nieuws

‘De Markthal is als een ruwe steen in de Rotterdamse vijver’

bouwbreed

Wie drie jaar geleden de duikers hoofdschuddend zag opduiken die op 17 meter diepte wapeningskorven van parkeerkelder en betonboog in elkaar knoopten, vroeg zich onwillekeurig af wie zoiets complex bedacht. Het antwoord: MVRDV.

Het befaamde Rotterdamse architectenbureau lijkt technisch geen grenzen te zien en schept wereldwijd onbekommerd de ene na de andere buitenissige constructie. “Als je ook een maanlanding kunt maken, wat stelt een markthal dan voor?” lacht architect Winy Maas opgeruimd. “En die vierlaagse parkeergarage eronder, die kun je toch gewoon zien als een trekbalk om de boogconstructie bij elkaar te houden?”

De ontwerpopgave aan de Binnenrotte stelde de combinatie van MVRDV en ontwikkelaar Provast voor verschillende uitdagingen. Hoe combineer je, zoals gemeente Rotterdam graag wilde, een markthal met een garage en woningen? En, als je ze integreert, hoe is een zwaar betonpakket op een diepe parkeerkelder technisch realiseerbaar in een instabiele ondergrond met metro- en treintunnels? MVRDV moest bovendien de losse eindjes zien te verknopen van een versnipperde stedenbouwkundige omgeving rond de kale Binnenrotte. Maas: “Het was duidelijk dat dat plein wel een kloeke jongen kon gebruiken.” Zeven jaar na de eerste ontwerpschets blijkt dat de techniek niet het probleem was, het echte touwtrekken ging om de financiën. Al schetsend, met constructeur en kostendeskundigen aan tafel, ontpopte de Markthal zich van een soort kathedraal met openingen in alle windrichtingen tot een beheersbaar concept. Twee rechte zijwanden met een platte plaat erop – allemaal gevuld met woningen – was MVRDV te saai. Het ontwerpteam loste de Gordiaanse knoop op met een boogvorm gevuld met woningen. Het Laurenskwartier kreeg samenhang dankzij een hipmakend icoon. “Eigenlijk een vies woord”, zegt Maas. “Maar hier konden we laten zien dat een icoon technisch en architectonisch innovatief kan zijn. In dit geval: door met woningen een markthal te maken.” Bijzonder voor Rotterdam is dat verdichting eens niet gebeurt met hoge torens op een kluitje. Maas: “Verdichting hoeft niet claustrofobisch te zijn.”

Stedenbouwkundig verbindt de langgerekte boog de kubuswoningen (1984) aan de zuidzijde met wederopbouwpanden aan de noordkant. “Je zou de markthal kunnen zien als een ode aan de w ederopbouwarchitectuur, een soort goeie nieuwe Maaskant, een architect die wij zeer bewonderen. De schaal, stoerheid en urbaniteit. Het durven toepassen van herhaling”, zegt Maas. De verfijnde repetitie van het Groothandelsgebouw is terug te zien in de Markthalgevel.

De uitbundige versiering met een kunstwerk met 300 dpi resolutie had Huig Maaskant (1907-1977) nooit gekozen. MVRDV eigenlijk ook niet, de binnengevel zou een gigantisch led-scherm worden, om – heel praktisch – “het boodschappenlijstje van marktbezoekers op te projecteren”. Dat bleek onbetaalbaar, dus werd het een beschildering op aluminium, waarvoor MVRDV de ontwikkelaar naar de Sixtijnse kapel in Rome stuurde. Nog een veer die projectarchitect Anton Wubben (MVRDV) en uitvoerend bureau Inbo Architecten bij de uitwerking moesten laten, was een glazen restaurant in de kop. Daardoor bleef wel ruimte vrij voor bevestiging van de kabelnetgevel, maar er was geen geld voor ramen die open en dicht kunnen. Voordeliger bleek ook het dichtbouwen van het dak met een ‘superondersteuningsconstructie’ in plaats van met tunnelkisten naar elkaar toe. Het leverde weer besparingen op, die ruimte vrijmaakten voor betegeling van de buitengevel met natuursteen.

Al was niet elke wens haalbaar, MVRDV is toch laaiend enthousiast over de “ruwe steen in de Rotterdamse vijver”. “In de eerste plaats omdat het tijd werd voor een Rotterdams project, ik had hier alleen nog maar eendakkapel gebouwd”, grapt Maas. “Met de Markthal maken we stad, maar als je erin staat, ervaar je vooral ruimte. Dat is de kunst: er tegelijk zijn en niet zijn. Een prachtige paradox.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels