nieuws

Oude flats genoeg, maar geen extra opdrachten

bouwbreed

Goed nieuws en slechts nieuws. Tal van oude flats en woningen tonen gebreken. De opdrachtenstroom blijft echter uit. Geen haan lijkt er namelijk naar te kraaien. Toezicht werkt niet.

Stel, u bent stratenmaker. U repareert een verzakte stoep. Naast die stoep staat een flat uit de jaren zeventig. U staat met uw rug naar de kopgevel. Het stormt. Delen van de doorgemetselde gevel kletteren pal naast u of op u. Het is een vrij realistisch scenario. Zeker twintig keer ‘regende het geveldelen’. In meerdere gemeenten staan risicoflats, blijkt uit een afgelopen maandag verschenen rapport van de voormalige VROM-inspectie. Hoeveel potentiële rampenflats Nederland telt blijft onduidelijk. Slechts 5 procent van de gemeenten die meewerkten aan onderzoek weet dat. Over uw overlevingskans als stratenmaker op een willekeurig trottoir zegt dat nog weinig. De helft van de gemeenten die het probleem kent, ondernam geen actie. Ze zeggen dat ze niet genoeg mensen hebben. Of dat ze geen zichtbare problemen kunnen waarnemen. Of geloven dat corporaties ingrijpen.

Geschilferd

Kunt u vertrouwen op corporaties? Over hoeveel risicoflats beschikken zij? Eén, ze doen beter mee aan onderzoekjes dan gemeenten. Twee, van de ruim honderd corporaties bezitten er 68 flats met linke kopgevels. Ruim veertig corporaties lieten potentiële probleemgevalletjes nader onderzoeken. In 26 gevallen bleken de gevels niet in orde. Er waren onvoldoende ankers of doorgeroeste ankers. Soms zaten er scheuren in het metselwerk. In andere gevallen troffen onderzoekers geschilferde stenen aan en loslatend voegwerk door zoutslag.

De meeste corporaties schakelden bouwers in. Negen opdrachten liggen nog op de plank. Corporaties voelen zich kennelijk verantwoordelijk voor de openbare veiligheid en willen geen vrouwen met hondjes of nietsvermoedende stratenmakers onder gesneuvelde kopgevels vandaan halen. Gerustgesteld? Juich niet te vroeg. Uw probleem is nog lang niet opgelost. Veel oude flats met dezelfde symptomen zijn namelijk van vastgoedbeleggers. Op die groep heeft de VROM-inspectie vrijwel geen zicht. Dat hoeft geen probleem te zijn, ware het niet dat vastgoedbeleggers zelf ook niet weten wat de technische situatie is van hun gebouwen. Hein Bos, directeur van Vastgoedbelang, wordt daar ook niet vrolijk van. “Ik doe er alles aan om mijn leden daarop te wijzen. Waarom? Omdat wij ook moeten letten op de constructieve veiligheid. Wij hebben er niets aan als mensen van balkons storten of anderszins.” Mooi gezegd, maar de praktijk leert anders. Bos: “Daarom pleit ik al jaren voor een gebouwdossier met daarin een zorgplicht voor eigenaren, waarin de overheid eisen stelt aan de kwaliteit van gebouwen.”

Vrijblijvend

Niet alleen vastgoedbeleggers zijn onwetend. Voor Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) geldt hetzelfde. Bos van Vastgoedbelang kijkt daar niet gek van op. Dat minister Spies daar iets aan wil doen juicht hij toe. “Het is nu veel te vrijblijvend. VvE’s moeten op hun verantwoordelijkheid gewezen worden.” Bos stelt voor bouwkundig onderzoek in meerjarenplannen te verplichten. “Laat VvE geld sparen voor veiligheid. Als ze nu een euro per jaar sparen is dat voor de wet al voldoende.” T erug naar straatniveau waar u aan het werk bent. De komende jaren bent u vooral op uzelf aangewezen. De opgelopen schade kunt u verhalen op de gebouweigenaar. Mooier kan ook Wico Ankersmit, voorzitter van de Vereniging Bouw- en Woningtoezicht Nederland, het niet maken. “V ooral kleine gemeenten doen toezicht op de bestaande bouw er een beetje bij. Geldgebrek is een groter probleem. De 26 eigenaren van een pand in Rotterdam die net hun hypotheek kunnen opbrengen, investeren echt niet in een nieuwe gevel van 40.000 euro. Soms gaat een gevel nog honderd jaar mee. En soms is een enorme windvlaag genoeg.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels