nieuws

Miljoen vrachtwagens explosieven

bouwbreed

Rustig land, Nederland. Het militaire geweld lijkt zich in beide wereldoorlogen vooral elders te hebben afgespeeld. Niet waar. Op Nederland is in de jaren ’40–’45 zo’n 25 miljard kilo aan explosieven uitgestort.

“Zo’n 10 tot 15 procent van de bommen en granaten is niet geëxplodeerd. Natuurlijk werd heel wat in en kort na de oorlog opgeruimd ”, zegt Dirk van de Vleuten van Bodac. “Maar nog steeds treffen we veel explosieven aan. Al naar gelang de grondslag zijn ze dieper in de bodem doorgedrongen. Op de zandgrond van Volkel wellicht anderhalf tot drie meter. In de klei van Werkendam zes tot zeven meter. En in het Rotterdamse veen tot wel vijftien meter.”

Een bommenlast van 25 miljard kilo. Zeg maar 1,3 miljoen volgeladen vrachtwagens van twintig ton. Geen oorlog in Nederland? Op ons land – gunstig gelegen op de route Engeland – Duitsland – stortten bijna 5700 vliegtuigen neer. Niet zelden namen ze de bemanning en de munitie mee in de diepte.

Inspectie SWZ van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid trof vorig jaar op twaalf locaties van bouwprojecten zware explosieven aan. Plekken waar werd gebaggerd, gegraven en geheid. Slechts in een enkel geval was het project door de aannemer stilgelegd. Meestal greep de inspecteur in. In alle gevallen was bekend dat ter plekke in het verleden bombardementen waren uitgevoerd. Maar vooraf het verplichte nader onderzoek uitvoeren? Ho maar.

Van de Vleuten: “In België zijn dit jaar in de buurt van Ieper twee bouwvakkers overleden. In de Duitse stad Euskirchen vloog een kraanmachinist de lucht in toen hij op een bom kneep. In een straal van honderden meters werden auto’s weggeblazen en rinkelden de ruiten. Nog een geluk dat het explosief geen brisantbom was.”

Sinds 1999 zijn de bommen en granaten in de bodem niet meer het exclusieve terrein van Defensies Explosieven Opruimingsdienst. Het opsporen en veiligstellen werd vrijgegeven aan de markt. De Vereniging Explosieven Opruiming telt inmiddels twaalf bedrijven als lid. Onder hen de Brabantse specialist Bodac, met dertig medewerkers en 5 miljoen omzet een marktleider in de sector. Het bedrijf maakt onderdeel uit van bouwgroep Den Ouden uit Schijndel.

“Bij de EOD was het speuren naar explosieven een ondergeschoven kindje. Het bedrijfsleven is in het gat gesprongen, vaak met hulp van mensen van Defensie”, zegt Van de Vleuten.

Tot 1999 werd weinig preventief gezocht. De kijk op de explosieven was in eerste instantie vooral vanuit het perspectief van de openbare veiligheid, waarvoor de burgemeesters verantwoordelijk zijn. Gaandeweg echter kreeg de arbowet meer gewicht. Wie op potentieel gevaarlijke plekken de grond in gaat, moet wel zorgen dat zijn medewerkers veilig zijn.

Van de Vleuten: “Aannemers die in de grond gaan roeren, moeten bewijzen dat hun mensen veilig kunnen werken. Vanuit de arbowet horen opdrachtgevers aan te tonen of de grond verdacht is of niet. De taak wordt niet altijd even serieus genomen. Soms uit onwetendheid. Of in Nederland vaak ongelukken gebeuren? Meestal net niet. Maar dan nog kan de schade groot zijn. De arbeidsinspectie legt het werk gewoon stil. De gedwongen aanpassing van de bouwstroom kan veel geld kosten.”

Wrakken bommenwerpers

Twee keer dit jaar ontving Bodac de opdracht een vliegtuigwrak op te graven. Voor de gemeente Heerde borgen de Brabanders de restanten van een in april 1943 neergestorte Halifax-bommenwerper. Dit najaar zette Bodac in Werkendam de schouders onder het opdiepen van een neergeschoten Lancaster. In het toestel bevonden zich nog de stoffelijke resten van boordschutter John Keogh. Van de bommenwerper met een spanwijdte van dertig meter kwam tien ton materiaal boven de grond. Een van de – tijdens de vlucht per uur 600 liter brandstof slurpende – motoren was 7,5 meter de klei ingeschoten. Diepwelbemaling was nodig om de bouwkuip veilig te kunnen ontgraven.

Stap voor stap veilig

Bodac behoort tot de bedrijven die zowel gecertificeerd zijn voor de detectie als het veiligstellen van explosieven. Startpunt is steeds historisch onderzoek, gebaseerd op binnenlandse en buitenlandse archieven. Waar zijn bombardementen uitgevoerd, waar vliegtuigen neergestort? Van verdachte plaatsen wordt een horizontale en verticale risicokaart gemaakt, rekening houdend met de draagkracht van de bodem.Tweede stap is het maken van een projectgebonden risicoanalyse. Hoe zijn de gevaren te beheersen? Misschien wel door de bouwplannen aan te passen. Of in plaats van heien trillingvrije schroefpalen te gebruiken.Voor de detectie van explosieven (stap drie) worden afwijkingen ten opzichte van het aardmagnetisch veld gemeten, soms grondradar ingezet of met de lans sonderingen uitgevoerd. Daarna volgt het proces van interpreteren, uitzetten en benaderen. Laagsgewijs wordt ontgraven, te beginnen met de hand. De graafmachine heeft gepantserde ruiten. Het definitief onschadelijk maken van de projectielen is voorbehouden aan de EOD.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels