nieuws

‘Richtlijn houten palen onveilig’

bouwbreed

‘Richtlijn houten palen onveilig’

De toepassing van de F3O/CURnet/SBR-richtlijn ‘Onderzoek en beoordeling van houten paalfunderingen onder gebouwen’ kan leiden tot onveilige situaties. Dat komt doordat kespen en soms excentrische krachten in de palen maatgevend zijn.

Die conclusies trekt Carolina Lantinga in haar masterthesis ‘De resterende draagkracht van bestaande houten funderingspalen.’ Zij houdt vandaag haar afstudeercolloquium aan de faculteit Bouwkunde van de TU Eindhoven, richting Constructief Ontwerpen.

Bij houten palen met kespen (zowel bij de Rotterdamse als bij de Amsterdamse variant) zijn de krachten loodrecht op het horizontale funderingshout maatgevend. Bij houten palen met betonnen oplangers is de F3O/CURnet/SBR-richtlijn wel veilig. Bij voldoende draagkracht hoeft verder niets berekend te worden. Maar als het draagvermogen net voldoet, is het verstandig ook een excentrische normaalkracht te beschouwen. De buiging kan namelijk maatgevend zijn.

Krachtsverdeling

De richtlijn is op veel praktisch onderzoek gebaseerd, merkt Lantinga op. Hij gaat uit van homogeen materiaalgedrag, terwijl de eigenschappen (sterkte en stijfheid) afhankelijk zijn van de mate van aantasting, die geleidelijk verloopt. De zachte schil wordt niet beschouwd, terwijl in werkelijkheid een krachtsverdeling bestaat waarbij de hele doorsnede meedoet. Het resultaat is dat bestaande houten paalfunderingen soms onveilig bevonden worden terwijl zij nog capaciteit bezitten.

Bij onveilige situaties wordt vaak gegrepen naar het volledig vervangen van de fundering, terwijl het technisch ook gedeeltelijk kan. “Het vervangen van kespen bijvoorbeeld is geen gek idee”, aldus Lantinga.

Beter benaderd

Voor haar afstudeerwerk kreeg Lantinga een vijftal paalkoppen van P. van ‘t Wout Vijzel- en Funderingstechnieken uit Waddinxveen, afkomstig van een verbouwing in Amsterdam Oud-Zuid. Daar werden de paalkoppen verwijderd vanwege de uitvoering van een kelderverdieping. “Ik heb ze op de achterbank in de auto gelegd en bij aankomst meteen weer onder water gelegd”, aldus de afstudeerster. De vier grenen en een vuren paalkop heeft zij onderworpen aan berekeningen en experimenten. Het door haar ontwikkelde theoretische model bleek de uitkomsten van de experimenten beter te benaderen dan de F3O/CURnet/SBR-richtlijn. “Meer onderzoek is nodig, met tientallen paalkoppen van verschillende locaties en diepten. Ook omdatde natuurlijke variatie van de eigenschappen van houten palen groot is”, aldus Lantinga.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels