nieuws

Melder bouwfraude
 achtervolgt Staat

bouwbreed

Klokkenluider Floor Drost, die in 2004 de schaduwboekhouding van Boele & Van Eesteren naar buiten bracht, is verwikkeld in een schimmengevecht met de Staat der Nederlanden. “Ik wil mijn leven weer op de rails krijgen.”

Sinds kort probeert Floor Drost de kost te verdienen met een eigen verhuisbedrijfje. Maar veel verhuisd wordt er niet, het aantal opdrachten laat dus te wensen over.

Naar eigen zeggen ondervindt de 46-jarige Drost nog altijd de naweeën van het feit dat hij in 2004 naar de politie is gestapt met een dossier van zijn ex-schoonvader, die op dat moment directeur was bij Boele & Van Eesteren. Het ging om een schaduwboekhouding met ‘verrekenlijsten’, waaruit ondubbelzinnig bleek dat bedrijven werk hadden verdeeld en illegale prijsafspraken hadden gemaakt.

Drost was na Ad Bos de tweede klokkenluider die grootschalige bouwfraude aan het licht bracht. Dit gebeurde nadat de parlementaire enquête over dit onderwerp al achter de rug was. De melding van Drost bleef niet zonder gevolgen. De fiscus incasseerde talrijke naheffingen, en de Nederlandse Mededingingsautoriteit legde miljoenenboetes op.

Niet alleen voor de betrokken bedrijven, ook voor Drost zelf waren de gevolgen ingrijpend. De klokkenluider moest onderduiken, zijn handelsbedrijf ging failliet en zijn kinderen heeft hij inmiddels acht jaar niet meer gezien. Dit alles is terug te voeren op zijn melding van destijds, zegt hij. “Ik heb een deuk in mijn auto en een scheur in mijn broek. Daarvoor moet ik schadeloos worden gesteld. Ik wil mijn leven weer op de rails krijgen.”

Zitting

De bestuursrechter in Utrecht boog zich vrijdag over de zaak-Drost. Aanleiding was een weigering van de minister van Binnenlandse Zaken om de klokkenluider tegemoet te komen. Tijdens de zitting werd uitgebreid stilgestaan bij de vraag waarom Ad Bos destijds wel een schadevergoeding van de Staat heeft gekregen en Floor Drost niet. Het belangrijkste argument dat Binnenlandse Zaken hiervoor aandraagt, is dat aan Ad Bos toezeggingen zouden zijn gedaan door toenmalig minister Laurens Jan Brinkhorst.

Drost voert op zijn beurt aan dat niemand weet heeft van enige harde belofte. Brinkhorst zelf ontkent toezeggingen te hebben gedaan, en toen journalisten en Drost zelf met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur probeerden meer duidelijkheid te krijgen, bleek dat de Staat in zijn archieven geen enkel stuk kan terugvinden dat het tegendeel bewijst. Bovendien bracht Drost gisteren een brief in van Ad Bos. Ook Bos ontkent dat hem ooit toezeggingen zijn gedaan.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels