nieuws

‘Scholing sleutel voor winst maken’

bouwbreed Premium

‘Scholing sleutel voor winst maken’

Bouwbedrijven moeten bezuinigen en doen dat ook op uitgaven voor scholing. Tegelijk neemt het belang om bij te blijven juist toe, zien de vier brancheopleidingsorganisaties die de handen ineenslaan. “Investeren in kennis en kunde van mensen is de weg naar winst.”

Met zijn zevenen nemen ze plaats in Hoofddorp om te praten over de nieuwe samenwerking. Ze zijn ervoor afgereisd uit alle delen van Nederland. Terwijl buiten de wind met kracht acht om het gebouw giert, waait binnen een spreekwoordelijke nieuwe wind. “We komen van ver”, klinkt aan de grote tafel van de gastheer, Dura Vermeer. “Er is een geschiedenis van elkaar beconcurreren in plaats van samenwerken. De afgelopen tijd zijn we met onze organisaties bezig geweest om de barrières te slechten. Je ziet nu het resultaat: grootbedrijf, kleinbedrijf, bouwplaatspersoneel, kaderpersoneel, het zit allemaal aan dezelfde tafel.”

De gescheiden werelden en cursussen die soms zelfs meer zouden zijn voortgekomen uit beschikbare financiering vanuit de bedrijfstak dan op de vraag uit de markt, zijn voorbij, zo verzekeren ze. Het devies is nu aanbodgedreven door innovatie en nieuwe inzichten. En dat dan ook nog eens op maat gemaakt voor de klandizie.

Veel scholingsgeld blijft nu liggen omdat, ondanks subsidie, de interesse voor cursussen nogal eens tegenvalt. Dat kan komen door een onvoldoende gevoelde noodzaak bij de doelgroep, de inhoud van het aanbod of de manier waarop het wordt gepresenteerd. De aanbieders trekken ootmoedig de schoen aan voor zover die hen past. Tegelijk willen ze hun naar eigen stellige overtuiging belangrijke boodschap duidelijker onder de aandacht brengen. Die boodschap luidt dat ontwikkeling en scholing de sleutel is voor geslaagd bouwen. Ook zal, is de verwachting, een adequaat (bij)scholingsniveau van de medewerkers meer en meer een rol spelen bij het verkrijgen van opdrachten.

Onbewust onbekwaam

KOB-voorzitter en Bouwend Nederland-bestuurder Ton Borst (van A.C. Borst Bouw) licht toe dat veel mensen in de bouw “onbewust onbekwaam” zijn. “Doordat je nieuwe ontwikkelingen niet meekrijgen, hebben ze ook niet door dat hun eigen vaardigheden achterblijven. Bouwondernemers slagen er daardoor niet in om ze te bewegen de beschikbare scholingsdagen te benutten.” Volgens hem zijn vooral wat oudere bouwplaatsmedewerkers vaak met geen twintig ossen naar een opleiding te slepen. “Omdat ze het nut er niet van inzien. Ze menen er te oud voor te zijn of al voldoende ervaring te hebben.” Maar, weet hij, kennis van vroeger, hoe goed ook, is ontoereikend nu de ontwikkelingen in de bouw in een stroomversnelling raken. “Wanneer je over een tijdje als ervaren medewerker links en rechts wordt ingehaald door leerlingen die allerlei innovatieve technieken wel beheersen, kom je misschien alsnog tot de conclusie dat je misschien toch even moet worden bijgespijkerd.”

De verhoging van de pensioenleeftijd speelt ook een rol. Wie 55 of 60 is, heeft nog een flinke tijd voor de boeg. En moet dus bijblijven. Borst: “Ik hoop dat mijn wens in vervulling gaat, dat als ik een medewerker probeer te stimuleren om naar een opleiding te gaan, hij gaat zeggen: ja graag!”

De vier organisaties dekken samen alle lagen in de uitvoerende de bouw maar daarmee blijkt niet gezegd dat er geen ruimte overblijft voor andere partijen, of voor samenwerking daarmee, onderstrepen de vertegenwoordigers van het viertal. Zo zijn er specialistische opleidingen, bijvoorbeeld voor de infra en machinisten (SOMA) en voor betonontwerp en -techniek (Betonvereniging). Ook Bouwradius timmert met een eigen aanbod aan de weg. Verder zijn er nog tal van andere kleine aanbieders met elk hun specialisme. Bovendien, klinkt ook: concurrentie houdt iedereen scherp.

De verzamelde opleiders onderstrepen dat ze gerust buiten de deur zullen kijken voor aanvullend aanbod wanneer dat zo uitkomt. In bouwtermen geformuleerd: “Het kan best zijn dat we een neven- onderaannemer moeten inschakelen.”

Bouw- en Inframensen en BouwCirkel demonstreren ook dat hun kringen verre van gesloten zijn. Opleidingsbedrijven die niet zijn aangesloten bij Bouwmensen delen ook in bijscholingsactiviteiten, onderstrepen de vertegenwoordigers van Bouwmensen en BouwCirkel. Dat gebeurt alleen al omdat BouwCirkel een samenwerkingsverband is van zowel Bouwmensen als diverse andere opleidingsbedrijven.

Uitstraling

Belangrijk om aan goed opgeleide mensen te komen is ook dat de branche werkt aan zijn uitstraling, is de overtuiging, en samen willen de opleiders daaraan werken. Door ruimte te geven aan innovatie en te zorgen voor zowel constructieve als personele veiligheid, zodat de bouw vaker positief in plaats van negatief in het nieuws komt. Zoals Swanette Jukema van Bouw- en Inframensen stelt: “We moeten een branche krijgen met meer schwung. Er gebeuren fantastische dingen maar de buitenwereld ziet het niet en onze eigen mensen eigenlijk ook nog niet.”

Opleidingsbedrijven werken samen in een corporatie, Bouwmensen genaamd. Voor de samenwerking van Bouwmensen, BouwCirkel, BOB en KOB in de vorm van een gezamenlijke loket wordt nog een naam gezocht.

Meer aandacht voor scholing

Een belangrijke boodschap ligt in het verschiet en brancheboegbeeld Maxime Verhagen zal hem enthousiast verwoorden, kondigen de vertegenwoordigers van BOB, KOB, BouwCirkel en Bouw- en Inframensen aan. Deze boodschap luidt: “Werkgevers, ga investeren in je mensen.” De vier genoemde opleiders zijn nauw gelieerd aan de grootste brancheorganisatie in de bouw. Ze zijn gelanceerd en worden aangestuurd vanuit Bouwend Nederland en/of zijn rechtsvoorgangers. KOB-voorzitter Ton Borst en BOB-voorzitter Koene Talsma zitten eveneens in het bestuur van Bouwend Nederland. Alle opleidingsinstituten in de bouw beleven momenteel een lastige tijd, net als de bedrijven, maar tegelijk is er in de sector nog altijd een omzet van 50 miljard euro per jaar. Bovendien verkeren de technische en organisatorische ontwikkelingen in een stroomversnelling. Reden temeer voor de overtuiging dat scholing moet. “We moeten meer dan ooit onze verantwoordelijkheid nemen om mensen goed opgeleid aan het werk te zetten”, zo formuleert Talsma. Hij ziet dat bedrijven die op zijn minst een beetje winst maken, dat mede doen omdat ze blijven investeren in scholing. “Bedrijven die momenteel minder omzet draaien maar wel visie hebben, gaan dit doen. “Ook zij pakken innovatie en opleiding op. Ze weten dat dit de sleutel is voor een beter resultaat in de toekomst.”

Reageer op dit artikel