nieuws

‘Onze positie blijft hetzelfde’

bouwbreed

< Vervolg van pagina 1 T ot vóór 2014 vertegenwoordigde het NVTB 20 miljard euro aan jaaromzet, 500 producenten en twaalf branches. Twee brancheverenigingen zegden hun lidmaatschap op: Probasys Benelux (Professionele Bitumen AfdichtingSystemen) en Bouwen met Staal. Wat betekent dit voor de lobby richting Den Haag en voor Fraanje zelf? Een interview. Wat vindt u […]

< Vervolg van pagina 1

T ot vóór 2014 vertegenwoordigde het NVTB 20 miljard euro aan jaaromzet, 500 producenten en twaalf branches. Twee brancheverenigingen zegden hun lidmaatschap op: Probasys Benelux (Professionele Bitumen AfdichtingSystemen) en Bouwen met Staal. Wat betekent dit voor de lobby richting Den Haag en voor Fraanje zelf? Een interview.

Wat vindt u van het vertrek?

“Dat betreuren wij natuurlijk zeer. Het NVTB streeft een zo breed mogelijk draagvlak na. De aanhoudende crisis eist zijn tol. Bedrijven hebben te maken met een halvering van de omzet en soms ook van het personeel. Bijdragen van bedrijven aan brancheclubs zijn vaak weer gekoppeld aan die omzet. Met name Bouwen met Staal werd geconfronteerd met minder inkomsten uit de staalsector. Bij Probasys is het probleem dat er minder leden zijn dan voorheen die in een krimpende markt meer contributie moeten betalen. Toeleveranciers zijn gewoon genoodzaakt om drastische maatregelen te nemen.”

Klopt het dat u ongeveer 40.000 euro aan inkomsten mist door het vertrek?

“Nee, maar de opbrengst aan contributie daalt vanzelfsprekend. Hoeveel houd ik liever voor me.”

Staal is eruit. Bitumen ook. Hout zat er nooit bij. Is uw positie richting Den Haag niet ernstig verzwakt?

“Onze positie blijft hetzelfde. Het gaat er natuurlijk om wat je doet, wat je uitstraalt. Wij willen deel van de oplossing zijn. Wij willen gegarandeerde prestaties leveren op de woningmarkt, samenwerken en de klant centraal stellen. Met een open en positieve instelling kun je het verschil maken. Overigens zijn we met de staalsector in gesprek hoe zij toch aangehaakt kunnen blijven. De wil is er aan beide kanten.”

Zou het lobbytechnisch gezien niet goed zijn als hout, en staal en beton de krachten bundelen?

“Absoluut. Natuurlijk trekken we in de huidige situatie ook al met elkaar op, maar ik ben ervan overtuigd dat we samen sterker staan en meer kunnen bereiken.”

U verliest twee belangrijke leden. Trekt u dat zich na twee jaar directeurschap persoonlijk aan?

“Nee. Ik heet natuurlijk liever leden welkom en zal de contacten met beide organisaties onderhouden. Juist in deze moeilijke tijden moet je er staan als representant van onze mooie en hoogwaardige sector. Ik ben en blijf de vertegenwoordiger van de Nederlandse bouwindustrie en zie de toekomst voor de Nederlandse bouwtoelevering met vertrouwen tegemoet. Al decennialang neemt de toegevoegde waarde van de bouwindustrie autonoom toe. Het bouwen zelf verplaatst zich steeds meer naar de fabriek, op locatie wordt gemonteerd en geassembleerd. Bouwen kan slimmer, sneller, duurzamer en wordt beter betaalbaar als onze bedrijven worden betrokken als partner. Steeds meer opdrachtgevers en klanten beseffen dit en steeds vaker werken we optimaal samen met ontwerpers en bouwers.”

Gaat u dingen anders doen?

“Elke goede brancheorganisatie is voortdurend in beweging. Samen proberen we de bouwcrisis zo goed mogelijk het hoofd te bieden. Het NVTB zet zich vooral in richting markt en overheid om te laten zien dat er duurzame en innovatieve oplossingen zijn voor de woning- en utiliteitsmarkt. Ook in de infra kunnen onze bedrijven aantrekkelijke totaaloplossingen bieden.”

Bent u bang voor een verdere leegloop?

“Nee. We hebben een groot en goed functionerend netwerk. Het zijn gewoon niet de meest eenvoudige tijden voor branches en bedrijven. Door de crisis kijken bedrijven geheel terecht naar onze toegevoegde waarde. Die is niet altijd direct zichtbaar in de omzet van morgen. Dat maakt het soms lastig.”

‘Geld was de hoofdreden’

“Waarom we uit het NVTB zijn gestapt? Om de financiën. Dat is de hoofdreden”, reageert Ralph Hamerlinck namens Bouwen met Staal. Een stichting, benadrukt hij. “Daarom waren we eigenlijk al een vreemde eend in de bijt. Wij vertegenwoordigden de brancheverenigingen voor staalhandelaren en constructiebedrijven.”Het vertrek zat er al langer aan te komen, zegt Hamerlinck. “Hoewel we goed hebben samengewerkt met onder meer de betonwereld, voelde een aantal van onze leden zich de laatste jaren minder op zijn plaats bij het NVTB. We zaten er omdat het NVTB goed vertegenwoordigd was in NEN-commissies. Naar ons gevoel werd dat de laatste tijd minder.”Bouwen met Staal was vijftien jaar lid van het verbond voor toeleveranciers. Wat dit betekent voor het NVTB? Hamerlinck: “Het was een sterke organisatie. Vertegenwoordigde op hout en glas na alle belangrijke bouwbranches. Of de naam nog wel passend is? Natuurlijk. Maar de positie in Den Haag wordt denk ik wel iets zwakker.”

isolatielobby

Ook in de isolatiewereld is samen optrekken niet langer vanzelfsprekend. Recentelijk stapte de MWA (Mineral Wool Association Benelux) uit branchevereniging NNI (Nederlandse Isolatie Industrie).“Waarom? Dat is heel simpel. We kijken als bedrijven heel goed waar me moeten investeren in lobby-achtige activiteiten”, reageert Frank de Poel, voorzitter van de MWA. De isolatielobby richting Den Haag zal veranderen, geeft hij prijs. “De NNI was vooral op energiebesparing en een lagere epc gericht. Wij zien echter dat comfort, duurzaamheid, brandveiligheid en akoestiek in gebouwen een grotere rol gaan spelen. Binnen de NNI kunnen wij dat verhaal niet goed voor het voetlicht krijgen, terwijl wij dat wel heel hard in Den Haag onder de aandacht willen brengen. Nee, we verklaren niet de oorlog aan de schuimfabrikanten.” Dick Tommel voorzitter van de NNI, betreurt de nieuwe koers van de MWA. Hij vindt het jammer en vraagt zich tegelijkertijd af of het verstandig is. “De strijd om bijna energieneutraal bouwen in 2020 is nog lang niet over. Ik denk dat we elkaar nodig hebben en dat we nog veel problemen tegenkomen. Dan kun je beter die taart proberen te vergroten dan proberen een groter stuk van het kleine taartje te krijgen.”

MWA uit NII

Ook in de isolatiewereld is samen optrekken niet langer vanzelfsprekend. Recentelijk stapte de MWA (Mineral Wool Association Benelux) uit branchevereniging NII (Nederlandse Isolatie Industrie).“Waarom? Dat is heel simpel. We kijken als bedrijven heel goed waar me moeten investeren in lobbyachtige activiteiten”, reageert Frank de Poel, voorzitter van de MWA. De isolatielobby richting Den Haag zal veranderen, geeft hij prijs. “De NII was vooral op energiebesparing en een lagere epc gericht. Wij zien echter dat comfort, duurzaamheid, brandveiligheid en akoestiek in gebouwen een grotere rol gaan spelen. Binnen de NII kunnen wij dat verhaal niet goed voor het voetlicht krijgen, terwijl wij dat wel heel hard in Den Haag onder de aandacht willen brengen. Nee, we verklaren niet de oorlog aan de schuimfabrikanten.”Dick Tommel, voorzitter van de NII, betreurt de nieuwe koers van de MWA. Hij vindt het jammer en vraagt zich tegelijkertijd af of het verstandig is. “De strijd om bijna-energieneutraal te bouwen in 2020 is nog lang niet over. Ik denk dat we elkaar nodig hebben. Dan kun je beter die taart proberen te vergroten dan proberen een groter stuk van het kleine taartje te krijgen.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels