nieuws

‘Management constructieve risico’s nodig’

bouwbreed

Hij heeft een adviesbureau opgericht en neemt deel aan een internationale werkgroep ‘forensic engineering’. Bovendien promoveert Karel Terwel vandaag op het onderwerp ‘constructieve veiligheid’. ZIjn advies: meer constructief risicomanagement.

“Sommige ingenieurs stellen voor om de constructieve veiligheid te vergroten door invoering van een veiligheidsfactor voor menselijke fouten”, aldus Karel Terwel in gesprek met Cobouw.“Maar ook met zo’n factor zouden de meeste instortingen hebben plaatsgevonden. Zelfs een bunker kan bezwijken. Ik zie daarom meer in constructief risicomanagement. Bouwpartners moeten op verschillende momenten om de tafel zitten en overleggen wat de constructieve risico’s zijn van het proces en het product.” Hij overhandigt een A4’tje met negen aanbevelingen, gebaseerd op zijn wetenschappelijke onderzoek (zie kader op pagina 1, red.)

Uiteindelijk heeft een instorting altijd een technische oorzaak. “De belasting is dan groter dan de weerstand”, legt Terwel uit. “Maar het heeft meestal ook te maken met het organisatorische systeem. Met mensen die niet kundig genoeg zijn of te weinig tijd krijgen. Mensen willen hun werk graag goed doen, toch worden fouten gemaakt. Doen zij dat bewust? Of komt het door de neiging om te kiezen voor gemak of persoonlijk gewin? Ik vermoed dat veel oorzaken overeenkomen met de zeven hoofdzonden uit de katholieke kerk.” In de stellingen bij zijn proefschrift noemt Terwel ‘hebzucht, luiheid en trots’.

Volledige instortingen komen bijna niet voor in Nederland. “Bovendien hebben we vaak geluk, zoals bij de instorting van de toneeltoren in Hoorn en het dak van de parkeergarage van hotel Van der Valk in Tiel. Het aantal slachtoffers door constructief falen blijft beperkt, gemiddeld één per jaar tijdens de gebruiksfase en vijf tijdens de uitvoering. Of dat de voorzienigheid is? Daar doe ik geen uitspraak over. Meestal waarschuwen constructies voordat ze instorten. Ze bewegen, scheuren of kraken. Het is zaak om zichtbare schade goed te interpreteren, maar je weet nooit wat je niet ziet. Ook een gebouw dat al veel jaren overeind staat, kan instorten.”

Hoewel het aantal slachtoffers beperkt is gebleven, komt constructieve onveiligheid wel veel voor. “In vijftien jaar tijd heeft Cobouw vierhonderd schades door constructief falen gemeld. Kleine en grote schades, in de ontwerp-, uitvoerings- en gebruiksfase. Dijken en wegen niet meegenomen, kademuren en kunstwerken wel. Dat kan niet meer zijn dan een klein topje van de ijsberg. De faalkosten in de bouw worden geschat op 10 procent van 50 miljard omzet, dus 5 miljard euro. De constructieve faalkosten worden geschat op 1 tot 2 procent van de omzet, dat is 500 miljoen tot 1 miljard euro per jaar”, rekent Terwel voor. “Constructieve veiligheid is dus een relevant onderwerp.”

De veiligheidsfactoren die constructeurs gebruiken bij hun berekeningen zijn best groot, vindt de promovendus. “Als constructeurs zijn we het erover eens dat we die factoren moeten aanhouden. Maar zij kunnen constructieve schade niet altijd voorkomen. Wijzigingen tijdens het proces zijn een bron van fouten die tot falen leiden. Zeker wijzigingen in een laat stadium. Dan wordt vaak niet het hele rondje gemaakt, worden niet alle consequenties bekeken. Concurrent engineering vereist stringente controles, een hoofdconstructeur en een iteratief proces. Lean engineering vraagt om een strakke planning en bewaking van controlemomenten.”

“De huidige bouw is nog van het ‘fixen’. Past het niet, dan doen we een stukje eraf”, aldus Terwel. Dat kan goed gaan zolang de constructie voldoende vergevingsgezind is. Naarmate constructeurs de grenzen van de constructieve mogelijkheden opzoeken, neemt het risico toe. “Ik heb ook gekeken bij de procesindustrie. Daar is veiligheid compleet geïntegreerd. Dat begint, zeker bij de grote aannemers, ook in de bouw binnen te sijpelen.” Terwel vindt dat een positieve ontwikkeling. “Niet alleen om instortingen te voorkomen, maar ook voor de winstmarges en voor de mensen. Die hebben meer bevrediging in hun werk als ze een mooie en degelijke constructie maken.”

Schommelstoel

Karel Terwel vertelt vanuit de schommelstoel in zijn werkkamer over zijn loopbaan. De deur gaat dicht, vanwege de geluiden uit de Stevin II-hal, waarin een opstelling voor het beproeven van lange stalen buizen wordt opgebouwd. “Ik speelde graag met lego. Vond natuurkunde en wiskunde leuk. Mijn vader zei: leer maar een echt vak. Ik studeerde van 1994 tot 2001 civiele techniek aan de TU Delft. De studie beviel mij meteen. Ik heb veel te danken aan hoogleraar Jan Vambersky en aan László Vákár van Holland Rail Consult. Vambersky leerde mij: zorg dat je gecontroleerd wordt en Vákár bracht mij liefde voor het vak bij.”

“Tijdens mijn studie leek staal het makkelijkst, omdat de constructie lijkt op een mechanicaschema. Maar ik heb ook beton leren waarderen. Hout is niet zo gebruikelijk voor grote gebouwen. Maar met alle drie materialen zijn veilige constructies te maken. Ook heel slanke. Ik heb de indruk dat beton de krachten beter herverdeelt en meer waarschuwt voordat de constructie faalt”, aldus Terwel. Hij werkte van 2001 tot 2007 als constructeur bij Zonneveld Ingenieurs. Met de focus op hoogbouw. Hij was onder meer betrokken bij het Muziekpaleis in Utrecht en de Jubi-torens in Den Haag. “Bij die projecten is goed gekeken naar constructieve veiligheid.”

Terwel wilde niet alleen maar constructeur blijven. Hij solliciteerde als docent en onderzoeker bij de faculteit CiTG van de TU Delft. Als voorwaarde werd gesteld dat hij zou gaan promoveren. “Ik heb de constructieve aspecten van drijvende gebouwen als onderwerp overwogen. Maar ik vind proces en organisatie ook boeiend”, aldus Terwel. “Ook in het onderwijs. De studenten moeten in zeven weken tijd een hoog gebouw ontwerpen. Ik wil op een A4’tje hun uitgangspunten, schema’s en motivatie zien. Niet alleen pagina’s met berekeningen uit een computer. Ik vind het leuk als studenten met verrassende voorstellen komen.”

Negen Regels van Terwel

1. Houd het simpel

2. Stel voldoende kundige mensen en middelen beschikbaar, in relatie tot de moeilijkheid van het project

3. Maak een volledige lijst van taken en verantwoordelijkheden, beleg die

4. Zorg voor een kundige hoofdconstructeur en maak deze bevoegd en verantwoordelijk

5. Streef repeterende vormen van samenwerking na

6. Ontwikkel veiligheidsbewustzijn

7. Zorg voor effectieve uitwisseling van informatie en kennis

8. Implementeer effectief risicomanagement van proces en product, baseer daar de controle op

9. Ondersteun nationale initiatieven op het gebied van constructieve veiligheid en neem die waar mogelijk contractueel op.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels