nieuws

Met een opgevoerde bolderkar naar de bouwplaats

bouwbreed Premium 528

Met een opgevoerde bolderkar naar de bouwplaats

Met een koddig elektrisch wagentje voert Heijmans onderhoud uit op de campus van de TU Eindhoven. De timmerlieden kunnen veel dichter bij hun werk komen en hoeven nooit op zoek naar een schaarse parkeerplek.

Het wagentje is een doorontwikkeling van de zogeheten Stint. Dat is een elektrisch aangedreven bolderkar waarmee medewerkers van naschoolse opvang kinderen ophalen. In Nederland rijden er volgens Edwin Renzen van Stint inmiddels zo’n 1500 rond. “Het scheelt een enorme logistiek met taxi-busjes op tijdstippen dat alle straten rond scholen overbelast zijn. De Stints mogen namelijk gewoon op de stoep parkeren.”

Eindeloos puzzelen

Renzen coördineerde in zijn vorige baan zorgvervoer in de provincie Utrecht. Wekelijks moest hij 12.000 vervoersbewegingen slim op elkaar afstemmen. Ondanks eindeloos gepuzzel met chauffeurs, voertuigen en klanten kon hij niet voorkomen dat hij geregeld busjes 25 kilometer moest laten rijden om even twee kinderen op te halen bij een school om ze drie kilometer verderop weer af te zetten. De inefficiëntie van stuitte Renzen enorm tegen de borst.

Dat bracht hem op het idee zelf een goedkope en veilige bolderkar te ontwikkelen. Een paar jaar terug kreeg hij na een lang testproces eindelijk een toelating van de Rijksdienst voor het Wegverkeer. Met een Stint kan een pedagogisch medewerker 10 basisschoolkinderen veilig vervoeren. De aanschafkosten bedragen zo’n 7000 euro.  Wekelijk zijn de opvanglocaties gemiddeld nog geen euro kwijt aan stroomkosten voor het opladen van de accu.

Het succes van de Stint was voor de gemeente Zaanstad aanleiding om voor medewerkers van plantsoenendiensten en schoonmakers een eigen variant te laten bouwen met plek voor wat gereedschap en ander materiaal. Zo ontstond er een soort bestel-stint met een laadbak en een klep. Er past precies een pallet met lading in de bak.

Nooit meer een parkeerboete 

Dat voertuig was voor de wagenparkbeheerder van Heijmans op zijn beurt om te experimenteren met een gereedschaps-Stint, als alternatief voor het aannemersbusje. Sinds een maand rijdt een prototype rond op de campus van de TU Eindhoven waar Heijmans het onderhoud van een aantal gebouwen verzorgt. De Stints kunnen volgens Renzen vaak veel dichter bij de plek komen waar gewerkt moet worden bestelbusjes. Dat voordeel weegt volgens de ondernemer zwaar op tegen het nadeel dat je minder materiaal en gereedschap kan meenemen. “In veel gevallen kan hij gewoon gebouwen binnenrijden. Wat je met je busje ook niet zo gauw doet. En je hoeft ook geen parkeergeld te betalen. En krijgt dus ook nooit een boete.”

Gelast

Heijmans liet de aangepaste bolderkar spuiten en inbouwen door de vaste partners die de gereedschapsbusjes ook altijd onderhanden nemen. Als er meer bestellingen komen, bijvoorbeeld van aannemers die veel in drukke binnensteden werken, overweeg Renzen een standaard ontwerp te bouwen dat met rotatiegieten uit stootvast HDPE wordt gefabriceerd.  “Dan kan het materiaal door – en door gekleurd worden en vallen lichte beschadigingen bij botsingen niet zo erg op. Het prototype voor de aannemer uit Rosmalen is gelast uit platen en zal af en toe opnieuw langs de spuiter moeten voor een fris kleurtje. “

Reageer op dit artikel