nieuws

‘De vergelijking met een wasmachine gaat niet op’

bouwbreed Premium

Het kabinet wil de positie van opdrachtgevers versterken. Nergens voor nodig, reageert Bouwend Nederland. Monika Chao-Duivis, directeur van het Instituut voor Bouwrecht, dringt aan op een fundamentele discussie. “Het is toch vreemd dat iemand die een fout maakt er in het algemeen mee wegkomt?”

Haagse bronnen meldden dat de regering uw advies overneemt. Niet iedereen is enthousiast. Kunt u nog één keer aangeven wat het probleem precies is?

“Nu is het zo dat aannemers na oplevering grosso modo alleen aansprakelijk zijn voor verborgen gebreken. Met andere woorden: voor een gebrek dat je redelijkerwijs niet had kunnen zien. Aannemers verweren zich door de aansprakelijkheid te verleggen naar diegene die gecontroleerd heeft. Maar dat hangt af van de vraag: hoe deskundig ben je als toezichthoudende opdrachtgever? Daar gaat de discussie iedere keer over.”

Hoe komt het dat de bewijslast bij de toezichthouder ligt en niet bij de aannemer die de fout veroorzaakt?

“Dat is historisch zo gegroeid. De aannemer zegt: als opdrachtgever moet je gewoon goed kijken. Anders moet je niet accepteren wat er is opgeleverd. Bovendien zorgt de opdrachtgever regelmatig voor het ontwerp. Voor fouten die daaruit voortvloeien kun je de aannemer natuurlijk niet aansprakelijk stellen.”

Is aanpassing van het Burgerlijk Wetboek noodzakelijk?

“Het Instituut voor Bouwrecht is gevraagd door het ministerie van Binnenlandse Zaken: hoe kunnen we de positie van de opdrachtgever verbeteren? Het systeem kan wat mij gehandhaafd blijven: na oplevering ben je als aannemer alleen voor verborgen gebreken aansprakelijk. Voor het helder definiëren van het begrip verborgen gebreken is echter wel een aanvulling nodig van het Burgerlijk Wetboek en de UAV, de Uniforme Administratieve Voorwaarden.”

Hoe zou de definitie van verborgen gebrek moeten luiden?

“Als alles wat niet in het proces verbaal van oplevering staat. Als er drie dagen na oplevering een scheur in de muur ontstaat, dan is de aannemer daarvoor verantwoordelijk. Tenzij de aannemer bewijst dat de scheuren ontstaan zijn door het smijten met deuren door de opdrachtgever. Het komt erop neer dat diegene die de fout veroorzaakt, ook daadwerkelijk aansprakelijk wordt gesteld.”

Verdwijnt de juridische aansprakelijkheid van de toezichthouder?

“Dat ligt er aan. Bij het Paleis van Justitie, waar marmeren plafondtegels naar beneden kwamen, heb ik begrepen dat de tegels niet waren verankerd, maar alleen waren verlijmd. Als de opdrachtgever met die aanpak heeft ingestemd, terwijl hij wist dat het een risico was, zal hij medeaansprakelijk blijven. Dan komt het leerstuk van eigen schuld in beeld.”

“Ongenuanceerd”, noemt Bouwend Nederland de wensen van het kabinet…

“Je kunt over zaken van mening verschillen. Maar het is toch op zijn minst vreemd dat iemand die de fout maakt in het algemeen niet aansprakelijk is. Daar moet de discussie over gaan.”

Wat vindt u van de reactie van Bouwend Nederland? (Cobouw 11 november)

“De vergelijking met wasmachines vind ik niet opgaan. En voor fouten met een auto kun je ook tot 10 jaar terecht bij de fabrikant. We moeten oppassen dat we de boel niet simplificeren.”

De klant moet meer koning zijn?

“Ja. The Economist schreef ongeveer vijftien jaar geleden: stuur je in Amerika een auto met een probleem naar de fabrikant, dan krijg je een batterij advocaten terug. Doe je dat in Japan, dan komt een batterij ingenieurs het probleem verhelpen. Zo zou de bouw er in moeten staan.”

Reageer op dit artikel