nieuws

Uitsluiting aan onderhandeling

bouwbreed Premium

Een inschrijving met een te hoog bedrag wordt in het ARW 2005 gekwalificeerd als een onaanvaardbare inschrijving. Een onaanvaardbare inschrijving is niet hetzelfde als een ongeldige inschrijving. Het onderscheid is van belang voor de vraag welke inschrijvers er, na een besluit van de aanbestedende dienst om niet tot gunning over te gaan, in de daarop volgende onderhandelingsprocedure moeten worden uitgenodigd. Het onderscheid stond onlangs centraal.

Een gemeente houdt een Europese, niet-openbare aanbesteding voor een design & construct (d&c) opdracht voor de realisatie van twee scholen.

Op de aanbesteding is het ARW 2005 van toepassing, met als gunningcriterium “de economisch meest voordelige aanbieding”. Vier partijen dienen een inschrijving in. Twee inschrijvingen daarvan zijn volgens de gemeente weliswaar geldig, maar daarvan zijn de genoemde bedragen volgens de gemeente te hoog en daarmee onaanvaardbaar. Twee inschrijvingen worden ongeldig bevonden.

Aan één van deze ‘ongeldige inschrijvers’ deelt de gemeente mee, dat het ingediende ontwerp niet voldoet aan de in het bestek genoemde voorwaarde dat het ontwerp dient te passen in het bestemmingsplan: een van de scholen zou grotendeels buiten de op de bij het bestemmingsplan behorende plankaart aangegeven bebouwingsoppervlak zijn geplaatst.

Tevens wordt medegedeeld, dat de gemeente voornemens is de procedure te vervolgen door middel van een onderhandelingsprocedure met de twee inschrijvers met de onaanvaardbare inschrijvingen. De ongeldige inschrijver wordt daartoe niet uitgenodigd.

Met die uitsluiting van de onderhandelingsprocedure is die inschrijver het niet eens. Behalve dat , zo stelt hij, er geen sprake zou zijn van een ongeldige inschrijving, zou er door uitsluiting van deelname sprake zijn van ongelijke behandeling. Immers, zo is de inschrijver van mening, de de gemeente heeft de overige aanbiedingen eveneens als niet passend aangemerkt, zodat het niet aangaat deze inschrijver dan niet uit te nodigen.

Aangezien partijen het oneens met elkaar blijven, moet de rechter de knoop doorhakken. Deze beoordeelt de inschrijving als ongeldig, omdat de inschrijving niet heeft voldaan aan het in het bestek voorgeschreven programma van eisen, en wel op een essentieel punt.

Dat de fout volgens de inschrijver eenvoudig te herstellen is, doet aan de beoordeling van de ongeldigheid niets af, stelt de rechter.

Voorts overweegt hij dat tot de inschrijvers die tot de onderhandelingsprocedure behoren te worden uitgenodigd volgens het ARW 2005, niet de inschrijvers behoren wier inschrijving ongeldig is bevonden, maar wel de inschrijvers met een onaanvaardbare inschrijving.

Onaanvaardbaar en ongeldig; in aanbestedingsland zijn het twee totaal verschillende grootheden.

Reageer op dit artikel