nieuws

‘We moeten geen enkele weg schuwen’

bouwbreed Premium

Komt de aannemer te makkelijk weg met fouten? Is de positie van de klant te zwak? Op het Binnenhof zijn deze twee uiterst ingewikkelde vragen aan de orde van de dag. Cobouw volgt de gevoelige discussie die vermoedelijk nog maanden zal duren op de voet. In dit artikel laten we drie meningen horen van partijen die in de afgelopen week nog niet aan het woord kwamen. Een directeur van een technisch controlebureau, een verzekeraar en een politicus.

Jos Rooijakkers, directeur BouwQ

“ Gebruiker moet nu te veel zoeken

Jos Rooijakkers levert met BouwQ integrale kwaliteitstoetsen. Hij vindt het verstandig dat het kabinet de positie van de eigenaar en gebruiker wil versterken. “Het zou goed zijn als de aansprakelijkheid in één hand komt te liggen. Alleen dan kun je de totale verantwoordelijkheid voor een bouwproject dragen.”

Na een fout moet de opdrachtgever een hele zoektocht starten om te achterhalen bij wie hij met zijn probleem terecht kan, zegt Rooijakkers. “Dat is niet meer van deze tijd. De vraag of iets een uitvoeringsfout is of een ontwerpfout zou in wezen ook niet moeten uitmaken. Vooral omdat je vaak te maken hebt met een schemergebied. Dan is de vraag bij wie je terecht kunt des te ingewikkelder?” Aannemers moeten opdrachtgevers ontzorgen, vervolgt de directeur van BouwQ. “Zo zou de bouw er in moeten zitten. Is aanpassing van het Burgerlijk Wetboek nodig? Dat kan ik niet overzien. Bij wie de aansprakelijkheid in generieke zin moet komen te liggen, is verder van ondergeschikt belang. Bij iemand die dat het meest kan dragen, denk ik. Dat kan de hoofdaannemer zijn of een institutionele belegger. Hoe wij de kwaliteit van bouwprojecten waarborgen? Door superieur te zijn in het opzoeken van fouten.”De oplossing bestaat kennelijk al. Neemt niet weg dat een discussie over aansprakelijkheid goed is, besluit Rooijakkers: “Ik snap niet dat sommige partijen daar op tegen zijn. Zeker als je weet dat de Bouw- en Woningtoezicht op termijn verdwijnt.”

Nico van Nus, directeur Meeus Bouw en Infra

“ Behandel bouw niet te bevoogdend

Verzekeringsmakelaar Meeus heeft tweeduizend aannemers in zijn bestand. Directeur Nico van Nus vindt dat de overheid zich niet te veel moet bemoeien met aansprakelijkheidskwesties. “Ik herken me ook niet in het beeld dat bouwers zich zouden willen verschuilen achter allemaal regeltjes. Bouwers willen heel graag ontzorgen, de verzekeringsmogelijkheden worden ook steeds ruimer. Het klopt dat de verborgen gebreken-verzekering nauwelijks wordt afgenomen. Opdrachtgevers hikken tegen de kosten aan. Er wordt nu gesproken over een ruimere dekking. Dan wordt het misschien interessanter.” Van Nus hoopt dat minister Blok (wonen) zijn hoofd koel houdt. “Ik zie het probleem eerlijk gezegd niet. Is de Nederlandse bouwkwaliteit zo slecht? In een professionele markt met tal van contractpartijen zou je de risicoverdeling ook niet bij wet moeten willen regelen. Een verplichte verzekerde garantie zie ik dus niet zitten. Ik preek daarmee misschien niet voor eigen parochie, maar in Frankrijk doen ze dat al jaren en toch is de premie nog steeds 8 tot 10 procent van de bouwsom. Een prikkel om de bouwkwaliteit te verbeteren biedt dat kennelijk dus niet.” Natuurlijk is er ruimte voor verbetering, erkent Van Nus: “Neem ketenaansprakelijk. Iedereen heeft er de mond vol van, maar in de praktijk worden de risico’s toch op ouderwetse manier verdeeld. Daar moet een contractmodel voor worden bedacht worden. Tegen het ministerie heb ik gezegd: treed het bedrijfsleven niet te bevoogdend toe. Als je iets wilt regelen, zorg dan voor een aanbiedingsplicht in contractuele onderhandelingen. Uiteindelijk moet de opdrachtgever namelijk zelf voor een kwaliteitssysteem zorgen. Ik geloof ook niet in naming and shaming. Aannemers moet je niet afrekenen op incidenten. Degrootste schade die ik ooit in behandeling had, werd veroorzaakt door de beste aannemer van het land volgens onze

statistieken.”

Albert de Vries, Kamerlid van de PvdA

“ Overheid moet kopers beschermen

“Ik was zelf wethouder in Middelburg. Daar heb ik van dichtbij ervaren hoe lang juridische kwesties kunnen duren. Er is een bouwput ingestort van een theater. Dat mondde uit in een enorm getouwtrek van wie waar verantwoordelijk voor was. In de Kamer dring ik al langer aan om de positie van de eindgebruiker te versterken. Dat kan de bouw ook een impuls geven. Of aanpassing van het Burgerlijk Wetboek noodzakelijk is, weet ik niet, maar als dat de enige weg is, moeten we die niet schuwen. Er moet een beter systeem komen. De faalkosten in de bouw zijn veel te hoog. Van Bouwend Nederland vind ik het te makkelijk dat ze verwijzen naar ontwerpfouten. Als die er zijn, moeten aannemers hun kennis inzetten en opdrachtgevers waarschuwen. Waar de politiek zich mee bemoeit? De overheid is er ook om kopers van goederen te beschermen.”

Reageer op dit artikel