nieuws

‘Het heeft met kennis te maken en eerlijkheid’

bouwbreed

Nederland heeft veel pv-systemen die matig functioneren. Uit onderzoeken van Adviesbureau Local, Kiwa, en Stichting Monitoring Zonnestroom komen faalcijfers naar voren van 35 procent. Dit komt voornamelijk door fouten bij advies en installatie.

“Er worden soms hele stomme fouten ge maakt bij de installatie van zonnepanelen”, zegt beleidsmedewerker Amelie Veenstra van brancheorganisatie Holland Solar. “Dat is een zorgpunt van ons als vereniging. Er zijn echter ook veel hardwerkende, goede installateurs van zonnepanelen. Om deze gemakkelijker herkenbaar te maken voor de klant, hebben wij de Zonnekeur Installateur ingesteld. Dan weet de consument wat hij koopt.”

Veenstra reageert hiermee op de commotie die is ontstaan na een artikel in Cobouw van woensdag. Onder de kop ‘Veel Nederlandse zonnepanelen doen niets’ vertelden architecten Frido van Amerongen en Jouke Post over hun slechte ervaringen. Ze verwezen daarbij ook naar de drie hierboven genoemde onderzoeken.

Fouten

Volgens adviesbureau Local zijn fouten in aansluiting, ontwerpfouten en onbemerkte storingen de voornaamste oorzaken van 35 procent verminderde opbrengsten. Uit onderzoek van de Stichting Monitoring Zonnestroom voor Agentschap.nl komt een potentieel disfunctioneren van 33 procent naar voren. Het onderzoek geeft hiervoor vergelijkbare argumenten als Local. Kiwa concludeert in februari 2013 dat een deel van de zonnepanelen in Nederland eerder stuk gaan of minder rendement opleveren door onjuiste panelen of onzorgvuldige installatie. Later deed de organisatie afstand van deze uitspraak.

Serieschakeling

De stichtingDuurzame Energie Prestatie Keur (DEPK) heeft het keurmerk ‘Zonnekeur installateur’ tot nu toe aan vijf bedrijven toegekend. De jongste telg is de Zonnefabriek in Amsterdam, dat het keurmerk nu twee weken in bezit heeft. Directeur Aren van Muijen: “Het kan op een heleboel manieren misgaan, maar de meest voorkomende is wel dat één of meer panelen een aanzienlijk deel van de dag in de schaduw liggen. Zonnepanelen worden seriegeschakeld en als één schakel het niet goed doet, houdt dat de hele stroom van elektronen tegen. Zeven goed georiënteerde zonnepanelen leveren dus meer stroom op dan zeven goed georiënteerde en één slecht georiënteerd paneel.”

Dit heeft met kennis te maken, maar ook met eerlijkheid. “Het is voor een adviseur natuurlijk heel aantrekkelijk om een zo groot mogelijk dakoppervlak vol te leggen. Maar soms heb je met minder panelen gewoon meer opbrengst.”

Zekering

Iets vergelijkbaars doet zich voor bij de zekering in de meterkast. Van Muijen: “De zonnepanelen moeten op een aparte groep, met een aparte aardlekschakelaar. Uiteraard moet de zekering groot genoeg zijn – en als je een grote zekering nodig hebt, moet ook hoofdzekering groter. De installateur moet de mensen daarvoor waarschuwen. Maar dat is niet leuk. Het brengt namelijk extra maandelijkse kosten met zich mee.”

Een derde punt dat vaak wordt vergeten, is dat je dikkere draden moet gebruiken voor grotere afstanden. Bij te dunne draden ontstaat er namelijk weerstand en dan wordt de energie omgezet in warmte.

Daarnaast noemt Van Muijen nog faaloorzaken als een bliksemgevoelige string (serieschakeling), inferieur materiaal, of goed materiaal op de verkeerde plek. “Maar de oriëntatie op de zon is wel het allerbelangrijkst.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels