nieuws

Eerste bieder krijgt lichte voorsprong

bouwbreed Premium

Eerste bieder krijgt lichte voorsprong

De oude belastingkantoren van Gorinchem en Dordrecht zijn te koop. Wie als eerste een bod uitbrengt, krijgt van de verkoper een lichte voorsprong. Het Rijksvastgoedbedrijf experimenteert met nieuwe accenten om de verkoop van nog eens ruim 250 overtollige rijkspanden te stimuleren.

Inmiddels zijn vier panden aangewezen, waarbij een rechtstreeks bod vanuit de markt is toegestaan, het zogenoemde marktinitiatief: het gaat om enkele kantoorkolossen in Dordrecht, Gorinchem en Roermond en een voormalige penitentiaire inrichting langs de A2 in Amsterdam. “Het gaat niet om de makkelijkste panden”, licht woordvoerder Frank Wassenaar van het Rijksvastgoedbedrijf de keus voor de vier panden toe. Want wat moet je nu met een prefab-gevangenis (1972) of een oud belastingkantoor?

Het gaat om een combinatie van geld en een plan voor herontwikkeling

“Het gaat om een combinatie van geld en een plan voor herontwikkeling. Wie een reëel bod op tafel legt, krijgt een lichte voorsprong. We maken bekend dat er een bod ligt voor het betreffende pand en vervolgens krijgen andere partijen nog veertien weken de tijd om ook een bod uit te brengen. Dat is relatief kort en aansluitend mag de eerste bieder eventueel nog zijn bedrag aanpassen”, licht Wassenaar de procedure toe.

Ervaring opdoen

Tijdens die fase maakt het Rijksvastgoedbedrijf op geen enkele manier bekend hoe hoog de biedingen zijn en of er sprake is van overbieding. “We moeten zelf ook nog ervaring opdoen met deze variant, vandaar dat we een beperkt aantal panden hebben gekozen.” Vorige week is het oude ministerie van Sociale Zaken aan dat lijstje toegevoegd.

Het is nu wachten op het eerste bod

Daar geldt echter de plicht dat een koper eerst vijf jaar statushouders huisvest. Om de doorstroming vanuit asielzoekerscentra op gang te krijgen, wordt de termijn voor biedingen in dit geval beperkt tot acht in plaats van veertien weken. Wie als eerste een bod doet op het oude ministerie naast station Laan van Nieuw Oost-Indië heeft dus een nog iets grotere voorsprong. Zeventig procent van het pand mag worden ontwikkeld voor woningen en de gemeente Den Haag is bereid om mee te werken aan een wijziging van het bestemmingsplan. Het is nu wachten op het eerste bod.

Verschillende sporen

Het Rijksvastgoedbedrijf zet in op verschillende sporen om het overtollige vastgoed kwijt te raken. Het aantrekken van de economie lijkt daarbij een voordeel, al durft niemand vergaande conclusies te trekken over de voortgang voor de komende vijf jaar. Vorig jaar gooide het Rijksvastgoedbedrijf de verkoopstrategie om in een poging de drempels voor de markt te verlagen. Directeur-generaal Jaap Uijlenbroek zei daarover in Cobouw: “We gooien echt niet alles tegelijk op de markt, maar tot 2020 gaan we nog veel objecten verkopen die bijna allemaal een nieuwe bestemming moeten krijgen.”

Op microniveau zijn regelmatig uitschieters te zien

Om prijzen van de stuk voor stuk unieke objecten niet te bederven, wordt vooraf nooit een prijskaartje of richtprijs vrijgegeven en wordt de verkoop gesloten met de hoogste bieder. Bij elk project zijn echter wel randvoorwaarden gesteld en is meestal een plan van aanpak vereist over de toekomstige invulling. Uijlenbroek: “We houden scherp in de gaten in hoeverre de opbrengsten overeenstemmen met onze eerdere taxaties en op macroniveau wijkt dat slechts een paar procent af. Maar op micro-niveau zijn regelmatig uitschieters te zien, zowel naar boven als naar beneden, en dat heeft alles te maken met het bijzondere karakter van de voorraad. Het gaat nooit om een rijtjeshuis, waarvan er honderdduizenden staan, maar veel vaker om een bijzonder pand waar ook sloop- en verbouwingskosten bijkomen om een nieuwe toekomst te garanderen.”

Reageer op dit artikel