nieuws

Zelf doen is het credo

bouwbreed

Zelf doen is het credo

In de artikelenreeks ‘De Bouw in 2030’ schetsen opinieleiders hun visie op de toekomst van de sector. Vandaag deel 21: Tom Vroemen, directeur van CrowdAboutNow.

Concepten in de samenleving zullen in 2030 waarschijnlijk niet meer gebaseerd zijn op visie. Althans niet de visie van conceptdenkers, maar de wens van het individu. We zijn gewend aan de tweedeling van conceptleveranciers en consumenten (of opdrachtgevers, afnemers) die een product of dienst kopen, zeker in de bouwsector. Langzaam maar zeker zien we een ontwikkeling die zelfs de conceptbedenkers – nu nog hoog innovatief geacht – overbodig maakt.

Tegenwoordig is het nog zo dat gezelschappen van slimme jongens oplossingen bedenken voor problemen van gebouwgebruikers en de maatschappij. Problemen als: hoe haal ik het maximale uit mijn hypotheekrenteafrek? Wie verkoopt de energie uit mijn zonnepanelen? Wie regelt nog wat extra voorzieningen in mijn buurt? Of: ik wil mijn eigen woning ontwerpen, maar niet met regels en aannemers te maken hebben.

In 2030 is de maatschappij zelf het gezelschap van assertieve slimme jongens geworden en schept zij haar eigen omgeving als initiatiefnemer en dirigent. We zien dit nu al gebeuren, omdat de nieuwste concepten steeds meer gericht zijn op flexibiliteit en ruimte voor eigen inbreng. Dat zal zo doorgaan tot er niet meer te spreken valt van een concept, maar voor elke vraag geleverd kan worden.

De maakbaarheid van de eigen omgeving wordt ongekend groot. De betrokkenheid bij (het tot stand komen van) de eigen omgeving eveneens. Elke partij die bij wijze van uitoefening van beroep of bedrijf de invloed van het individu beperkt of bewerkt, zal op termijn op zijn plek in de keten plaatsmaken voor de eigen inbreng van het individu. Gewoon, omdat het kan. Omdat het internet kennis ontsluit. Omdat vraag en aanbod gratis en toegankelijk samenkomen. Omdat communicatietechnologie ons toestaat veel meer en intensiever direct met elkaar te communiceren, zonder dat er partijen zijn die die moeten coördineren.

Rollen van conceptontwikkelaars, projectontwikkelaars en grote opdrachtgevers zullen vervagen doordat het individu steeds meer mogelijkheden krijgt om zelf verregaande invloed te hebben op de eigen leefomgeving. Dat komt doordat de technologie het inmiddels toestaat snel, toegankelijk en gecoördineerd inbreng van een grote groep individuen te verwerken, maar in het bijzonder door de toenemende behoefte aan eigen inbreng. Ik zal dat illustreren met enkele sociaal-maatschappelijke trends die we anno 2012, weliswaar in het klein maar wel gevestigd zien, en waarvan ik verwacht dat ze in 2030 van grote invloed op het bouwlandschap zullen zijn.

Daadwerkelijke stakeholders

Terwijl men in het verleden een woning kocht van een projectontwikkelaar, is het nu mogelijk met geringe deskundigheid zelf optimaal een eigen woning te ontwikkelen: (collectief) particulier opdrachtgeverschap leeft. Klopte men in het verleden aan bij grote financiële instellingen om een project te realiseren, nu wendt men zich steeds vaker tot de daadwerkelijke betrokkenen: omwonenden, fans en gebruikers van het project, die zich ook nog eens gedragen als ambassadeurs, financieren door middel van stakeholders.

Kocht men in het verleden aandelen Koninklijke Olie en vertrouwde men op de accountinggegevens van de prospectus, nu belegt men in de begrijpbare, aanraakbare, aanspreekbare en duurzame ondernemer in de buurtwinkel op de hoek: beleggen in de eigen belevingswereld. Kocht men in het verleden energie in bij een energiemaatschappij, nu worden lokale, decentrale energiemaatschappijtjes in eigen beheer opgezet: energiecoöperaties.

Trachtte men in het verleden invloed uit te oefenen op lokale overheden om idealisme of beleving te realiseren, nu neemt men in toenemende mate zelf het initiatief: community enterprises.

De dunne jaren van de crisis hebben het gevoel van afhankelijkheid in ons geraakt. Men is zich gaan afvragen: waarom kan ik mijn ideaal niet bereiken door een risico-oordeel van de bank, een door de ontwikkelaar opgelegd stramien of beperkte inspanning van de gemeente? Dat leidt ertoe dat we langzaam maar zeker gaan hechten aan andere waarden en verschuiven de paradigma’s van top-down naar bottom-up.

Grofweg luiden die paradigmaverschuivingen als volgt:

• Initiatief nemen met stakeholders in plaats van een product verkopen aan ‘de consument’. Plannen zullen steeds vaker samen met gebruikers worden uitgewerkt, en niet pas na voorbereiding of voltooiing op de markt worden gebracht.

• Economieën van schaal en reproduceerbaarheid verliezen het van compromisloze flexibiliteit. Ontzorgers en facilitatoren binden de consument aan een stramien om effectief te kunnen zijn. Deze diensten zullen afscheid moeten nemen van schaal en structuur, en uiterst flexibel moeten zijn om te kunnen voldoen aan de immer diverser wordende vraag.

Behapbaar

Financieel rendement zal worden aangevuld met sociaal rendement. Het individu zal ervoor kiezen zijn geld te beleggen in aanraakbare begrijpbare beleggingen in zijn nabijheid met een zekere gunfactor.

Groot en massaal wordt behapbaar en begrijpelijk. Het individu zal zelf invloed uitoefenen op de omgeving waarin hij zich beweegt en zal in zijn geheel willen begrijpen en beïnvloeden hoe dit tot stand komt. Aanbieden wordt aannemen. Waar we nu nog richting de klant communiceren wat we kunnen betekenen, zal de klant in de toekomst vaker precies weten wat hij wil en alleen nog aankloppen voor dat specifieke deel dat hij zelf niet kan. Plaats hem dan ook niet in een vakje. Flexibiliteit heeft de prioriteit. Zelf doen is het credo. De rol van procesmanagers, financiers, makelaars en ontwikkelaars wordt uitgehold door de assertiviteit van het individu en laagdrempeligheid en informatie-efficiëntie die bijvoorbeeld het internet biedt. Immers, managers, financiers, makelaars en ontwikkelaars doen iets dat men ook zelf snapt en kan. Hun rol zal nooit helemaal verdwijnen, maar in plaats van een plek aan het initiatief van een project is voor banken en ontwikkelaars steeds meer de rol van aanvuller weggelegd.

Dat is ook van grote invloed op aannemers. Het feit dat ze het grote werk kunnen organiseren en verzetten zal het bestaansrecht van aannemers in stand houden. Maar de franje van begeleiding daaromheen zal langzaam maar zeker worden ingevuld door het individu. Omdat die steeds meer zelf snapt, kan, en maximale invloed wil uitoefenen. Of het nou om woningen gaat, een school of een kantoorpand.

Tom Vroemen

Drs.ing. Tom Vroemen (1985) is directeur van CrowdAboutNow BV, een snelgroeiende alternatieve financieringsonderneming. Van 2009 tot 2011 was hij voorzitter van De NieuwBouw. Sinds 2008 was hij werkzaam voor Koninklijke BAM Groep, bij welk bedrijf hij nog steeds in beperkte mate is betrokken. Daarnaast is hij veelgevraagd spreker op het gebied van financiële en sociale innovatie.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels