nieuws

Weet wat je wilt en hoe je erom moet vragen

bouwbreed

Sommige levenslessen blijken uitstekend toepasbaar op aanbestedingskwesties. Ik kan me herinneren dat mijn vader me ooit vertelde dat zolang ik maar wist wat ik wilde én leerde hoe ik erom moest vragen, het leven een stuk overzichtelijker zou worden. Wijze woorden, die ook aanbesteders zich mogen aantrekken. Neem de gemeente Den Haag, die toch niet […]

Sommige levenslessen blijken uitstekend toepasbaar op aanbestedingskwesties. Ik kan me herinneren dat mijn vader me ooit vertelde dat zolang ik maar wist wat ik wilde én leerde hoe ik erom moest vragen, het leven een stuk overzichtelijker zou worden. Wijze woorden, die ook aanbesteders zich mogen aantrekken.

Neem de gemeente Den Haag, die toch niet de minste ervaring heeft met aanbesteden. De gemeente was in de markt voor nieuwe bouwtoezichtsoftware en de implementatie ervan. “Weten wat je wilt”, lijkt dan niet zo ingewikkeld; beproefde software geïnstalleerd door iemand die het al eerder succesvol elders deed. Maar hoe vraag je daar nu om?

De gemeente dacht dat vragen om “een drietal vergelijkbare referentieprojecten” een goede manier was. Zonder nader te specificeren wat onder “vergelijkbaar” moet worden verstaan. En dan ook nog de referentieprojecten als uitsluitingsgrond hanteren. Tja, dat geeft natuurlijk ruis op de lijn.

De inschrijvers deden hun best op de referentiewerken, maar kennelijk sloten die niet aan bij de – niet afdoende omschreven – verwachting van de gemeente. Op dat moment had de gemeente zich moeten realiseren dat ze of niet goed wist wat ze wilde, of er niet goed om had gevraagd. Maar er gebeurde iets anders. De gemeente concludeerde dat niemand aan de referentie-eis voldeed, dat ze daarom deze eis liet vallen als uitsluitingsgrond, maar “dat aan referentieprojecten zeer grote waarde wordt toegekend”.

Natuurlijk volgde na voorlopige gunning een protest door een teleurgestelde inschrijver. De gemeente reageerde eerst door te zeggen dat “de referenties bij de beoordeling geen enkele rol hebben gespeeld”, en ter zitting dat wel met de referenties van de voorlopige winnaar, maar niet met die van de teleurgestelde inschrijver contact is opgenomen. Wispelturig gedrag dat de rechter afstrafte. Door de onduidelijkheid van de referentie-eis viel niet te zeggen of heraanbesteding tot dezelfde inschrijvingen en dezelfde inschrijvers zou hebben geleid. En zelfs al zou dat het geval zijn, dan was het windvaantjes-gedrag erna voldoende om strijdigheid met de grondbeginselen van het aanbestedingsrecht aan te nemen.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels