nieuws

Titeleis architect dwingt branche tot inventiviteit

bouwbreed Premium

De nieuwe Wet op de architectentitel maakt het voor afgestudeerden in de architectuur moeilijker om aan hun officiële, beschermde, titel te komen. Vanaf 1 januari 2015 moeten ze na hun studie eerst een tweejarige beroepservaringsperiode hebben doorlopen. Het perspectief daarop is dezer dagen minimaal.

In een tijd dat architecten de praktijk door de gekrompen markt gedwongen verlaten en bureaus nauwelijks nieuwe mensen aannemen, is opdoen van ervaring voor nieuwkomers haast ondoenlijk. De instroom van jong talent stokt daardoor. Alternatieven voor regulier werk zoals vrijwilligersactiviteiten en deelname aan studiegroepen meetellen, zou helpen.

Extra stages zijn ook een weg naar de titel. Deze hebben ten opzichte van een baan zeker nadelen maar ook een voordeel. Omdat een stagiair een bureau weinig kost, kan die zich storten op bijzondere projecten. Zoals het zoeken naar een creatief antwoord op vragen waarmee potentiële klanten gebaat zijn.

Iets soortsgelijks gebeurt in studiegroepen die, onder meer, voor en door om werk verlegen architecten worden opgezet. Deelnemers buigen zich daarin vanuit verschillende invalshoeken over architectuurgerelateerde maatschappelijke vraagstukken. Het houdt mensen minstens bij het vak betrokken en levert verder, is de bedoeling, maatschappelijk rendement op. Ook vestigen deze initiatieven de aandacht op de beroepsgroep als bron van ideeën.

Toepassing

Het Bureau Architec tenregister, dat verantwoordelijk is voor de uitvoering van de wettelijke regeling, werkt de komende tijd de toepassing uit. Rob Docter, oud-directeur van het Berlage Instituut, is aangesteld als projectleider. Overleg met de branche ligt in het verschiet. De inzet is ruimte openhouden voor nieuwe toetreders tot het vak.

Werkplekken in wat voor vorm dan ook zijn nodig. Verder moeten mentoren beschikbaar komen die aankomend architecten begeleiden opdat hun ervaring zo leerzaam mogelijk is.

De nieuwe Wet op de architectentitel vervangt de huidige die sinds 1988 geldt. De titel is er voor respectievelijk (bouw)architecten, stedenbouwkundigen, landschapsarchitecten en interieurarchitecten. Een diploma van een van de hbo- of wo-opleidingen hiervoor is nu nog toereikend. Zonder een dergelijk diploma architect worden, kan ook, door met succes een architectenexamen af te leggen. Daarnaast kan iemand de officiële, beschermde, titel krijgen op basis van gebleken uitzonderlijke kwaliteiten.

De reden voor de nieuwe extra toelatingseis is “het garanderen van d e toekomstige kwaliteit van het vak”. Dat een tweejarige voltijd dienstbetrekking of stage en een ondernemersbestaan als zelfstandig bureauhouder zullen voldoen, is al zeker.

Maar toen de nieuwe regeling werd bedacht, was er volop werk. Nu ligt dat anders. Of en in hoeverre alternatieve manieren waarmee afgestudeerden met hun vak actief zijn, mogen meetellen, is de vraag. Die zal stof zijn voor discussie. Een optie is dat wordt bekeken of de uitgevoerde activiteiten een ervaring hebben opgeleverd die zich kan meten met die van regulier werk. Appels met peren vergelijken misschie n. Maar hoewel verschillend, kunnen ze allebei goed zijn.

Reageer op dit artikel