nieuws

Snellere uitkering is steuntje in de rug

bouwbreed Premium

De eigenrisicoperiode, zoals opgenomen in de cao Bouwnijverheid, is voor komende winter met vijf dagen verkort. De maatregel dient als steuntje in de rug voor bedrijven die het moeilijk hebben en is een overgang naar de nieuwe vorstverletregeling.

Vorig jaar konden werkgevers, als er op meer dan 22 dagen door de kou niet gewerkt kon worden, namens de werknemer bij het UWV een WW-uitkering aanvragen. Komende winter kan dat al als er zeventien dagen niet gewerkt wordt, besloten cao-partners Bouwend Nederland, Aannemersfederatie Nederland Bouw en Infra (AFNL), OBN, NVB Bouw, Vereniging van Waterbouwers, FNV Bouw en CNV Vakmensen.

De reden voor de ingreep is tweeledig. In de eerste plaats is het een compensatie voor het later van start gaan van de verplichte overwerkregeling, die onder meer is bedoeld om werktekorten of onwerkbare dagen in de wintermaanden op te vangen. Bedrijven met “pieken en dalen” in het werkaanbod (discontinuïteit) kunnen werknemers verplichten tot overwerk. In periodes waarin veel werk is, worden overuren gemaakt om nadien in te zetten tijdens periodes met minder werk. Werknemers kunnen worden verplicht tot de opbouw van 80 opname-uren per jaar. De maatregel is sinds 1 september van kracht. “Daardoor hebben veel bedrijven nog niet de kans gehad om voldoende overuren te sparen”, zegt cao-onderhandelaar Gijs Buijs (AFNL).

Ondernemersrisico

Aan de andere kant is de verkorting van de eigenrisicoperiode een gebaar naar de markt. “Het ondernemersrisico van vorst is hiermee iets hanteerbaarder”, zegt sectorbestuurder Mieke van Veldhuizen van FNV Bouw & Infra.

In een gemiddelde winter zijn er achttien onwerkbare dagen. Dus alleen als de komende winter extreem koud wordt, kunnen aannemers die onder de cao Bouwnijverheid vallen een beroep doen op de vorstregeling. Afgelopen winter was dat niet het geval. Volgens beleidsmedewerker Jørgen Hulsman van Bouwend Nederland is dat ook precies de bedoeling van de eigenrisicoperiode. Alleen als er omstandigheden ontstaan waar een onderneming zich niet op kan voorbereiden, wordt hij geholpen. De brancheorganisatie is van mening dat vorst een ondernemersrisico is. “Een goed bedrijf bereidt zich voor op een mindere periode. Door een financiële buffer aan te leggen of – in het geval van vorst – maatregelen te treffen waardoor er toch doorgewerkt kan worden. Want doorwerken is altijd beter dan aankloppen bij het UWV.”

Het verder naar beneden bijstellen van de eigenrisicoperiode is wat betreft Bouwend Nederland dan ook niet nodig. “Moeten ondernemers – groot én klein – die zich wel goed voorbereiden betalen voor degenen die dat niet doen?” Ja, vindt de AFNL. De brancheorganisatie had liever gezien dat het eigen risico naar tien dagen werd teruggebracht, geeft Buijs toe. “Waarom? Omdat vooral de specialiseerde aannemerij zich moeilijk kan wapenen tegen kou. Het grootbedrijf kan makkelijk geld opzijzetten, maar voor de vaak kleinere specialisten en mkb’ers is dat lastiger.” De andere cao-partners waren het daar echter niet mee eens, dus werd het zeventien dagen. Buijs: “Zo gaat dat in de polder.”

Vanaf 1 juli 2013 is polderen op dit gebied niet meer nodig. Dan wordt de nieuwe Calamiteitenregeling (Wet Vereenvoudiging regeling UWV) van kracht. Hierin worden de Regelingen onwerkbaar weer en Werktijdverkorting in de WW samengevoegd. Voortaan moeten werkgevers bij onwerkbaar winterweer vier weken loon (20 werkdagen) doorbetalen. Pas daarna krijgen de medewerkers een WW-uitkering. Deze regels gelden voor alle sectoren. De uitkeringen worden betaald door de sector zelf.

Tien dagen

De AFNL en werkgeversorganisat ies in onder meer de metaal- en installatiesector zijn fel tegenstander van deze ingreep. Als het aan de AFNL ligt kunnen ondernemers vanaf volgend jaar kiezen of ze mee willen doen aan een regeling met tien of twintig wachtdagen. “Wie eerder aanspraak wil maken op een WW-uitkering zal dan een hogere premie moeten betalen”, legt Buijs uit. Nu de politiek nog overtuigen de inmiddels aangen omen wet aan te passen. “Daar zijn we druk mee bezig.”

Reageer op dit artikel