nieuws

Het kloppend dorpshart van de timmermanstovenaar

bouwbreed Premium

Het kloppend dorpshart van de timmermanstovenaar

De voormalige melkfabriek De Eendracht, midden in een Fries krimpgebied, bevindt zich in de afbouwfase. Deze maand wordt het complex met een huisartsenpraktijk, kinderopvang, een zorgloket, een fysiotherapiepraktijk en zes zorgwoningen opgeleverd.

In een van de op te leveren woningen legt een medewerker luid zingend een ondervloer, dames van de schoonmaak zijn druk bezig met sop en poetslap.

Johan Timmermans koopt, ontwikkelt en verbouwt de fabriek op eigen initiatief en verhuurt het gebouw vanaf september. Tijdens de rondleiding wijst op een roestig luik in een muur van een van de appartementen. “Een oude goederenlift. Hij doet het niet meer, maar het is leuk dat ie zichtbaar blijft.” Ook de stoppenkasten blijven zichtbaar, evenals de oorspronkelijke trap en tegels. De muren zijn niet gestuukt maar gesausd zoals ze zijn aangetroffen. “Een gebouw als dit geeft geborgenheid. Opa heeft er nog gewerkt, oma heeft hier misschien wel schoongemaakt. Dat zorgt voor aantrekkingskracht, en geeft mensen een verhaal voor bij de koffie. De waarde van het gebouw is er al, die hoef je alleen maar aan te wakkeren.”

Een oud Fries troubadourslied zingt van de Timmermanstjoender, de timmermanstovenaar. Het inspireert de jonge ondernemer voor de naam van het timmerbedrijf waarmee hij in 2000 op zijn 19de begint. Inmiddels heeft hij zes mensen in dienst.

In de eerste instantie is Timmermans vooral geïnteresseerd in het naastgelegen woonhuis voor eigen bewoning. Dat staat te koop. De eigenaar, een appendagebedrijf, is al veertig jaar in de melkfabriek gehuisvest. “Ik wilde graag het hele terrein kopen, en daar stond de eigenaar voor open.” Nog niet wetend wat hij met de melkfabriek zal doen, gebruikt Timmermans deze eerst voor de opslag van het eigen timmerbedrijf. Nadat het woonhuis is opgeknapt buigt hij zich in 2011 over de vraag wat te doen met de fabriek. “Ik wist dat de huisarts een plek zocht, daarmee werd zorg de basis. In de zorgappartementen kunnen mensen samen blijven wonen, ook als één van hen zorg nodig heeft.” Na toezegging van de huisarts, ontwikkelt hij het pand voor eigen risico. November 2013 begint de bouw, februari 2014 heeft hij de meeste gebruikers gevonden.

Timmermans heeft kort bekeken of het zinvol zou zijn om de ontwikkeling over te dragen aan een ontwikkelaar of vastgoedmanager, maar zelf ontwikkelen bleek veel aantrekkelijker. “De herontwikkeling kost 1,4 miljoen euro. Met een ontwikkelaar of vastgoedmanager ertussen was dat een miljoen euro meer geweest.”

Het ontbreken van schijven scheelt kosten en maakt dat hij snel beslissingen kan nemen. “Ik bedenk zelf hoe het moet en de uitwerking besteed ik uit. Er is geen kantoor dat alle lichtpunten en stopcontacten moet uittekenen. Ik loop met een elektricien door het pand en we bepalen samen de aansluitpunten, klaar.” Doordat Timmermans bouwer, ontwikkelaar en vastgoedeigenaar tegelijk is, kan hij van start zonder dat hij afhankelijk is van de definitieve beslissing van kopers en huurders.” De woningen van gemiddeld 100 vierkante meter ontwikkelt hij voor 65.000 euro per stuk, waardoor hij de huurprijs laag kan houden.

Financiering via commerciële banken blijkt ondoenlijk. “Klip en klaar, die doen nu niets met vastgoed.” Het Restauratiefonds biedt uitkomst, als enige leningverstrekker. 100.000 euro subsidie van de provincie en terreininrichting door de gemeente Tytsjerksteradiel , maakt de businesscase sluitend.

Hoewel midden in krimpgebied, is Garyp niet het typische krimpdorp. “Het dorp telt 2000 inwoners, 45 verenigingen en 52 bedrijven. Er is een levendige middenstand.” Volgens Timmermans ligt de oorzaak in het werk dat vijftien jaar geleden is verzet. “Toen kozen de bewoners er bewust voor de aanwezige winkels lokale business te gunnen en zich niet te laten verleiden door de lagere prijzen van winkelketens.” Die houding zorgt nu ook voor een centrumfunctie ten opzichte van de omliggende dorpen die wel kampen met leegloop.

Timmermans’ ervaring met De Eendracht smaakt naar meer. In de omgeving zijn kansen genoeg. “In die heel stille dorpen is meer mogelijk. Daar juichen mensen het toe als er weer iets is, een bakkertje. Dat ze niet voor een brood 15 kilometer hoeven te rijden.” Wat precies, weet Timmermans nog niet, maar een nieuw project is in elk geval iets anders. “Een tweede melkfabriek bestaat niet.”

Een Nieuw leven voor melkfabriek de eendracht

1870: Bouwjaar eerste deel melk fabriek, in 1930 en 1950 zijn delen aangebouwd

1968: De melkfabriek sluit. Het gebouw doet de daaropvolgende 40 jaar dienst als bedrijfsruimte voor een appendagebedrijf.

2011: Aankoop door de Timmermans- tjoender

2013: Aanvang werkzaamheden herontwikkeling

2014: Oplevering zorgcomplex met zorgwoningen, apotheekhouden- de huisarts, fysiotherapie- praktijk, zorgloket, kinderopvang en peuterspeelzaal

 

Bouwen in krimpgebieden 

Krimp betekent leegstaande winkelcentra, verwaaide ‘te koop’-bordjes aan gevels. Krimp is een hoofdpijndossier op het bureau van de beleidsmaker. Een demografische omwenteling die steeds meer momentum krijgt. Ondanks en soms zelfs dankzij deze omwenteling aan de randen van Nederland zijn bouwers aan het werk. In deze serie bezoekt Cobouw de kleine en grote projecten die dankzij eigen initiatief, dankzij experimenten van Platform31 of door een grote herstructureringsopgave het werk gaande houden.

Dit was deel 1 in de serie Bouwen in krimpgebieden: De herontwikkeling van melkfabriek De Eendracht.

Reageer op dit artikel