nieuws

BIM rekent af met het ‘oude bouwen’

bouwbreed

De installatiebranche zet vaart achter BIM, het integraal samenwerken binnen een Bouw Informatie Model. Voor de bedrijven dringt de tijd, is de overtuiging binnen de sector. “Het oude bouwen is overleden”.

Met die oneliner schudde Theo Ockhuijsen van OTIB (Opleidings- en ontwikkelingsfonds voor het Technisch Installatiebedrijf) zijn gehoor gisteren wakker in de VSK Arena. Hij is ervan overtuigd d at steeds meer opdrachtgevers het werken in een Bouw Informatie Model gaan voorschrijven. De Rijksgebouwendienst trapte ruim twee jaar geleden al af. De dienst kondigde toen aan bij geïntegreerde contracten BIM te gaan verplichten. Wie niet bimt, zou bij opdrachten buiten de boot vallen.

Tweeënhalf jaar later gaat het allemaal nog niet erg hard, moest Pieter van den Eijnden, directeur van de Stichting Marktwerking Installatietechniek (SMI), constateren. Hierbij ging hij onder meer af op recente onderzoeksresultaten over de invoering van BIM bij de bedrijven. Zo zou ongeveer 7 procent van de installatiebedrijven momenteel BIM gebruiken. “Het gaat langzaam, te veel bedrijven leunen achterover. Terwijl ik zie dat bij veel aanbestedingen referentieprojecten met BIM worden gevraagd.”

Ockhuijsen ziet ook dat de bouw- en installatiesector met een ander type opdrachtgever te maken krijgt. “Die wil bijvoorbeeld steeds vaker weten hoe zijn gebouw zich door de jaren heen gaat gedragen. BIM is een goed instrument om beheer en onderhoud goed te regelen.” Om de implementatie van BIM in de bedrijven te bevorderen en te begeleiden is OTIB recent gestart met een integrale BIM-leergang. Die bestaat uit een inspiratiedag en twee praktijkgerichte workshops. Hiervoor hebben zich volgens Ockhuijsen al vijftien bedrijven aangemeld.

Absolute voorwaarde voor een goed gebruik van een Bouw Informatie Model is uniformiteit. Alle partijen die op de bouwplaats met BIM werken, moeten ondanks het bestaan van verschillende softwareplatforms dezelfde ‘taal’ spreken. Daarvoor is een plan van aanpak gepresenteerd die door brancheorganisatie Uneto-VNI als een ‘doorbraak’ wordt gezien. De bestaande classificatiestandaard ETIM (Europees Technisch Informatie Model) wordt zodanig aangepast dat fabrikanten hun 3D-productinformatie in één en hetzelfde formaat kunnen aanleveren. Nu doen zij dat nog voor de afzonderlijke bibliotheken van de diverse softwareleveranciers en dat kost veel tijd en geld.

Communiceren

Bovendien kunnen de softwareprogramma’s veelal niet met elkaar communiceren. Dat kan straks wel, belooft Uneto-VNI, dat in het project samenwerkt met Otib, kennisinstituut ISSO en TVVL, platform voor mens en techniek. Het uiteindelijke doel van de fabrikanten gaat overigens nog een stap verder: zij willen uiteindelijk toe naar één centrale 3D-productenbibliotheek.

Uiteindelijk moeten de installateurs binnen BIM ook nog eens kunnen communiceren met de partijen uit de bouw, die hun eigen objectenbibliotheken ontwikkelen. Directeur Erik van Engelen van Uneto-VNI riep die “voor ons wezenlijke” partner op om nu snel te komen tot echte samenwerking op het gebied van BIM.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels