nieuws

Wat zegt aanbesteder: nadere 
toelichting of nieuwe reden?

bouwbreed Premium

Onlangs oordeelde de rechtbank Noord-Holland (ECLI:NL:RBNHO:
2013:8930) over de vraag of de mededeling van een aanbestedende dienst kort voor zitting, een nadere toelichting op de gunningsbeslissing betrof of een nieuw argument.

Het gaat in deze zaak om een aanbestding van de gemeente Hoorn voor het vervangen van de riolering. Op basis van het bestek moet gebruik worden gemaakt van a) de grondsoort Flugsand klasse 1-type 850 of b) gelijkwaardig. Uit het vonnis maak ik op dat de grondsoort c) een bodemsoort van natuurlijke oorsprong moet zijn.

Aanneemster schrijft in met grondsoort Granulight. In de voorlopige gunningsbeslissing van 4 april 2013 wijst de gemeente de inschrijving af als ongeldig. De gemeente geeft als reden dat aanneemster heeft “ingeschreven met een ander product dan Flugsand”. Kort voor de zitting voert de gemeente nog (aanvullend) aan dat Granulight geen bodemsoort van natuurlijke oorsprong is. Aanneemster meent dat dit een ongeoorloofde aanvulling van de voorlopige gunningsbeslissing betreft. De gemeente vindt dat sprake is van een nadere toelichting.

De rechtbank oordeelt dat het feit dat deze nadere toelichting twee dagen voor de zitting is aangevoerd niet met zich brengt dat sprake is van een ongeoorloofde aanvulling.

Uitgangspunt is dat de aanbestedende dienst de gunningsbeslissing moet motiveren. Enkel een samenvatting van de relevante redenen is onvoldoende. Zowel de redenen voor de keuze van een bepaalde ondernemer als alle redenen voor het niet kiezen van de overige moeten in de gunningsbeslissing staan. Een nadere toelichting daarvan in een later stadium is mogelijk, zolang het geen volledig nieuwe reden betreft.

Alleen reeds in de beslissing opgenomen redenen kunnen dus worden toegelicht. In de voorlopige gunningsbeslissing voert de gemeente (slechts) aan dat de inschrijving van aanneemster ongeldig is omdat sprake is van een ander product dan Flugsand. Het argument dat Granulight geen bodemsoort van natuurlijke oorsprong is, is niet als reden voor ongeldigheid van de inschrijving aangevoerd. Ook de rechtbank oordeelt “(…) dat de gemeente deze voor de hand liggende grond voor ongeldigheid niet eerder heeft opgeworpen (…)”. Het onderscheid is soms lastig te maken, maar er valt ook iets voor te zeggen dat de mededeling van de gemeente wel een (ongeoorloofd) nieuw argument betrof.

AKD NV

Reageer op dit artikel