nieuws

Windmolenwedren gaat onverminderd door

bouwbreed

In het net opgeleverde Riffgat offshore windmolenpark zette Siemens dertig molens neer met een vermogen van elk 3,6 megawatt. Volgend jaar verwacht het bedrijf een schaalsprong te maken met een park met 6 megawatt-turbines en rotorbladen van 75 meter. Het einde van de wedren is nog niet in zicht.

Riffgat is het eerste windmolenpark in het Duitse deel van de Noordzee. Zo’n 15 kilometer ten noorden van Waddeneiland Borkum zijn dertig turbines neergezet op monopile-funderingen. De toegepaste turbines zijn momenteel de werkpaarden uit de stal van Siemens. “Ze hebben de plek ingenomen van de 2,3 megawatt turbine die een paar jaar terug nog de standaard zette”, meldt algemeen directeur Michael Hannibal van de offshore windenergie-divisie van Siemens. Begin deze zomer werd voor de kust van Engeland het London Array in gebruik genomen. Met 175 turbines van dezelfde soort levert dat groene stroom voor zo’n 500.000 huishoudens.

Vreemd genoeg zijn bij geen van beide parken de installatievaartuigen ingezet van het bedrijf A2Sea waarvan Siemens sinds 2010 mede-eigenaar is. “Dat liep nou eenmaal zo”, stelt H annibal. “We hebben het bedrijf samen met Dong energy door een moeilijke periode heen geloodst en zijn daardoor plots mede-eigenaar. Maar ze moeten zelf acquireren en op het moment dat we ze goed konden gebruiken waren ze druk met andere projecten.” De investering in A2Sea was volgens Hannibal noodzakelijk om de markt voor offs hore-windenergie verder te helpen. “Er is veel gebeurd afgelopen jaren, blikt hij terug. “Van de eerste buitengaatse windmolen in ondiep water die in 1991 geplaatst werd vanaf een wiebelende kraan, naar projecten in water tot 40 meter diepte met een afgestemde vloot van jackup-vaartuigen, die ongevoelig voor golven hun werk kunnen doen.’’

Met de turbines bereidt Siemens zich inmiddels voor op een nieuwe schaalsprong. De firma installeerde na uitvoerige testen op het land vorig jaar voor het eerst een direct aangedreven turbine bij Østerild voor de kust van Denemarken. De gondel daarvan heeft geen ingewikkelde tandwielkast en kan met de helft van het aantal onderdelen toe. Daardoor is hij lichter en minder onderhoudsgevoelig, wat een groot voordeel is bij installatie op zee. De direct drive-turbine heeft inmiddels alle tests doorstaan zodat het eerste commerciële project ermee van start kan. Volgend jaar zet Siemens er 35 neer in het park Westermost Rough aan de Engelse oostkust.

AirbusA380

De grotere opbrengst van 6 megawatt van deze turbines is niet alleen te danken aan een efficiëntere generator, maar ook aan de grotere rotorbladen die meer wind oogsten. Met een lengte van 75 meter benaderen de bladen van vezelversterkt kunststof de spanwijdte van een Airbus A380, het grootste passagiersvliegtuig ter wereld. De bladen worden in een eigen fabriek van Siemens vervaardigd via een speciaal lamineerproces dat geen naden oplevert of verbindingen tussen de twee helften. Ook op het gebied van de bladlengte is de grens volgens Hannibal nog niet bereikt. Hij verwacht dat die ergens zal liggen bij een lengte van 100 meter. In combinatie met de efficiëntere generator levert dat een vermogen met twee cijfers op. Preciezer durft hij niet te zijn met zijn voorspelling. “Er zijn de afgelopen twintig jaar al zo vaak mensen geweest die een absoluut plafond aangaven in de schaalgroei in offshore windenergie en zich daarbij beriepen op natuurwetten. Meestal werd die grens amper een jaar later al doorbroken. Ik pas wel op voor al te stellige uitspraken.”

Reageer op dit artikel