nieuws

‘Dbfmo leidt tot grote problemen’

bouwbreed Premium

Integrale contractvormen zoals dbfmo zullen in de toekomst tot enorme problemen leiden. Dat voorspellen Klaas Mollema, bestuursvoorzitter van de Raad van Arbitrage voor de Bouw en Monika Chao-Duivis, directeur van het Instituut van Bouwrecht (IBR).

Raad van Arbitrage gaat twintig arbiters bijscholen

“Dbfmo trekt een enorme wissel op de toekomst. Ik verwacht dat we veel narigheid en problemen tegenkomen op termijn. Hoe kun je nou, met een vooraf bepaalde prijs, voor twintig jaar een contract afsluiten als de wereld er over vijf jaar compleet anders uit kan zien? Het is bijna onmogelijk om zo ver in de toekomst te kijken”, zegt Mollema.

De vice-president in het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden verwijst naar jurisprudentie van dik zestig jaar oud. “Contracten van vóór de Tweede Wereldoorlog moesten na de oorlog onder dezelfde leveringsvoorwaarden worden uitgevoerd. ‘Contract is contract’, zei de ene partij. De rechtspraak heeft er toen een draai aan gegeven, maar als je contracten maakt waarin allerlei onvoorziene omstandigheden al zijn verdisconteerd, wordt de ruimte voor de rechter om nog wat aan te passen erg klein. Stel dat de euro wordt afgeschaft over vijf jaar.”

Om geschillen te helpen beslechten, gaat de Raad van Arbitrage voor de Bouw twintig arbiters bijscholen. Dat is hard nodig, denkt IBR-directeur Chao-Duivis. Ook zij verwacht dat het aantal juridische kwesties zal toenemen door dbfmo. “Vooropgesteld: dit soort contractvormen is bedoeld om aannemers meer ontwerpvrijheid te geven en innovatie te stimuleren. Zoals het nu gaat, werkt het echter averechts. De contracten zijn niet flexibel genoeg.”

Faalkosten

Onderaannemers worden te weinig meegenomen in het verhaal, vervolgt Chao-Duivis. “In feite gedragen hoofdaannemers zich te traditioneel. Dat leidt niet tot betere kwaliteit, maar is mede debet aan faalkosten en ontevreden opdrachtgevers. Onderaannemers hoeven helemaal niet op gelijke voet aan tafel te zitten. Ze kunnen best leven met een hoofdaannemer. Ze willen wel gehoord worden. Nu is de mentaliteit te veel: jij zit onderaan de keten, dus je doet er niet toe. Dat leidt tot scheve verhoudingen.”

Daan Stuit, voorzitter van MKB Infra, herkent zich in dat standpunt. Zijn achterban plukt nauwelijks vruchten van dbfmo, zegt hij. Stuit constateert dat dbfmo vooral is gebaseerd op fabels. “Voor de aannemers die het werk uiteindelijk uitvoeren, zijn er nauwelijks prikkels om extra kwaliteit te leveren. Ik heb er geen verstand van, maar iedereen weet toch dat niemand zo goedkoop geld kan lenen als de overheid.”

Reageer op dit artikel