nieuws

Gemeente Buren overwint Nuon in gevecht over bouwleges windmolens

bouwbreed

Wat bepaalt de bouwkosten van een windmolen en dus de bouwleges die een gemeente kan vragen? Daarover is al jaren juridische strijd. Ook in Lienden. Nuon en de gemeente Buren vochten tot voor het gerechtshof over de leges voor vier windmolens daar. Vorig jaar stelde de Arnhemse rechtbank Nuon in het gelijk. Maar het Arnhemse hof draaide die beslissing terug.

Nuon moet nu de volledige leges van 90.950 euro betalen. Punt van geschil is de vraag wat tot het bouwwerk zelf behoort. Fundering, mast en gondel, zo redeneert Nuon. De rest is bedrijfsinstallatie en dat valt buiten de bouwleges. Maar in 2009 rekende Buren leges over windmolens inclusief rotorbladen, rotoras, tandwielkast en generator. De bouwkosten per molen werden vastgesteld op 3 miljoen euro. De totale bouwleges werden 90.950 euro. Nuon stapte naar de rechter.

Rotorbladen

In mei 2011 bepaalde de rechtbank dat de kosten van generator en tandwielkast in mindering moesten worden gebracht. De rotorbladen behoren wel tot het bouwwerk, zo oordeelde de rechtbank. De bouwkosten werden geraamd op bijna 2 miljoen euro per molen. De leges voor het windmolenpark werden zo niet berekend over 12, maar over 8 miljoen euro en kwamen op 52.448 euro. Nuon was het niet eens met de beslissing over de rotorbladen en ging in hoger beroep. Het Arnhemse hof kijkt weer totaal anders naar het bouwwerk. Alle onderdelen moeten worden meegerekend, zo oordeelt het hof, want anders is het geen werkende molen: “Zonder installatietechnische voorzieningen beantwoordt zij niet aan haar doel. Een windturbine als afgerond bouwwerk is niet denkbaar zonder de onderdelen die de turbine laten functioneren.” De leges worden nu weer berekend op de totale bouwkosten van 12 miljoen. Nuon had beter niet in hoger beroep kunnen gaan. Juristen van het bedrijf beraden zich nu of ze in cassatie gaan bij de Hoge Raad.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels