nieuws

Leegstand motor stedelijke ontwikkeling

bouwbreed

Leegstand kan goed functioneren als motor van stedelijke ontwikkeling. Daarbij zijn niet alleen de gebouwen van belang maar tellen ook het karakter van omgeving en samenhang.

‘Ga in het gebied op zoek naar de dominante probleemeigenaren’

“ We hebben maar gebouwd. Een echte analyse waar behoefte aan was, zat daar niet onder. Anders hadden we nu niet zo veel leegstand gehad terwijl iedereen met zijn iPad op het strand ligt.”

Robert Kroon werkte bij Arcadis ruim twintig jaar vooral in de sectoren infra en mobiliteit. Sinds de zomer van 2012 is hij (met de invalshoek innovatie) programmadirecteur businessontwikkeling – hij kijkt daardoor fris tegen vastgoed aan.

“Een jaar geleden ben ik met de bril van leegstand naar vastgoed gaan kijken. Waarom maken we geen analyses van de kenmerken van een gebied? Gedetailleerd. In welke beroepen is de bevolking werkzaam, hoe zijn de demografische ontwikkelingen? Je hoeft in een wijk geen school neer te zetten als de bevolking over tien jaar bestaat uit zeventigplussers. Tot mijn verrassing bestonden de analyses op het niveau zoals wij ze nu maken nog niet.”

Neem het voorbeeld van Zoetermeer. Hoe zo’n stad vooruit te helpen? Concurreren met de dichtbijgelegen universiteitssteden Leiden en Delft heeft geen zin. Steek de energie liever in voorzieningen voor studenten die een middelbare beroepsopleiding volgen. Zoetermeer heeft immers veel maakindustrie. Aantrekkelijke combinaties zijn daardoor mogelijk van opleiding, werk en onderdak. Leegstand helpt bij het uitzetten van een nieuwe koers.

“Op de Rotterdamse werf RDM werden duikboten gebouwd. Failliet. Veel mensen uit de wijk Heijplaat werkten op de werf. Kwamen zonder werk. Als je vanuit het perspectief van een groter gebied dan naar dat ene gebouw kijkt, ontstaan oplossingen. Het hoofdgebouw van de RDM is multifunctioneel geworden. Met een congrescentrum, onderwijsinstellingen en bedrijven. Het gebouw is opgeknapt met mensen uit de wijk.”

Samenspraak

Of een ander voorbeeld. Een deelge meente in Londen vroeg om een nieuw gebouw om zeventien verouderde kantoren te vervangen. Als oplossing kwam uit de bus om de mensen in twee bestaande gebouwen te vestigen en de overige panden met een opknapbeurt geschikt te maken voor verkoop.

Aan de Rotterdamse Boompjes, dicht bij station Blaak, werd gewikt en gewogen over de bebouwing. In samenspraak met en ook voor de wijk. Een paar verdiepingen worden nu benut als zorghotel, op de hoogste etage streek onderwijs neer. Misschien komt er een lunchroom. Voor de werkleertrajecten hoeven de jongeren de deur niet meer uit.

Wie wijken of steden beter wil leren kennen, moet het gebied in trekken. Het gesprek aangaan met sleutelfiguren en de daadwerkelijke bewoners. Overweeg crowdsourcing , via sociale media is een schat aan informatie en betrokkenheid binnen te halen. Kroon: “Ga in het gebied op zoek naar de dominante probleemeigenaren. Zij hebben een duidelijk belang. Met hun problemen lopen ze liever niet te koop. De probleemeigenaren zijn vaak beter af als ze samenwerken in plaats van op eigen houtje een oplossing te vinden. De problemen waarmee de zorgsector worstelt zijn naar mijn idee groter dan de moeilijkheden in het commercieel vastgoed. Die laatste groep denkt het wel uit te zingen of is via statuten gebonden aan specifieke bestemmingen. In de zorg daarentegen is de druk heel groot en wordt uit bezuinigingsoverwegingen snel gekeken naar het afstoten van panden. De vernieuwing van een wijk komt het beste van de grond als iemand met een duidelijk belangopstaat en het initiatief neemt.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels