nieuws

‘Naming and shaming’ rond asbestovertreding mag niet

bouwbreed Premium 21

‘Naming and shaming’ rond asbestovertreding mag niet

De rechtbank Gelderland heeft een belangrijke uitspraak gedaan rondom de publicatie van asbestovertredingen. ‘Naming and shaming’ van een asbestsaneerder die een overtreding had begaan mag niet, zo luidt de uitspraak.

De asbestsaneerder in kwestie was het niet eens met de publicatie op internet van een asbestovertreding. Die publicatie werd door het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) gedaan op basis van de ‘Beleidsregel openbaarmaking inspectiegegevens’. De asbestsaneerder werd door de rechtbank in de beroepsprocedure in het gelijk gesteld. Eerder nog was hetzelfde bezwaar in een voorlopige voorzieningsprocedure afgewezen. De rechtbank Gelderland oordeelt echter anders: de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) biedt geen grondslag voor openbaarmakingen, zoals die nu door het ministerie van SZW worden gedaan.

Beroepsprocedure

Borg advocaten stond de asbestsaneerder in de beroepsprocedure bij. Mieke Eversteijn van Borg advocaten: “In de beroepsprocedure hebben wij namens de saneerder aangevoerd dat de Wob bestuursorganen alleen verplicht informatie over beleid te openbaren zodra dit in het belang is van een goede en democratische bestuurvorming. De Beleidsregel openbaarmaking inspectiegegevens, op grond waarvan het ministerie van SZW bevoegd is informatie over overtreders te publiceren, is namelijk gebaseerd op de Wob.”
Eversteijn vervolgt: “In de procedure hebben wij aangevoerd dat tijdens de totstandkoming van die Beleidsregel is bepaald dat het doel ervan tweeledig is. Uit de wetgeschiedenis biljkt namelijk dat naast het door de Wob ingegeven doel van transparantie door de Beleidsregel ook het nalevingsgedrag van asbestsaneerders gecontroleerd wordt. Dit laatste neigt naar
naming and shaming en is in strijd met de Wob.Indien de inspectie SZW slechts enkele gegevens uit het boetebesluit op internet plaatst, komt de nadruk juist op naming and shaming te liggen, met als voornaamste gevolgen reputatieschade en inkomstenverlies.”

Geen toeval

Eversteijn merkt verder op dat het geen toeval kan zijn dat de wetgever op dit moment bezig is het probleem van het ontbreken van een wettelijke basis aan te pakken: “Er ligt nu een wetsvoorstel op grond waarvan de Arbeidsomstandighedenwet zodanig wordt gewijzigd dat het een wettelijke basis van openbaarmaking gaat bevatten.”

Reageer op dit artikel