nieuws

Janssen de Jong-topman pleit voor noodwet woningmarkt

bouwbreed Premium 10

Janssen de Jong-topman pleit voor noodwet woningmarkt

Onorthodoxe maatregelen zijn nodig om de dreigende woningnood in Nederland aan te pakken en de verduurzaming van woningen te versnellen. Dat vindt Hans Smits, bestuursvoorzitter van Janssen de Jong Groep. “Misschien moet je denken aan een noodwet.”

Smits toont zich bijzonder content met de aantrekkende woningmarkt. Ook Janssen de Jong profiteert daar volop van en zal daar ook komende jaren de vruchten van plukken. Het stoort de topman echter dat het vaak erg lang duurt voordat er een paal de grond in kan worden geslagen.

 “Terwijl de bouwtijd steeds korter wordt, lijkt de proceduretijd alleen maar langer te worden”, beklaagt Smits zich. “Voordat je een keer bezig kunt, ben je 2 jaar verder. Dat is lang. Onaanvaardbaar lang, vind ik.”

Het zit in het systeem

Een schuldige daarvoor aanwijzen is niet zo simpel. “Het zit in het systeem”, aldus Smits. “Wethouders willen vaak ook wel sneller. Dat hoor ik vaak genoeg. Maar we hebben met z’n allen geaccepteerd dat de procedures rond bestemmingsplannen en vergunningen traag verlopen. We zijn gewend geraakt aan een verkeerd tempo.”

Volgens Smits lukt het daarom in Nederland bijvoorbeeld ook niet om op tijd de benodigde huisvesting voor vluchtelingen te realiseren. “De woningnood neemt ondertussen alleen maar toe. En de verduurzaming van de bestaande voorraad loopt ook al hopeloos achter op schema. We zijn niet in staat om in een hoger tempo te bouwen. Dat is zorgelijk.”

Zo’n noodwet nog niet zo’n gek idee

De topman van Janssen de Jong pleit voor een “onorthodoxe aanpak” om de woningmarkt in beweging te krijgen. “We kunnen het wel, dat hebben we na de watersnoodramp gezien. Maar daar was toen wel een noodwet voor nodig. Ik wil de huidige situatie niet met die ramp vergelijken, maar misschien is zo’n noodwet nog niet zo’n gek idee . Ik kan me ook voorstellen dat we een paar pilotprojecten starten waarbij we het een keer op een andere manier doen.”

Veel hoop dat de praktijk zal veranderen, heeft Smits overigens niet. “Kennelijk is de nood niet hoog genoeg”, constateert hij. “Dat neemt niet weg dat ik deze noodkreet moet laten horen. Dat zit nu eenmaal in mijn karakter.”

Eerder sloeg de ervaren bestuurder, tevens president-commissaris van luchtvaartmaatschappij KLM, alarm over de lage winstmarges in de bouwsector. Volgens Smits moeten die naar minimaal 5 procent om de bedrijfstak gezond te houden. Het is een boodschap die hij blijft herhalen.

“De bouwmarkt krabbelt op, maar de marges zijn nog steeds flinterdun”, zegt hij ook nu weer. “Natuurlijk zullen ze door het voortgaande herstel in de markt verder stijgen, maar het gaat nog jaren duren voordat ze op een acceptabel niveau zitten. Momenteel wordt er nog steeds ingeschreven voor prijzen waarvan ik denk: dat kan niet. Dat heeft een neerwaarts effect op het verdienvermogen.”

Zelf behaalde Janssen de Jong over 2015 een nettomarge van 2 procent. Smits: “Dat is niet genoeg. Volgend jaar verwachten we op een omzet van 330 miljoen een nettowinst van 10 miljoen te behalen. Dan kom je op een marge van zo’n 3 procent. Dat begint er al wat meer op te lijken, maar ik blijf zeggen dat we naar 5 procent moeten. Minimaal.”

In de Caribbean werd wel winst geboekt

Op de Nederlandse omzet, ongeveer 200 miljoen, boekte Janssen de Jong afgelopen jaar geen winst en geen verlies. Dat is een verbetering ten opzichte van voorgaande jaren, waarin de Nederlandse activiteiten verliesgevend waren. In de Caribbean, waar de bouwer een sterke positie heeft en ongeveer 100 miljoen omzet draait, werd wel winst geboekt. Mede om die reden is ook besloten om het werkgebied daar uit te breiden. Naast Curaçao, Aruba en Bonaire, gaat de bouwer ook aan de slag op Anguilla.

“We hebben op dat eilandje een kleine betoncentrale en asfaltcentrale neergezet. Ook hebben we er een bouwbedrijfje opgezet. We verwachten dat daar de komende jaren nieuwe wegen zullen worden aangelegd. En er zijn plannen voor hotels. Nee, grote omzetten zal dat niet opleveren, maar als je het niet doet, mis je het wel.”

Daarnaast start Janssen de Jong deze zomer zijn eerste klus op Cuba, de bouw van een bedrijfshal. Of dat de voorbode is voor meer, kan Smits nog niet aangeven. “Laat ik het zo zeggen, we doen rustig aan. Maar feit is dat wij nu mooi op Cuba zitten. We zijn de Amerikanen voor.”

Reageer op dit artikel