nieuws

Orderboek bouw stabiel, maar broos

bouwbreed

De orderportefeuilles in de bouw zijn in het eerste kwartaal van dit jaar licht gestegen. Toch klaagt nog altijd 43 procent over een tekort aan werk.

43 procent klaagt over gebrek aan werk

Dat blijkt uit de meest recente conjunctuurmeting die het Economisch Instituut voor de Bouw gisteren heeft gepubliceerd.

Eind april lag de gemiddelde werkvoorraad in de bouwsector op 5,9 maanden. Dat is 0,2 maand meer dan in januari. Afgelopen twee maanden was sprake van stabilisatie in de orderportefeuille.

Alleen in de gww-sector deden zich fluctuaties voor. Zo daalde in de wegenbouw de werkvoorraad in april met vier tiende maand tot 5,3 maanden. In de grond- en waterbouw nam de hoeveelheid werk op de plank juist t oe, met drie tiende maand naar 6,5 maanden.

De stabiele orderportefeuilles betekenen niet dat de bouwbedrijven vol goede moed vooruit kunnen kijken. Nog altijd 43 procent van de ondernemingen zegt te kampen met een gebrek aan opdrachten. Onder wegenbouwers is dat zelfs 58 procent.

Ruim 20 procent van de bouwers sluit nieuwe ontslagrondes dan ook niet uit. De nood is wat dat betreft het hoogst bij de woningbouwers. Bijna 30 procent van hen verwacht een krimp van het personeelsbestand. Overigens lag dit percentage precies een jaar geleden nog hoger: 37 procent.

Het doorvoeren van prijsverhogingen acht meer dan 90 procent van de hoofdaannemers onder de huidige marktomstandigheden niet verstandig. Alleen in de grond- en waterbouw overweegt een kleine minderheid van de bedrijven – 18 procent – zijn prijzen naar boven toe aan te passen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels