nieuws

Alleen woningbouw ziet orderboek niet toenemen

bouwbreed Premium

Alle deelsectoren in de bouw zagen in april van dit jaar hun orderboeken groeien. Alleen de woningbouw vormt een negatieve uitzondering.

Dat blijkt uit de conjunctuurmeting van het Economisch Bureau voor de Bouw (EIB). De werkvooraad in de bouw is van maart op april gemiddeld met een tiende maand gestegen naar 5,9 maanden.

Vooral de gww-sector ziet het aantal opdrachten toenemen. De infrabedrijven zagen hun werkvoorraad met 0,2 maand groeien tot 6,2 maanden. In de wegenbouw is de werkvoorraad 5,2 maanden, in de grond- en waterbouw 7,2 maanden.

Ook de utiliteitsbouw doet het goed. De orderportefeuille steeg naar 5,9 maanden. In deze sector is de werkvoorraad al ruim twee jaar stabiel.

De woningbouwers zagen als enige deelsector in de bouw het aantal aankomende projecten afnemen. In april daalde de orderportefeuille met twee tiende maand naar gemiddeld 5,6 maanden. Sinds het begin van de crisis is de werkvoorraad voor woningbouwers teruggelopen met vier ruim maanden. Begin 2008 noteerden woningbouwers gemiddeld nog een orderboek van 9,9 maanden.

Sinds het uitbreken van de crisis is de portefeuille niet zo dun geweest, aldus het EIB. Ten opzichte van vorig jaar is de werkvoorraad met 19 procent afgenomen. Wel is de werkvoorraad op dit moment even slecht als in de barre wintermaanden van 2010 toen de werkvoorraad ook een paar maanden op 5,6 maanden bleef hangen.

Begin 2011 leek de woningmarkt echter weer wat te herstellen. De woningbouwers noteerden toen een orderportefeuille van 6,4 maanden. Sinds oktober vorig jaar slinkt de werkvoorraad echter snel.

Reageer op dit artikel