nieuws

Relatie vastgoed en monumenten

bouwbreed

Beheerders van monumenten en vastgoedorganisaties vissen in dezelfde vijver. Beide zijn op zoek naar nieuwe bestemmingen voor bestaande panden.

Huizen in een kerk, een restaurant in een watertoren, bedrijfsstudio’s in oude fabrieken en zorginstellingen in voormalige kloosters. Het zijn voorbeelden van het hergebruik van monumentale bouwwerken die op het eerste gezicht weinig gemeen hebben met het ontwikkelen van studentenkamers in een afgedankt kantoorgebouw of het verkopen van kluswoningen in een verwaarloosde flat in de Bijlmermeer. Toch is er wel degelijk een relatie. En die verloopt moeizaam.

Dat blijkt uit de woorden van Peter Stutvoet, directeur van Monumenten Fonds Brabant, en Arno Boon, directeur van de Nationale Maatschappij tot Behoud Ontwikkeling en Exploitatie van industrieel erfgoed (Boei). In een interview met deze krant ( Cobouw 22 februari) wezen ze er op dat de monumentensector oploopt tegen forse concurrentie vanuit de vastgoedmarkt want tegelijkertijd komen veel monumentale gebouwen beschikbaar voor nieuwe functies en groeit de leegstand van kantoren.

Monumenten ogen aantrekkelijk, zijn vaak gunstig gelegen en lenen zich na te zijn aangepast goed voor hergebruik.

Kantoren daarentegen zijn meestal van recentere datum, maar zien er vaak uit als betonnen dozen en liggen vaak in een uithoek.

Bij het vinden van een nieuwe bestemming is erfgoed dan ook in het voordeel. “Een monument heeft een verhaal, een monument werkt onderscheidend”, zei Boon tegen een verslaggever van deze krant. Die stelling werd vanuit de vastgoedwereld bevestigd. Theo Dohle, organisator van een symposium over het herbestemmen van kantoorpanden, zei tegenover deze krant dat het vinden van een nieuwe bestemming voor een fraai monument eenvoudiger is dan voor een aftands kantoorpand.

Toch lijken de concurrenten niet van plan elkaar naar het leven te staan. Vanuit de monumentensector is zelfs een handreiking gedaan. “Wij hebben in feite op kleine schaal al ingespeeld op de problemen waarmee de vastgoedsector nu wordt geconfronteerd”, zei Boon. “Onze grote broers uit die branche zouden dan ook veel van ons kunnen leren. Ik sluit overigens niet uit dat we onze kennis in de toekomst beschikbaar zullen stellen als een nieuwe functie wordt gezocht voor gebouwen die niet de status van monument hebben. Het proces is uiteindelijk identiek.”

De vastgoedsector toont zich ook geïnteresseerd in monumenten. Dat blijkt uit de gang van zaken rond de verkoop van appartementen in flatgebouw Kleiburg in de Bijlmermeer. Bij de verkoop van appartementen wordt gewezen op de monumentenstatus van het gebouw. Of deze flirt zal leiden tot een huwelijk tussen de monumentenbeheerders en commercieel vastgoed valt vooralsnog niet te voorspellen. Duidelijk is wel dat de sectoren in elkaar zijn geïnteresseerd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels