nieuws

‘Ik wil Nederland gezonder maken door de woningmarkt te hervormen’

bouwbreed

Krap vijf weken aan het roer ziet de minister van wonen en rijksdienst Stef Blok zichzelf als een crisismanager die een verliesgevende onderneming weer draaiende moet krijgen. Maatregelen nemen doet pijn. “Ik móet ingrijpen.”

In de tijd dat bankier nog een “respectabel beroep” was werkte Stef Blok bij ABN Amro. In de “moeilijkste crisisjaren” was Blok commissaris bij Scholtens Bouwgroep. Beide ervaringen maken de man die namens BV Nederland verantwoordelijk is voor het woningmarktbeleid “dolblij”.

“Ik heb nu altijd beelden bij wat ik doe. Of ik me ook meer verantwoordelijk voel voor de bouwsector? Nee, dat was ik al, maar ik ben wel extra betrokken”, zegt Blok in zijn werkkamer op het ministerie van Binnenlandse zaken. De VVD’er is naar eigen zeggen recht door zee. Iemand die niet om de hete brij heen draait. Die bestuurlijke eigenschappen heeft hij nu hard nodig. De kritiek op zijn beleid neemt met de dag toe. Corporaties staken hun bouwplannen. Blok vertoont geen spoor van twijfel. Hij is ervan overtuigd dat zijn maatregelen op de lange termijn goed uitpakken.

U schakelt Kees van Dijkhuizen in om via pensioenfondsen de woningmarkt in beweging te krijgen. Hoe kansrijk is die missie?

“Ik wil niet op de muziek vooruit lopen, maar ik krijg signalen dat het de moeite waard is om te proberen. Het klopt dat het plan oud is, maar de betrokken partijen spraken elkaar tot op de dag van vandaag vooral via de media aan. Dat helpt niet. Ik zie geen onoverkomelijke obstakels. Behalve dan dat er oneindige garanties van het Rijk worden gevraagd.”

Hoe belangrijk is de bouw als aanjager voor de Nederlandse economie?

Blok denkt even na. “Belangrijk. Omdat we allemaal weten dat er achter de bouw veel toeleveranciers zitten. Tegelijkertijd is het niet zo dat je tegen de conjunctuur in kunt roeien door de bouw te stimuleren. De suggestie wordt wel eens gedaan. Dat zal je echt niet lukken.”

Wordt de bouw niet onevenredig hard getroffen door uw beleid?

“Dat ook de bouwsector getroffen wordt is waar. Maar je kunt niet beweren dat de bouwsector, of breder de woningmarkt nu opeens van de hemel in de hel is beland. Mijn rol als minister is te vergelijken met een ondernemer van een bedrijf. Ik ben in feite lid van de raad van bestuur van een organisatie die verlies maakt, de BV Nederland. Ik móet ingrijpen.”

Schrikt u van alle commotie die er is over uw plannen?

“Bij zo’n regeerakkoord ga je niet achter een tafeltje zitten, wat bedragen bedenken en je vinger in de lucht steken voor de economische effecten. We hebben alles laten toetsen door het Centraal Planbureau. Maar het zijn respectabele institutendie met andere geluiden komen. Maar ik ga niet de illusie wekken dat die 2 miljard niet meer geheven zal worden bij corporaties. Altijd als de overheid uitgaven vermindert of lasten verhoogt, doet dat pijn. Dat zie ook in de doorrekening. De eerste paar jaar duw je de economie nog wat verder in elkaar, maar vervolgens trekt de economie weer aan.”

U stelt uw koers niet bij?

“Ik wil serieus kijken naar differentiatie van de verhuurdersheffing, Ik ben verder bereid te kijken hoe we precies omgaan met het omzetten van het woningwaarderingssysteem naar het systeem van 4,5 procent van de WOZ-waarde. Misschien dat we dat in de tijd moeten faseren of differentiëren.”

Stuurt u niet gewoon aan op minder corporaties?

“Dat is niet mijn ambitie, maar ik ben ook niet tegen een kleinere corporatiesector. Sterker nog, ook de CPB-analyse geeft aan dat een aantal corporaties in de problemen zal raken; daar zal dus gesaneerd moeten worden. Op die grond mag je verwachten dat corporaties samengaan. Wat wel een efficiencydoel is van het regeerakkoord is om de taken van corporaties scherper af te bakenen. De corporaties moeten terug gaan naar de kerntaak, dat is sociale woningbouw.”

En de sociale woningbouw komt weer onder de vleugels van de gemeente?

“Niet terug naar gemeentelijke woonbedrijven. Als centrale overheid zijn we de achtervanggarantie, dus willen we een scherper financieel toezicht via het Centraal Fonds. Daarnaast is de gemeente ook garant, daar komen ze nu ook steeds meer achter. Dus alleen al om die reden is het logisch dat de gemeente een veel nadrukkelijkere rol krijgt. Ten tweede heeft de gemeente ook een volkshuisvestelijke taak. Met woningcorporaties moet het plannen maken over de verdeling huur, koop, en sociale huur.”

Wie neemt het voortouw bij bouwplannen, gemeenten of corporaties?

“Als gemeente kun je alleen garant staan als je zo nu en dan echt nee kan zeggen. Ik wil niet dat een gemeente een woningcorporatie kan dwingen om investeringen te doen die juist niet verantwoord zijn. Ik kan me niets voorstellen bij een woningcorporatie die van de gemeente een voetbalstadion moet gaan bouwen, terwijl de corporatie het niet kan exploiteren.”

Is het juist goed dat corporaties veel minder gaan bouwen?

“We hebben expliciet gezegd: woningcorporaties moeten terug naar sociale woningbouw, zodat anderen meer de ruimte krijgen om vrijesectorhuurwoningen en koopwoningen te bouwen. Maar het is niet leuk dat de bouwactiviteit afneemt.”

Corporaties zoals Ymere stoppen nu ook sociale huurprojecten.

“Ik kan natuurlijk niet voor iedere woningcorporatie beoordelen hoe die zijn investeringsafwegingen maakt. Ik kan wel constateren dat we bij de nieuwe regelgeving kunnen zeggen: het bouwen van vrijesectorwoningen is eigenlijk niet je taak en met marktconforme huren kun je dat terugverdienen.”

Starters blijven 1,5 jaar langer thuis wonen, de woningnood loopt op. “Dat mensen sparen voor ze een huis kopen, vind ik verstandig. Ik deed dat ook. Ik had eerst een huurwoning en kom uit een familie waar eerst gespaard werd voor je een huis kocht. Het is verstandig en noodzakelijk dat die tijd weer terugkomt. Een van de redenen dat Nederlandse banken moeilijk aan geld komen is omdat ze in het buitenland het fenomeen niet kennen dat je meer dan 100 procent van de waarde van je huis kunt lenen. Woningnood?

We zijn niet in de jaren vijftig. Die verhalen ken ik van mijn ouders. Dat je echt moest inwonen bij je eigen ouders en dat je kinderen had. ”

U zegt: het komt goed. Per wanneer?

“2013 en waarschijnlijk ook 2014 worden voor heel Nederland, dus ook voor de bouwsector, hele moeilijke jaren. Maar met de maatregelen krijg je weer beweging in de woningmarkt. Je ziet dat huizen nu alweer betaalbaar worden voor starters. Voor de bouw betekent dit dat het iets langer zal duren voordat er gekocht wordt, maar de vraag naar woningen blijft bestaan. De lucht loopt nu hard uit de prijzen. Gecombineerd met de huurverhogingen zorgt dat voor een bodem. We hebben eerst twee moeilijke jaren, maar er breken gewoon weer goede tijden aan.”

U wilt straks te boek staan als dé hervormer van de woningmarkt?

“Ja. Ik wil Nederland gezonder maken door te hervormen. Mijn missie is geslaagd als de woningmarkt weer draait. Ik ben niet de pas-op-de-winkel-minister. Ik wil er een swingende tent van maken.”

CV Stef Blok

Stephanus Abraham (Stef) Blok (48) studeerde bedrijfskunde in Groningen. Daarna had hij verschillende functies bij ABN Amro. In 1998 ging hij namens de VVD de Tweede Kamer in waar hij het uiteindelijk bracht tot fractievoorzitter. Tot aan zijn ministerschap was hij commissaris bij Scholtens Groep.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels