nieuws

Consument huiverig voor warmtenet

bouwbreed

De aanleg van warmtenetten voor nieuwbouwwoningen blijft controversieel. Met name ontwikkelaars zijn kritisch. Zij wijzen op de hoge kosten en vinden dat die onevenredig bij kopers en huurders neerslaan, vooral bij nieuwbouw is de verhouding zoek.

Stadsverwarming heeft het imago van een communistisch fossiel. De verwarmingssystematiek is echter springlevend. Jaarlijks worden vele kilometers warmteleiding aangelegd. Niet iedereen is daar echter even gelukkig mee.

Utrecht, Nijmegen, Rotterdam, Amsterdam, Den Haag. Het is slechts een greep uit de talloze gemeenten die vergaande uitbreiding van het stadsverwarmingsnetwerk in de plannen hebben. Zij zien warmtenetten als het gouden ei van de CO 2 -reductie, een belangrijke pijler van de eigen duurzaamheidsambities. Amsterdam wil voor 2025 de CO 2-productie met 40 procent terugbrengen. Rotterdam legt de lat iets hoger met 50 procent reductie. In de havenstad moet de Nieuwe Warmteweg door gebruik van industriële restwarmte de jaarlijkse uitstoot tot 80 kiloton verminderen. Dat staat gelijk aan het jaarlijkse gas- en energieverbruik van 35.000 mensen. Het aantal warmtenet-aansluitingen moet in Amsterdam stijgen van 55.000 in 2010 naar 100.000 in 2025 en 200.000 in 2040. Purmerend hoopt op een reductie van 50.000 ton per jaar vanaf 2015.

Ontwikkelaars

Niet iedereen staat te juichen bij deze ontwikkeling. Met name de ontwikkelaars, die het voor de nieuwbouw voor elkaar moeten krijgen, zijn kritisch. Zij zien zich zo geconfronteerd met een verhaal dat moeilijk aan kopers is uit te leggen. “Het is alsof je een Prius koopt, maar alsnog moet afrekenen alsof je in een benzineauto rijdt”, verwoordt Bas van de Griendt het ongenoegen. Hij is manager duurzaam ontwikkelen bij Bouwfonds Ontwikkeling.

Claudia Bouwens, programmabegeleider energie en duurzaamheid bij brancheorganisatie Neprom, valt hem bij: “Tot een paar jaar geleden lieten we het ons als ontwikkelaars aanleunen. Maar nu iedereen energiebewuster wordt, gaat het wringen. Een woning krijgt een korting van 0,2 op de epc als die is aangesloten op een warmtenet. Die woningen lijken daardoor energiezuiniger dan ze zijn. Bewoners hebben echter géén lagere energierekening en geen comfortabelere woning.”

De gemeente Purmerend heeft ambitieuze plannen met de stadsverwarming. Komend jaar wil zij driehonderd nieuwbouwwoningen aansluiten. “We hebben de bezwaren van de ontwikkelaars vaker gehoord,” reageert Marie-Thérèse Tetteroo-Mathijsen, beleidsmedewerker bij Stadsverwarming Purmerend. “Maar het verschilt per situatie. Je kunt niet de verschillende energiebesparingsopties tegen elkaar wegstrepen.”

Voor de consument is de kostenafweging meestal een doorslaggevende factor bij de keuze voor een energievoorziening. Dat zou hier niet anders zijn, ware het niet dat de bewoners niets te kiezen hebben, zij hebben aansluitplicht. Volgens het principe van ‘Niet Meer dan Anders’ zijn zij beschermd tegen energielasten die boven de traditionele gas- en elektra-aansluiting stijgen. “Maar het is ook niet minder dan anders”, reageert Van de Griendt, “terwijl je daar op basis van de energiezuinigheid van de woning wel op mag rekenen.”

Kosten

De kosten voor de aansluiting van een woning op een warmtenet kost 4000 tot 5000 euro of meer. Ontwikkelaars betalen dat aan energiebedrijven. Bouwens: “Deze zogenoemde BAK-kosten zitten verwerkt in de von-prijs, dus daar merken mensen niet zoveel van. Voor dat geld kunnen we ook een individuele warmtepomp en pv-cellen aanleggen. Daarmee heeft de bewoner veel lagere energielasten.” Nu betalen afnemers naast verbruik nog 400 tot 500 euro per jaar aan vastrecht.

Klaas de Jong, expert lokale energienetten is een warm pleitbezorger van de uitrol van warmtenetten. “Collectieve systemen zijn essentieel om een wijk duurzaam te krijgen. Veel warmte wordt nu weggegooid.” Volgens De Jong is een warmtepomp juist duurder en minder rendabel dan een warmtenet. “Een pomp kost zo’n 12.000 euro, heeft onderhoud nodig en moet na 10 tot 15 jaar vervangen worden. Dat is bij een warmtenet niet het geval. Bovendien is de CO 2-reductie niet geweldig voor individuele warmtepompen, ze hebben nog steeds veel elektriciteit nodig.” Ook bij een kleine warmtevraag is stadsverwarming volgens hem zinvol, zoals bij de passiefhuizen in Almere. “Naderhand kan een warmtecentrale verder verduurzamen door over te schakelen naar een duurzamere warmtebron zoals houtstook. Lokale samenwerking levert altijd de hoogste duurzaamheid op.” Hij kan zich voorstellen dat ontwikkelaars niet zo op een warmtenet zitten te wachten. “Het is met individuele kopers nu eenmaal makkelijker onderhandelen dan met een energiebedrijf.” De weerstand van consumenten is volgens hem vooral psychologisch. “Men wil liever een individuele oplossing, daar is men in Nederland aan gewend.” Van de Griendt: “Met nieuwbouw zijn we op weg naar energieneutraal. Het gaat niet langer om de energie-efficiëntie waar De Jong aan refereert.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels