nieuws

Blok ziet geen krimpgebieden in probleemregio’s

bouwbreed Premium

De Achterhoek, Zuidoost-Drenthe en Noordoost-Friesland zijn geen krimpgebieden. Dat schrijft minister Blok (wonen) aan de Tweede Kamer.

Blok legt daarmee het advies naast zich neer deze gebieden als krimpgebieden aan te merken. In zijn initiatiefnota adviseert Tweede Kamerlid Albert de Vries (PvdA) dit namelijk met vijftig andere aanbevelingen aan de minister.

In 2009 zijn krimpgebieden aangewezen op basis van het criterium dat er sprake moest zijn van een substantiële en structurele daling van de bevolking en van huishoudens in een regio. Hoe groot de krimp precies moest zijn, werd daar niet bij vermeld. Minister Blok heeft nu exacte richtlijnen opgesteld waaraan een krimpgebied moet voldoen om als zodanig te worden aangemerkt, gebaseerd op de Primos-bevolkingsprognoses. Zo moet in 2014 de bevolkingsdaling al zijn ingezet, moet de prognose voor 2040 zijn dat de bevolking met minsten 12,5 procent is gekrompen en het aantal huishoudens met minstens 5 procent. Alleen de bestaande krimpgebieden voldoen aan die criteria, de gesuggereerde gebieden niet. De bevolking in Noordoost- Friesland, Zuidoost-Drenthe en de Achterhoek krimpt in 2014 daadwerkelijk ten opzichte van enkele jaren geleden. De prognoses vallen echter buiten het criterium. Tot 2040 krimpt de bevolking daar naar verwachting met respectievelijk 9, 8 en 11 procent. De huishoudens met 1, 1 en 3 procent. Voor de gemeenten in officiële krimpregio’s zijn extra middelen beschikbaar. De andere regio’s kunnen daar nu geen aanspraak op maken.

Deze gebieden zijn aangemerkt als zogenoemde ‘anticipeerregio’s’. Daarvan zijn er zestien in totaal. Ook in die gebieden dreigt krimp, alleen niet in dezelfde mate als in Zuid-Limburg, Noordoost-Groningen en Zeeuws-Vlaanderen. Daar moeten eveneens plannen gemaakt worden en moeten beleidsmakers zich bewust worden van de nadere krimpproblemen.

Reageer op dit artikel