nieuws

Led wint snel terrein in de openbare ruimte

bouwbreed Premium

Ruim de helft van alle buitenverlichting bestaat inmiddels uit led’s. En ruim 40 procent van de nieuwe installaties voor de openbare verlichting wordt uitgevoerd met led’s.

Dat vertelde Floriaan Tasche van de Nederlandse Licht Associatie (NLA), de vereniging van ondernemers in de professionele verlichtingsector, zijn gehoor op de Ecobouw. Led’s zijn volgens hem overal toe te passen tegen aanmerkelijk lagere kosten dan conventionele lampen. Dat willen de leden van de NLA graag demonstreren; bijvoorbeeld met contracten waarin de leverancier een bepaalde prestatie levert zonder dat de opdrachtgever daarvoor fysieke producten hoeft te kopen.

“Voor binnenverlichting is zo’n constructie inmiddels al een keer geprobeerd”, vertelde Tasche; “voor openbare verlichting nog niet.” Het vergt volgens hem van opdrachtgevers een andere manier van aanbesteden en contracteren en vooral de wil om met led’s te verlichten. Die wil wordt nogal eens gehinderd door de wens om investeringen zo snel mogelijk terug te verdienen. Led’s zijn nog steeds duurder in aanschaf dan conventionele lampen. Daar staan wat Tasche betreft aantoonbare besparingen tegenover, bijvoorbeeld op het onderhoud en op het energieverbruik.

Dat laatste illustreerde de afgevaardigde van de NLA met een vergelijking tussen een natriumdruklamp van 70 watt en een led-v ervanger van 30 watt. De elektronische lamp verbruikt in die vergelijking ruim 57 procent minder energie. “Zonder afbreuk te doen aan het lichtbeeld”, gara ndeerde Tasche. Het vinden van een passende led-vervanger vergt wel kennis van zaken en daar ontbreekt het volgens hem soms aan. “Zo komen verhalen in de wereld dat led-licht van een mindere kwaliteit zou zijn.”

‘Ook gespecialiseerde bedrijven worden niet altijd gehinderd door fundamentele kennis van de nieuwe lichtbron’ schrijven Henk-Jan Hoekjen en Egbert Keen in hun boekje ‘Zin en onzin van led’. Dat komt naar hun mening omdat de elektronische led fundamenteel anders functioneert dan conventionele lichtbronnen. Anders dan vaak gedacht komt bij dat elektronische licht weldegelijk warmte vrij. Die moet worden weggekoeld omdat de lamp dan niet de levensduur haalt die fabrikanten voorspellen. In de ideale omstandigheden van het laboratorium komt die levensduur niet zelden op 50.000 uur.

Strooilicht

Anders dan conventionele lichtbronnen veroorzaakt een led-lamp minder strooilicht, vertelt led-expert Ralph Langen van openbare verlichtingsdeskundige Ziut aan Hoekjen en Keen. Dat kan volgens hem een heel ander lichtbeeld scheppen waaraan mensen moeten wennen. Daarbij heeft led-licht volgens Langen een ander spectrum waardoor soms een ander beeld kan ontstaan.

‘Zin en onzin van led’ is verschenen bij Uitgeverij Gelderland in Epe.

Reageer op dit artikel