nieuws

‘Met de aannemerij gaan we verbeteren en versnellen’

bouwbreed Premium

De afhandeling van de aardbevingsschade in het Groningse gaswingebied moet professioneler. Daarom roept de NAM de hulp in van de bouw. Projectleider Wim Moelker verwacht veel van de samenwerking. “Wij zijn gaswinners, geen huizenbouwers.”

Over interesse heeft de NAM niet te klagen. Twintig marktpartijen, uit binnen- en buitenland, toonden interesse in de rol van coördinator van de bouwopgave in Noordoost-Groningen. Inmiddels zijn hun plannen bestudeerd en wordt met een beperkt aantal partijen verder gepraat. Nee, de namen geeft projectleider Wim Moelker niet prijs. “Maar”, zegt hij, “ik kan wel zeggen dat we zeer tevreden zijn met de inschrijvers. Het is een mooie mix van groot en klein, nationaal en internationaal. De ideeën die ze hebben aangedragen, zijn ook van een goed niveau.”

U zoekt nu een coördinator. Maar zijn er onder de inschrijvers ook aannemers die voorgesteld hebben om de coördinatie en uitvoering te combineren?

Moelker lacht geheimzinnig: “Daar kan ik in deze fase van het proces niets over kwijt. Dat is te specifieke informatie.”

Tijdens de marktconsultatiedag vorige maand is aangeven dat de NAM op zich overal voor openstaat?

“Dat is ook zeker zo. Laat ik zeggen dat het niet voor de hand ligt dat degene die de coördinatie doet ook de uitvoering ter hand zal nemen. Alleen al vanwege de omvang van het project is dat ook lastig. Maar we zitten nu in de fase van cocreatie en gaan met marktpartijen alle mogelijkheden bekijken. Daarna zullen de overgebleven partijen een aanbieding doen. Half oktober gaan we over tot gunning.”

Wordt dit een project voor alleen de grote bouwers en ingenieursbureaus of is er ook ruimte voor de aannemer op de hoek?

“Bij de marktconsultatiedag waren ook veel kleine bedrijven aanwezig. Dat is niet zo gek, ze willen allemaal weten wat er de komende jaren gaat gebeuren hier. De aannemer op de hoek komt misschien niet in aanmerking voor het contract voor het projectservicebureau, het psb, maar er liggen wel kansen voor hem in de uitvoeringsfase. Het psb krijgt ook de opdracht lokale aannemers in te schakelen. De regionale bouwsector gaat echt wel een stimulans van deze klus krijgen, dat staat buiten kijf.”

Het psb gaat straks bepalen welke aannemer precies wat gaat uitvoeren?

“Uiteindelijk wordt dat de verantwoordelijkheid van het psb, inderdaad. Duidelijk is dat wij meer op afstand moeten komen. Dat is ook zo afgesproken met de dialoogtafel, waar alle belanghebbenden samenkomen. Wij hechten waarde aan de onafhankelijkheid van het psb. Tegelijkertijd is het zo dat we vorig jaar al zijn begonnen met het schadeherstel. Er is ervaring opgedaan, er zijn protocollen ontwikkeld. Die zijn nog niet perfect, maar we gooien ze ook niet zomaar weg. Zeker is wel dat het professioneler moet. Daarom schakelen we de bouw in. Met de blik van de aannemerij kunnen we verbeteren en versnellen en kan het nog klantvriendelijker.”

De opgave bedraagt herstel en versterking van potentieel 50.000 gebouwen, waaronder ook veel privéwoningen. Hoe wordt dat aangepakt?

“De opgave is enorm, dat is duidelijk. Maar je moet je ook bedenken dat een deel van de woningen in bezit is van bijvoorbeeld corporaties. Dat vraagt om een andere aanpak dan bij een individuele huizenbezitter. De benadering zal dus verschillen per groep. Binnen een groep is natuurlijk weer wel een eenduidige aanpak te ontwikkelen. Over dat soort zaken gaan de gesprekken met de marktpartijen vooral ook.”

U heeft aangegeven dat klanttevredenheid misschien wel het allerbelangrijkste is. Worden aannemers daar straks op afgerekend? Of anders gezegd: krijgen ze niet betaald als de klant niet tevreden is?

“Als je als bouwer vijf keer bij dezelfde klant moet langskomen voor dezelfde schade, gaat er iets niet goed. De klant vindt dat niet leuk, bovendien is het niet efficiënt. De klanttevredenheid zal straks uitvoerig worden gemonitord, evenals de efficiency van de aanpak. Uiteindelijk is het zo dat zoveel mogelijk geld in de verbetering van de huizen moet komen en niet op moet gaan aan overheadkosten. Het geld daar besteden waar nodig, dat is de inzet.”

Houdt u straks vast aan een bepaalde klanttevredenheidspercentage?

“Momenteel is het zo dat 4 à 5 procent van de huiseigenaren een second opinionaanvraagt. Er zijn 10.000 schadegevallen afgehandeld, dus dan heb je het over vijfhonderd klanten die niet tevreden zijn over de schadeafhandeling. Je kunt tevreden zijn met zo’n score, maar het is niet goed genoeg. Dat is ook de eis die we aan het psb stellen. Niet alles zal goed gaan, maar het is vooral zaak om er van te leren en vervolgens te verbeteren. Het psb moet een zelflerende organisatie worden, die kan opschalen als dat nodig is en de manier van werken kan aanpassen als de situatie daar om vraagt.”

Voor herstel, versterken en verduurzamen is bijna 1 miljard euro beschikbaar gesteld vanuit het Rijk. Is dat genoeg?

“Er ligt nu 250 miljoen voor schadeherstel en 500 miljoen voor bouwkundige versterkingen klaar. Dat is voor een periode van vijf jaar. De tijd zal leren of dat voldoende is. De totale opgave is ook afhankelijk van het wettelijke kader dat nog moet worden opgesteld. In 2016 moet de NAM bovendien een nieuwe gaswinningsplan indienen. Ook dat kan invloed hebben op de kosten die in de toekomst gemaakt moeten worden. Wij kunnen daar nu geen voorschot opnemen. We kunnen ook niet wachten. Dankzij het gasbesluit van de minister eerder dit jaar kunnen we nu in ieder geval vooruit, aan de slag.”

Reageer op dit artikel