nieuws

‘De omslag begint bij de bouwers zelf’

bouwbreed Premium

Hurks overleeft de crisis wel. Veel andere bouwers niet, verwacht topman Geert Hurks. Rouwig is hij daar niet om. Het versnelt de noodzakelijk geachte omslag in de sector alleen maar.

Topman Geert Hurks van de Hurks Groep lacht, maar wel als een boer met kiespijn. Oké, de Eindhovense bouwonderneming schreef over het afgelopen jaren nog keurig zwarte cijfers, maar een winstdaling van ruim 70 procent was toch even schrikken. Hurks rapporteerde nog nooit rode cijfers en wil dat graag zo houden. “Of ik kan garanderen dat we komende jaren ook winst blijven maken? Nee, daarvoor is de markt gewoon te slecht. Maar ik heb er wel alle vertrouwen in dat we over 2013 een positief resultaat zullen boeken.”

De terugval van de winst werd voornamelijk veroorzaakt door de prefabbetonfabrieken van Hurks. Die leden verlies. Zo fors zelfs dat een flinke reorganisatie noodzakelijk was. Overwogen om ze – gezien de sombere vooruitzichten in de betonsector – helemaal te sluiten, heeft de bestuursvoorzitter echter nooit.

“Natuurlijk denk ik wel eens: die prefabbetonactiviteiten zijn een blok aan ons been. Maar als ik verder in de toekomst kijk, kunnen we met die activiteiten juist toegevoegde waarde leveren. Dat de markt er nu even niet is, is geen reden er afstand van te doen. Ik geloof ook heel sterk in een verdere industrialisering van de bouw. Deze keer gaat dat echt gebeuren. Als de bouw ergens aantrekt, zal dat vooral binnenstedelijk zijn. Die omgeving leent zich bij uitstek voor industrieel bouwen.”

Lijdzaam wachten op betere tijden doet Hurks niet. De bouwgroep past zich, zoals zoveel bedrijven in de sector, aan. De onderneming gaat zich nog meer focussen op zijn specialismen: binnenstedelijke herontwikkeling, realisatie van ziekenhuizen en kenniscentra, hoogbouw, transformatie van gebouwen. Bovendien wordt de aandacht nog meer gericht op de kansrijke bouwregio’s. “De Randstad zal steeds belangrijker voor ons worden. Niet alleen in de toelevering, maar ook in bouw en ontwikkeling.”

Hoe de crisis door te komen is ook op het hoofdkantoor van Hurks een belangrijk thema. De topman wil echter graag nog veel verder kijken. Hoe kan de bouw de omslag maken naar een op de vraag ingestelde sector? Hoe kan de samenwerking in de keten worden verbeterd? Hoe kan het laagste-prijsdenken worden doorbroken?

“Wij worden regelmatig slecht behandeld door klanten. Ze stellen eisen die niet meer van deze tijd zijn, ze shoppen met onze aanbiedingen. Maar wat wil je ook: onze inkopers doen in feite precies hetzelfde. Ze kiezen leveranciers en onderaannemers uit op prijs. Zolang de bouwbedrijven de hele wereld afstruinen naar de laagste prijs, doen onze opdrachtgevers dat ook. Dat blijft toch het probleem van deze sector. Wat ik maar wil zeggen: de noodzakelijke transitie begint bij ons zelf.”

Onderuitgaan

Hurks verwacht overigens dat de crisis een handje zal helpen om de bouw de juiste richting op te sturen. “Deze transitieperiode zal voor een groot aantal bedrijven te lang duren”, denkt hij. “Er zijn al wat bouwers omgevallen, maar nog steeds zijn capaciteit en vraag niet met elkaar in balans.”

Hurks komt er ronduit eerlijk voor uit: er kunnen wat hem betreft niet genoeg bouwbedrijven onderuitgaan. Immers, hoe meer er verdwijnen, hoe groter de kans op het binnenhalen van opdrachten. Want Hurks mag dan een uitstekende solvabiliteit van 44,5 procent hebben, ook de Eindhovenaren moeten hun best doen om aan werk te komen.

“Dat laatste vind ik op zich niet erg. Ik wil best hard werken voor mijn geld”, zegt Hurks. “Maar als ik zie hoe maatschappelijk geld wordt uitgegeven en vooral aan wie, dan heb ik daar toch grote moeite mee. Hoe kan het nou dat professionele opdrachtgevers als zorginstellingen of corporaties in zee gaan met bouwbedrijven waarvan in één oogopslag te zien is dat ze niet solvabel zijn. Dat vind ik echt ongelooflijk. Dat zou niet moeten kunnen, maar het gebeurt. En het erge is, het gebeurt met voorbedachte rade. Het maakt ze namelijk helemaal niet uit of de aannemer in kwestie halverwege de rit failliet gaat. Ze vinden wel weer een nieuwe.”

Volgens Hurks gaan deze opdrachtgevers echter voorbij aan de ellende die de ondergang van een bouwonderneming verder in de keten teweegbrengt. Toeleveranciers, onderaannemers leggen regelmatig het loodje na een faillissement van een bouwer.

“Ik zeg je: er komt een moment dat een getroffen onderaannemer het niet pikt en de opdrachtgever van de hoofdaannemer aansprakelijk stelt voor zijn ondergang. Onder het mom van: van een professionele opdrachtgever mag verwacht worden dat hij een solvabele bouwer uitkiest.”

Reageer op dit artikel