nieuws

Renovatieconcept verbetert prestaties portiekwoningen

bouwbreed

Renovatieconcept verbetert prestaties portiekwoningen

Bouwbedrijf Van Dillen uit Culemborg zegt met zijn renovatieconcept Portiek de energieprestaties van (portiek)woningen te kunnen verbeteren.

In de meest uitgebreide variant levert het concept een nul-op-de-meterwoning op. Aan de hand van het Rendabele Energiemodel (REM) zegt de aannemer tot het energielabel A te kunnen komen. Opdrachtgevers kunnen met Portiek zelf bepalen tot welk niveau ze willen gaan. De verschillende woningvarianten van het concept kunnen naast elkaar in een complex worden toegepast.

Portiek komt voort uit een concept dat Van Dillen een kleine vijf jaar geleden ontwikkelde voor renovatie en onderhoud. Dat bestaat uit een reeks gebruiksklare producten die het bedrijf ontwikkelde met vaste ketenpartners. Van Dillen past die toe bij de verduurzaming van portiekflats. De opdrachtgever kan kiezen uit verschillende interieur- en portiekniveaus. Bewoners kunnen in beginsel meepraten over de afwerking van hun woning. De keuzes worden door middel van een applicatie gedeeld met de ketenpartners.

Eind vorig jaar schreef Van Dillen in op de tender ‘Flat met toekomst’ van Mitros. De corporatie vroeg de gegadigden een renovatieproduct te ontwikkelen voor zijn Intervam-flats op Kanaleneiland-Zuid in Utrecht. De woningen moesten voldoen aan de bepalingen van nul-op-de-meter. Zo’n woning levert de gevraagde energie door middel van saldering terug aan het energiebedrijf. Een passiefwoning is voorbereid om later nog energiezuiniger te worden gemaakt of op het niveau van nom kan worden gebracht.

“De tender heeft geresulteerd in ons product Portiek, dat we in verschillende samenstellingen kunnen aanbieden”, zegt algemeen directeur Cees van Dillen. “De eerste is de nom-variant, de tweede is de passiefvariant, die wij samen met onze ketenpartners Arton en Trecodome hebben ontwikkeld conform het Rendabele Energiemodel.” Vanuit wat hij ‘de deeloplossingen gevel, gevelopeningen, dak, vloer en installaties’ noemt kunnen de investeringen en energiebesparing worden berekend en de optimale samenstelling per woningtype bepaald.

Naast elkaar

De tender van Mitros sloot wat Van Dillen betreft naadloos aan bij zijn productontwikkelingsprogramma. “Het ene woningtype leent zich beter om nom waar te maken dan het andere. Zelfs binnen een complex bestaan er verschillen in investeringskosten tussen de woningtypes.” Met Portiek kunnen nom-woningen en passiefwoningen naast elkaar worden gerealiseerd. Mitros en Van Dillen wisten echter niet tot een vergelijk te komen. De beoogde aanpak ging niet door.

De Intervam-flat laat zich naar Van Dillens ervaring makkelijk aanpassen. Bijzondere aandacht vergen onder meer de asbestdakranden, de gevelbanden en de bergingen. De Utrechtse portiekflat telt vijf lagen en heeft 48 appartementen met energielabel F en G. Mitros hoopt met ‘Flat met Toekomst’ een slimme oplossing te hebben voor de aanpak van zijn naoorlogse systeembouwflats in Utrecht. De aanpak bestaat uit het vervangen van de gevelelementen door isolerende houtskeletelementen. Per dag kunnen de gevels van twee woningen worden gedaan. De woningen worden digitaal ingemeten. Aan de hand van de opgenomen maten worden de nieuwe elementen voorgefabriceerd. Het prefab systeem van Intervam was in de jaren zestig van de vorige eeuw populair, mede door de grote maatvastheid.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels