nieuws

‘Golf van consolidaties 
op komst’

bouwbreed Premium

Consolidatie in de Nederlandse ingenieursbranche is onvermijdelijk. Binnen vijf jaar, wellicht tien jaar, zal volgens directeur Rob Mooren van Arcadis Nederland een flink aantal grotere ingenieursbureaus zijn samengevoegd.

“Nederland is erg rijk bedeeld met grote bureaus. We krijgen consolidatie, dat gaat echt gebeuren. De branche is sterk aan het veranderen. Misschien gaan de bureaus wel samen met bedrijven gespecialiseerd in informatietechnologie, met bouwers of installateurs. We komen nu al tegen dat op wat ik echt ingenieurswerk vindt, ook een paar aannemers inschrijven.”

Arcadis, opvolger van de vermaarde Heidemaatschappij, bestaat 125 jaar. Als weinig andere droeg het bedrijf bij aan de vormgeving van ons land. Als ontginner van woeste gronden, werkverschaffer in crisistijd en schoonmaker van ernstig vervuilde gronden. Op de referentielijst staan de ondertunneling van de A2 bij Maastricht, enkele Floriades en een spoorproject als de Hanzelijn. Met honderd gemeenten is het bureau in gesprek over slimme systemen voor het beheer van de openbare ruimte.

“Over 25 jaar is Arcadis in Nederland nog steeds een toonaangevende partij”, zegt Mooren. “We zullen veel meer dan nu al het geval is gebruik maken van informatietechnologie. Het aspect duurzaamheid wordt een strikte randvoorwaarde. Zonder kom je niet meer aan de bak. Op 2400 medewerkers hebben we nu nog 1600 werkplekken, een gevolg van het nieuwe werken. Over een kwart eeuw heb je nog slechts 400 werkplekken nodig, misschien wel 200. Veel meer dan nu al het geval is, wordt alles virtueel.”

Na een uitstapje van vier jaar naar Amersfoort is Arnhem weer het hoofdkantoor van de Nederlandse activiteiten. Internationaal wordt de regie gevoerd vanaf de Amsterdamse Zuidas. De grootste vestigingen in Nederland zijn Amersfoort (800 medewerkers) en Rotterdam (300). Een slag kleiner zijn Arnhem, Apeldoorn (ieder 250) en Den Bosch (200). Terwijl ook nog uitvalsbases te vinden zijn in zes andere plaatsen verspreid over het land. Sedert 2009, toen Arcadis in Nederland drieduizend medewerkers telde, slonk het aantal banen met 600. Waarvan 300 door de verkoop van locatiebeheerder AAfm aan de Asito-groep.

Semi-overheid

In de winter van 1888 staken in

Arnhem grootgrondbezitters en prominente bestuurders de koppen bij elkaar om te komen tot de oprichting van de – bedrijfsmatig te opereren – vereniging Heidemaatschappij. Eerder die eeuw had de Duitser Justus von Liebig de kunstmest uitgevonden. Voortaan konden schrale gronden vruchtbaar gemaakt worden. Goedkoop graan overspoelde Nederland. De prijs van tarwe was binnen vijftien jaar gehalveerd. Inhakend op de landbouwrevolutie kwam twee jaar voor de start van de Heidemij een wet tot stand om de verdeling van de gemeenschappelijke heidegronden aantrekkelijk te maken voor particuliere investeerders. Snel rijk geworden Twentse textielfamilies als Blijdenstein en Van Heek stonden mede aan de wieg van de Heidemij. Met relatief weinig geld zouden ze grote lappen grond op hun naam schrijven.

De Heidemij concentreerde zich op ontginning, bebossing en afwatering, om zo de productiviteit van de Nederlandse bodem te bevorderen. Als tweede doel gold verbetering van de sociale omstandigheden door het bieden van werkgelegenheid. En dat alles volgens de liberalistische principes van die tijd. In 1917 werden van de 2513 ontgonnen hectares, elf met de schop uitgevoerd. In oorlogsjaar 1942 werden van de 6262 ontgonnen hectares maar liefst bijna 5000 op de schop genomen. Geen wonder dat velen de Heidemij zagen als een soms bedenkelijke semi-overheid.

In de top van de Heidemij vinden we mannen van stand. Directeuren-generaal van het ministerie van Landbouw, commissarissen van de koningin, baronnen en jonkheren. Tot de bestuurders behoorden rentmeesters van het koninklijk paleis, dijkgraven en twee minister-presidenten: Charles Ruys de Beerenbrouck en Barend Biesheuvel.

Na de Tweede Wereldoorlog – de tijd van de grote werkgelegenheidsprojecten is voorbij – zoekt de Heidemij verbreding in hulp aan de Derde Wereld. Neemt decennia lang samen met Grontmij deel in Euroconsult, een bedrijf dat zo effectief mogelijk subsidies van de overheid tracht om te zetten in steun aan de burgers in ontwikkelingslanden.

“Na jaren van sterke groei ging Heidemij in 1982 failliet. Er waren te grote investeringen in het buitenland gedaan”, zegt Mooren.

De vastgoedcrisis begin jaren tachtig – een tijdvak waarin de rentes opliepen tot 12 procent – maakte een einde aan Heidemij oude stijl. Bezittingen had het bedrijf voldoende. Aan kasgeld was echter een chronisch gebrek. Besloten werd tot een sterfhuisconstructie waarbij om het kernbedrijf te redden twee vijfde van de 3000 medewerkers hun baan verloor. Kans op een doorstart kregen vier werkmaatschappijen gericht op advies, realisatie en vastgoed. Vanaf 1985 was weer sprake van groei. De vereniging Heidemij werd los van het bedrijf op eigen benen gezet en bestaat nog steeds.

Voorzichtiger

“Het bewustzijn van risico’s is begin jaren tachtig sterk toegenomen. Heidemij werd een stuk voorzichtiger. Een belangrijke nieuwe impuls kwam uit het milieuwerk, de grote bodemvervuiling in Lekkerkerk betekende een doorbraak.”

In de jaren negentig volgde de internationalisatie. De Europese Unie was in de maak en dat betekende nieuwe kansen. Snelwegen, gebouwen, rail. Het pakket werd steeds breder. Heidemij kreeg via een overname vaste voet in Duitsland en sloeg de vleugels zelfs uit naar de Verenigde Staten. De fusie met Geraghty & Miller bracht in 1993 een notering aan de Nasdaq en twee jaar later verscheen het bedrijf ook zelf op de beurs. In 1997 veranderde de naam in Arcadis.

Sinds de eeuwwisseling verkeert het bedrijf in een stroomversnelling. De onderneming die in 2000 dik tevreden was met activiteiten ter waarde van 776 miljoen euro, kijkt tegenwoordig niet meer op van een jaaromzet ver boven de 2 miljard.

In de jaren dat bestuursvoorzitter Harrie Noy de scepter zwaaide, werden zonder kleerscheuren grote buitenlandse topbedrijven binnengehaald als RTKL (VS, architectuur), Malcolm Pirnie (VS, water), EC Harris (GB, slim locatiebeheer) en Davis, Langdon & Seah (GB/Azië, kostenspecialist).

Mooren: “Arcadis is een wereldbedrijf geworden. Jarenlang kwam 90 procent van de omzet uit Nederland, nu minder dan 15 procent. Vanwege onze specialismen is Nederland echter nog steeds een erg belangrijke pijler onder de onderneming. Omzet: ruim 300 miljoen. Harrie Noy heeft afgelopen twaalf jaar een grote belangrijke rol gespeeld. Voortvarend en beheerst heeft hij topbedrijven overgenomen. Daarvoor betaalden we dan wel de hoofdprijs maar volgens hem is Arcadis dan ook geen bedrijvendokter. Dat te onderkennen, is erg goed geweest.”

D it jubileumjaar houdt Arcadis ter herinnering aan zijn oprichting 125 jaar geleden diverse themabijeenkomsten plus in november een slotmanifestatie met een koninklijk tintje in het Concertgebouw te Amsterdam. Postzegels zullen verschijnen waarop afgebeeld bijzondere projecten, zoals de imponerende brug in het Franse Millau.

Moore n: “Vanaf zijn oorsprong af is het doel van dit bedrijf de verbetering van de leefomgeving, in de meest brede zin van het woord”, zegt Rob Mooren. “Je ziet het aan de mensen die hier komen werken, aan de projecten die we oppakken. Wat mensen naar een bureau als het onze drijft, is zingeving. Ook nu nog.” n

Reageer op dit artikel