieuwe fabriek bouwen in Harderwijk. Daar zou het nagenoeg zuivere CO2 kunnen betrekken van een biovergister, die het waterschap bij een rioolwaterzuivering wil bouwen.  

Oplossing voor slakken

De techniek achter de compensatiesteen is ontwikkeld door het Belgische onderzoeksinstelling Vito. Dat zocht een oplossing voor de slakken waar de lokale staalindustrie mee worstelt. De reactie vindt plaats bij kamertemperatuur en atmosferische druk. Er wordt dus weinig energie verbruikt bij de productie. 

De CO2 komt er volgens hoofd R&D Frans Temmermans van DRBG ook nooit meer uit. “Alleen als je de stenen verwarmt tot temperaturen boven 1000 graden Celsius, komt het misschien weer vrij. Maar die temperaturen haalt het bij een gemiddelde gebouwbrand nooit.”

Tekst loopt door onder de foto >

Per kuub bevat de compensatiesteen 250 kilogram CO2. Directeur Mantijn van Leeuwen van het Nibe vindt dat indrukwekkend. “Dan lever je echt een bijdrage aan de oplossing van de CO2-problematiek.”

Olivijn-discussie

De suggestie van DRBG dat je stenen in de ketels ook niet compleet kunt verzadigen, zodat ze tijdens hun leven ook nog CO2 binden, vindt hij niet zo sterk. De bindingsreactie gaat weliswaar door, maar dat gaat wel heel langzaam. De concentratie CO2 is, zelfs in de smerigste parkeergarage te laag om een substantieël effect te hebben. Dat doet denken aan de olivijn-discussie, waar je tegenwoordig ook niemand meer over hoort.

In theorie is het wel mooi, zo’n materiaal dat in de gebruiksfase CO2 vastlegt, maar het schiet niet op. Terwijl de binding in de beluchtingskamers of de omgebouwde stoomketels met gebruik van vrijwel zuivere CO2 juist heel snel gaat. En je kunt het effect ook nog eens heel goed meten. Je weegt de stenen voordat ze de ruimte ingaan en als ze er na een halve dag weer uitkomen nog een keer. Het verschil is de CO2 die ze hebben opgenomen. Daar is geen speld tussen te krijgen.”

Andere koek

“Voor elke chemicus is de reactie heel logisch”, vervolgt hij. “Er bestaat onder vakgenoten geen enkele twijfel over het proces. DBRG is ook niet de enige die aan deze techniek werkt. Er komen zeker look-a-likes op de markt. Maar ze zijn wel de eerste en dat verdient een pluim.

Carbonatatie vindt in de natuur ook voortdurend plaats. Maar zie het maar eens onder geconditioneerde industriële omstandigheden tot stand te brengen en er een certificeerbaar product van te maken. Dat is echt andere koek.”

Geen heilige graal

Anne ten Brummelhuis van MVO Netwerk Beton vindt het te ver gaan de compensatiesteen de heilige graal te noemen in de aanpak van de mondiale CO2-problematiek. “Hoewel het strikt genomen geen beton is, maar een ander materiaal, volgen we de ontwikkelingen met het netwerk op de voet. Niet voor niets is de Compensatiesteen, of de Carbstone-techniek, opgenomen in de laatste versie van de Handelingsperspectieven verduurzaming betonketen.”



> Lees woensdag in het weekblad van Cobouw: ‘Dit is geen beton’

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels