nieuws

Koppijndossier biedt kansen

bouwbreed

Kleinschaligheid, herbestemming en lokaal maatwerk zijn sleutelwoorden binnen de huidige ruimtelijke ordening. Een nieuwe manier van werken is noodzakelijk geworden. Dat vraagt veel van de participanten. Mario Silvester

T r ots kondigde de Utrechtse gedeputeerde Remco van Lunteren deze maand zijn werkwijze aan om het kantorenaanbod in zijn provincie terug te dringen door leegstaand vastgoed een nieuwe bestemming te geven en bouwplannen te schrappen. Voornemens rondom kantoorlocaties liet hij inventariseren en de uitkomsten daarvan worden gebruikt om met gemeenten in gesprek te gaan. Waarna de provincie per locatie definitieve plannen zal maken, vertelde hij in deze krant (4 februari). Een week later kwam de regio Arnhem Nijmegen uit de kast met experimenten waarbij uitgebreide data-analyses worden ingezet om woningbouwprogramma’s te realiseren ( Cobouw , 12 februari). In de Haagse Schilderswijk werd kort daarop het grootschalige stadsvernieuwingsproces ten grave gedragen en werden stedenbouwkundigen gewezen op hun rol in de zich vernieuwende stadsvernieuwing. Een proces waarbij behoud en hergebruik belangrijker wordt dan sloop en nieuwbouw. Tijdens de bijeenkomst werd duidelijk dat het afwerpen van de oude huid niet zonder smart verloopt. Al zoekend naar een nieuwe rol, botsen verschillende participanten geregeld met elkaar, constateerden de deelnemers (Cobouw, 14 februari). Vanuit die invalshoek bezien, lijkt de hervorming van de ruimtelijke ordening vooral een koppijndossier.

Ondoordacht slopen

Toch is de situatie eerder hoopgevend dan hopeloos. Doordat meer bestaand vastgoed een nieuwe bestemming krijgt, is ondoordacht slopen. Leegstaande bedrijfsruimten, kantoren en monumenten blijken soms ongekende mogelijkheden te bieden voor woningen en winkels. En hoe moeilijk het ook is woningbouwplannen te realiseren die nauwgezet aansluiten op de behoefte, de huizen die dat proces oplevert, zijn straks beter te slijten. Laten we dat alles overziend niet vergeten dat ook grootschalige ruimtelijke ordeningsprocessen uit het verleden niet zonder slag of stoot verliepen. Zo kreeg stadsvernieuwing in de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw pas gestalte nadat buurtbewoners aandrongen op betere huisvesting. Het duurde lang voordat ze werden gehoord en het vereiste veel werk. Niettemin vond hun roep uiteindelijk weerklank met als gevolg een radicale aanpak van veelal sterk verouderde stadsdelen. Zoals reeds gesignaleerd, sloeg de balans soms door en werden niet alleen krotten maar ook binnenstedelijke monumenten met de grond gelijk gemaakt. Met de kleinschalige aanpak die nu gestalte krijgt, zullen dit soort pijnlijke missers worden voorkomen. Bovendien: hoe meer bescheiden initiatieven op elkaar aansluiten, hoe groter de verbeteringen in de ruimtelijke ordening gestalte krijgen. Het koppijndossier biedt kortom meer kansen dan bedreigingen.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels