nieuws

‘Ik vertrouw liever op vakmanschap dan op de laatste technische snufjes’

bouwbreed

Vierentwintig uur per dag toezichthouders op de boor, die een groot mandaat hebben. Dat waren de eerste veranderingen die Paul Janssen doorvoerde toen hij aantrad als boormanager bij de Dienst Noord-Zuidlijn.

< Vervolg van pagina 1

Niet te veel technische hoogstandjes uit eigen koker, maar zoveel mogelijk werken met standaardmachines. Die les nam Janssen mee naar de Noord-Zuidlijn toen hij vier jaar geleden begon in Amsterdam. “Er zijn al zo veel factoren die variëren per tunnelproject, daar moet je er zo min mogelijk aan toevoegen. Hou het simpel. Tunnelboren is een industrieel proces, dan moet je zorgen dat de herhalingsfactor zo groot mogelijk is. Ik vertrouw liever op vakmanschap van de boorploeg dan op de laatste technische snufjes. Want het mogelijke voordeel van innovaties weegt zelden op tegen het risico dat ze met zich meebrengen.”

Janssen had toen hij aantrad al twee boortunnelprojecten succesvol afgerond: de tunnel onder het Pannerdens kanaal en de Haagse Hubertustunnel. Op basis van die ervaringen besloot hij ook direct het toezicht op de boormachine te vergroten. Hij voerde het toezicht op naar 24 uur per dag en dwong contractueel af dat die toezichthouders een groot mandaat kregen. “Dus als de inspecteur van dienst zegt dat een netgeplaatste tunnelring moet worden uitgebouwd omdat hij beschadigd is, dan gebeurt dat. Ook al betekent dat al gauw vier uur productieverlies. “

Gevloekt

Het is meermalen gebeurd, en daarbij is ook wel eens gevloekt door de boorploeg, maar het heeft nooit geleid tot een moeizame relatie in de bouwkeet. Er is volgens Janssen geen meerwerkfactuur verstuurd. En het resultaat is er naar: weinig scheuren, bijna geen beschadigingen en nul lekkages. “Reuze prettig als er buiten 3 bar water tegen je tunnelwand staat te drukken.”

Even lijkt de hoofdboorder zich te verliezen in een zelfgenoegzame terugblik. Alsof het allemaal al achter de rug is. Dan realiseert hij zich zijn eigen motto weer: it ain’t over until the fat lady sings. Daarvoor is het op het moment van het interview nog net te vroeg. Hoogstwaarschijnlijk heeft de dikke dame al lang gezongen op het moment dat deze Cobouw bij de lezers op de mat ploft.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels