nieuws

‘Geen Vinex-wijk op Cruquiushoeve’

bouwbreed Premium

Op het 60 hectare metende terrein van de Stichting Epilepsie Instellingen Nederland (SEIN), de Cruquiushoeve, is plaats voor zo’n 1000 woningen. Om die te realiseren zoekt de organisatie een projectontwikkelaar. De aanbesteding begint op 13 juli.

Haarlemmermeer -Bomenrijen, weidse uitzichten en hier en daar een gebouw. Martin Slaager, directeur vastgoed van SEIN, loopt rustig over het terrein van de Cruquiushoeve. Als een ervaren rondleider belicht hij verleden, heden en toekomst van het als een immens park ogende gebied in de Noord-Hollandse gemeente Haarlemmermeer.

De Cruquiushoeve werd in de jaren zestig van de vorige eeuw betrokken door de Stichting Epilepsie Instellingen Nederland (SEIN), vertelt hij. “Die bouwde er geheel volgens de idealen van die tijd onderkomens en voorzieningen voor epilepsiepatiënten.”

De bouwwerken hadden tot voor een paar jaar terug een duidelijke functie. Mensen met epilepsie woonden in paviljoens, er was een centrale keuken, er waren woningen voor medewerkers en bezoekers moesten zich melden bij de portier in het entreegebouw. “Die deed dan vervolgens de slagboom open”, zegt Slaager, zijn blik gericht op de inmiddels permanent omhoog staande versperring. “Dat gebeurt gelukkig al jaren niet meer. We zijn uiteindelijk geen gesloten instelling.”

Tegenwoordig wordt het pandje niet meer gebruikt. Als Slaager passeert staan een paar medewerkers van de nabijgelegen instellingsgebouwen er een sigaretje te roken. “Op termijn wordt het gesloopt”, zegt hij. “Evenals de enkele andere oude gebouwen die er nog staan.”

De cliënten van SEIN, 240 in getal, wonen sinds 2010 in nieuwe, speciaal voor hen ontwikkelde woningen. Variërend van zelfstandige appartementen tot en met woonunits waar ze over gemeenschappelijke ruimten beschikken. De zorg voor de epilepsiepatiënten is er niet op achteruitgegaan, verzekert Slaager. Wel zijn hun woningen geconcentreerd binnen een terrein van 12 hectare. Terwijl de gebouwen daarvoor verspreid stonden over het gehele gebied. “De gedachte dat iemand die aan epilepsie lijdt in een bungalow moet wonen is achterhaald. We hebben voor onze doelgroep zelfs hoogbouwappartementen gerealiseerd en dat gaat goed.” Verder herbergt het terrein onder meer een school, een kinderboerderij en een zwembad. De overgebleven 48 hectare zijn geschikt voor zo’n duizend woningen. Om die te realiseren is de stichting, daarbij ondersteund door adviesbureau AT Osborne, op zoek naar een projectontwikkelaar. “Een marktpartij die de ontwikkeling en realisatie van de nieuwe woonwijk voor eigen rekening en risico ter hand wil nemen.”

Hij moet in Cruqiushoeve investeren en willen samenwerken met SEIN. “En ook met haar cliënten en de context waarbinnen we opereren. Daarom is het belangrijk dat de marktpartij waarmee we in zee gaan, ervaring heeft met zorginstellingen.”

Het wordt zijn rol om het bestaande masterplan te herzien. “Met uiteraard een eigen inbreng. Maar ook met respect voor de parkachtige omgeving, de cliënten van SEIN en SEIN als zorgorganisatie.” Ook de gemeente Haarlemmermeer is een belangrijke partij als het gaat om afspraken met betrekking tot de bouwplannen. “Het is niet de bedoeling dat hier een doorsnee Vinex-wijk komt. We gaan uit van een gefaseerde uitgave van de grond. Zodat de ontwikkelaar niet in een keer de last van gronduitgifte krijgt. De toekomstige ontwikkelaar heeft dus vrijheid in hoe het terrein wordt bebouwd en waar bijvoorbeeld specifieke woningtypes, groenvoorzieningen en waterparadftijen worden aangelegd.”

Er zijn geen voornemens de bewoners van het SEIN-gebied en de overige bewoners door elkaar te laten wonen. “Natuurlijk vinden we integratie belangrijk, maar het is voor onze doelgroep onhaalbaar om in een reguliere woonwijk te wonen. Daar kan hen de nodige zorg niet worden geboden. Door het mogelijk te maken dat ook anderen hier gaan wonen, halen we in feite de maatschappij binnen. Ik noem het omgekeerde integratie waarbij onze cliënten de buren zijn van de andere bewoners.” Hij tekent daarbij aan dat de twee woongebieden gescheiden ontsluitingswegen krijgen maar door onder meer fiets- en wandelpaden met elkaar zullen worden verbonden. “Zoals dat gaat bij buren, kunnen onze cliënten en de reguliere bewoners natuurlijk wel contact met elkaar onderhouden. Graag zelfs. Maar het is niet verplicht. We verwachten niet dat onze buren zich massaal als vrijwilliger bij SEIN aanmelden. ”

Reageer op dit artikel