nieuws

Driepoot verliest éénvan zijn poten

bouwbreed

Het Nationaal Programma Rotterdam Zuid (NPRZ) steunt op een driepoot: werk, opleidingen en verbeterd woningbezit. Nu één van de poten door de Vestia-problemen wordt afgezaagd, dreigt het hele bouwwerk in elkaar te storten.

Doel van het NPRZ is Rotterdam-Zuid (200.000 inwoners) binnen twintig jaar op het niveau van de G-4 te krijgen. Vooral in zeven ‘focusgebieden’ en vier ‘kantelzones’ waarop het programma zich in eerste instantie richt, is het goed mis: 22 procent van de inwoners leeft van een uitkering, van alle leerlingen verlaat 21 procent vroegtijdig hun opleiding en de gemiddelde WOZ-waarde bedraagt er 103.000 euro. Essentieel voor creëren van meer waarde is dat meer bewoners aan het werk raken. Pastors: “Als we die knop weten aan te draaien, krijgen we de rest ook op niveau. Daarom stellen wij, anders dan bij eerdere programma’s, de bewoners centraal.”

Naar voorbeeld van New York gaat Rotterdam ‘Children’s zones’ ontwikkelen. Dertig basisscholen en tien middelbare scholen doen mee aan het geven van extra onderwijs. Een multifunctioneel team gaat ‘mee naar huis, naar de keukentafel’ als het mis gaat. Vooral techniekonderwijs krijgt een extra impuls in Rotterdam-Zuid. Dat heeft te maken met ‘carrièrestartgaranties’ waarover afspraken zijn gemaakt met het bedrijfsleven. Die voorzien erin dat een kind dat een volledig onderwijsprogramma doorloopt gegarandeerd werk krijgt bij een bedrijf in het havengebied. De aldus groeiende groep bewoners met een baan zou vervolgens voldoende koopkracht hebben om een van de duizenden gerenoveerde of nieuw gebouwde huizen te kopen.

Als dat laatste door de immense financieringsproblemen die nu opdoemen in het water valt, is de kans groot dat kansrijken alsnog naar elders vertrekken. En dan verandert er per saldo nog niets in het probleemgebied. Eerder ontstonden al tekorten door afschaffing van de ISV-gelden, de Vestia-problemen maken het nog lastiger. “We boffen nog dat Rotterdam-Zuid de status van Nationaal Programma heeft, want dat levert direct een groter deel van de gelden voor stedelijke herstructurering op,” zegt wethouder Hamit Karakus, die tevens voorzitter van het NPRZ is. “Vooraf is al vastgesteld dat dit gebied niet vooruitkomt zonder hulp van het Rijk, daar rekenen wij nu dus ook op. En de minister lijkt gevoelig voor ons pleidooi.”

Steun vanuit Den Haag is behalve voor de grootschalige renovatieoperatie ook nodig voor vervanging van vierduizend particuliere woningen. De onrendabele top daarop is becijferd op 400 miljoen euro. Karakus: “Dat gaat dus niemand van ons overnemen.” Behalve directe steun vanuit Den Haag wil hij vrijstelling voor de Rotterdamse corporaties van de Vestia-heffing. Dat zou 40 miljoen euro per jaar kunnen schelen. “We hebben aangetoond dat onze corporaties niet meer kunnen doen.” Rotterdam-Zuid denkt op Europees geld aanspraak te kunnen maken onder meer wegens problemen ontstaan door arbeidsmigratie. Veel Oost-Europeanen zijn neergestreken in het gebied en die wonen vaak met velen in een huis. Rotterdam praat met het Rijk over aanscherping van de ‘Rotterdamwet’ om daar wat aan te doen en over een Rijksaanpak van huisjesmelkers die verantwoordelijk zijn voor ‘ongewenste exploitatie’. Ook zet de stad extra in op activering van Verenigingen van Eigenaren.

‘Superambtenaar’ Marco Pastors zegt nog geen slapeloze nachten te hebben over de financiële perikelen rond zijn NPRZ-project. “De afgelopen tien jaar hebben we ons vooral geconcentreerd op grote investeringen in huizen en gebouwen. Hoe erg is het dat we even pas op de plaats maken en ons richten op de bewoners zelf? Dáár gaat het uiteindelijk om.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels