nieuws

Architect en aannemer onder één dak

bouwbreed Premium

ORGA Architect uit Nijmegen stapt in de aannemerij. Met de oprichting van ORGA Bouw wil het bedrijf de kloof dichten tussen ontwerp en uitvoering. De benodigde investeringen voor het bouwbedrijf blijven beperkt. Mensen en materieel zijn ook te huur.

Een ar chitectenbureau dat een bouwdivisie van de grond tilt om de eigen ontwerpen efficiënt te realiseren, het lijkt een unicum. Vreemd, maar architect Daan Bruggink laat zich hierdoor niet van de wijs brengen. Niettemin sprak hij kortgeleden een oudere architect die opmerkte lang geleden zoiets te hebben gedaan. Op de vraag hoe dat was afgelopen, antwoordde deze: “Dat liep helemaal mis.”

ORGA Bouw wordt daarentegen een succes, houdt hij stellig vol. Want die andere architect, dat is een heel ander verhaal. “Die ging zijn aannemerspapieren halen en nam vervolgens zelf bouwvakkers in dienst. “En kwam daarmee in een heel ander vak terecht.”

In Brugginks partner Patrick Schreven, die het nieuwe bouwbedrijf onder zijn hoede neemt, klopt het aannemershart al lang. Schreven spreekt over zijn nieuwe bedrijf als “een aannemerij nieuwe stijl”. Hij treedt op als een soort van bouwcoördinator. “Iemand die de touwtjes aan elkaar knoopt.”

Voor de uitvoering huurt hij zzp’ers en gespecialiseerde onderaannemers in, die onderdelen van de bouw – zoveel mogelijk om de beurt – gereedmaken. “Eerst de fundering en de beganegrondvloer, vervolgens het houtskelet compleet plaatsen. Dan afbouwen, om te beginnen aan de buitenkant en vervolgens binnen.”

Maar een en ander blijkt ook afhankelijk van het project. “Van de aard van het ontwerp, of het nieuwbouw betreft of renovatie en de mate waarin prefab valt toe te passen. Prefab hebben we graag zoveel mogelijk, omdat we daarmee efficiënt en weersonafhankelijk bouwen.”

Ecologisch

De belangrijkste reden voor het onder één vlag brengen van architectuur en aannemerij, is de specialisatie van ORGA in ecologisch bouwen. “Alles wat we toepassen is beproefd”, is wat Bruggink en Schreven weten. “Soms is het in andere landen, bijvoorbeeld Duitsland, heel gangbaar, terwijl Nederlandse bouwers er onbekend mee zijn.” Dat kan hier leiden tot problemen: van extra discussies tot hogere risico-opslagen en soms een moeizamere uitvoering.

ORGA architect heeft in de vijf jaren van zijn bestaan gestaag een portfolio opgebouwd met ecologische architectuur in de woning- en utiliteitsbouw. Ecologisch betekent voor Bruggink onder meer het gebruik van hernieuwbare materialen, die zo weinig mogelijk milieubelastend zijn. Hij wil verder gaan dan de minimumeisen op het gebied van duurzaamheid die de overheid stelt en die gaandeweg ook verder opschroeven. “Die eisen zijn vanzelfsprekend. Extra stappen zijn nog meer energiezuinige bouw, bijvoorbeeld passiefhuizen en hergebruik. Ecologische bouw is in mijn ogen vanzelfsprekend energiezuinig, maar we maken daarnaast meer slagen.”

Bij Lokaal Hout, dat hout verhandelt uit de bossen van Natuurmonumenten, betrekt hij voor zijn projecten Nederlands hout. “Van prima kwaliteit. Alleen omdat het meestal kleine partijen betreft die ook nog eens niet altijd direct leverbaar zijn, eindigt het in de praktijk nog te vaak als brandhout.”

Biobased

Andere natuurlijke en in verhouding milieuvriendelijke materialen die ORGA verkiest, zijn onder meer houtvezels, papiervezels, vlas, schapenwol en hennep. Een nieuwe veelbelovende trend vormen de zogeheten biobased materialen. Een bekend voorbeeld is biofoam. Een ander voorbeeld is een gevelbekleding op basis van de stengels van afgedankte aubergineplanten. Pas nog won Bruggink (35) de Nederlandse Bouwprijs voor Jong Talent, omdat hij, zo oordeelde de jury, een positieve impuls heeft weten te geven aan de toepassing van biobased materialen in de bouw.

Het principe van Ecologisch bouwen is eeuwenoud, plaatst Bruggink de praktijk in historisch perspectief.

Hij ziet brood in de combinatie van traditionele, door de eeuwen heen beproefde methoden zoals houtbouw en hightech nieuw ontwikkelde materialen en technieken. Het streven is hiermee te komen tot moderne ontwerpen. “Ecologische bouw hoeft beslist geen typische uitstraling te he bben. Scherpe lijnen, woningen strak in het wit: dat kan allemaal ook ecologisch.”

Schreven en Bruggink noemen hun samenwerkingsvorm een “bouwteam-plus”. Door deze vergaande samenwerking hopen ze efficiënter en daardoor goedkoper te kunnen bouwen, met een minimum aan faalkosten. Externe partijen voeren uit: onderaannemers en zzp’ers.

Schreven (40) begon zijn carrière in een timmerfabriek en werkte de laatste vijftien jaar als projectleider in de bouw. “Zelf aannemer worden was mijn droom en zie. Relatief kleine projecten, de geur van hout: dit is het helemaal voor mij.”

Reageer op dit artikel