nieuws

Cencobouw denkt na over Delftse bouwstad

bouwbreed Premium

Alle wetenschappelijke bouwclubjes in Delft. Het nog prille hersenspinseltje is volgens Ed Nijpels recentelijk besproken in het topoverleg Cencobouw.

“De bouw is ambachtelijk georganiseerd. De stucadoor wil nu eenmaal graag met stucadoors in contact komen, de vloerenlegger met de vloerenleggers”, schetst Frank Rohof.

Met het Bouwteam constateert de algemeen directeur van afbouworganisatie Noa dat de sector te versnipperd is. “Of Noa ooit fuseert met Bouwend Nederland is mogelijk, maar is niet aan de orde. Nu fuseren zou ook niet verstandig zijn. Dan kom je in Belgische, Duitse situaties terecht. Onze financiële mogelijkheden zullen beperkter worden.”

Om een grote verandering in de sector te realiseren acht het Bouwteam een stelselherziening van het aantal bouwclubjes noodzakelijk. Rohof begrijpt het streven, maar ziet het er niet snel van komen. “Uiteindelijk gaat het toch om geld en zoveel mogelijk leden werven”, verklaart hij.

Michiel Nieuwenhuys, directeur van de relatief kleine brancheorgansatie voor zandkalksteen (VNK) oppert dat toeleveranciers zich beter hebben georganiseerd dan de uitvoerende bouw. “Ja, er zijn tientallen organisaties van fabrikanten. Voor baksteen, betonmortel, hout, isolatiematerialen, schuim, wol en staal, maar we hebben daarboven met de NVTB een enorme goede koepelorganisatie.”

Die getrapte organisatie van organisaties ziet hij bij de uitvoerende bouw onvoldoende terug. “Naast elkaar bestaan Bouwend Nederland, de Aannemersfederatie, de NVB en Fosag Noa. Allemachtig zeg.”

Nieuwenhuys pleit voor één woordvoerend orgaan. “Met Cencobouw bestaat die figuur ook al, maar het is nog te veel een gelegenheidscoalitie.”

In Cencobouw zitten de NVTB, Bouwend Nederland, BNA, NLingenieurs, Uneto-VNI, Neprom, Hibin, Fosag-NOA en Aedes. Zij pogen zoveel mogelijk één bouwverhaal uit te dragen richting Den Haag. Ook Rohof noemt dat overlegorgaan te vrijblijvend. Elco Brinkman is voorzitter van Cencobouw, Ed Nijpels vicevoorzitter. De Cenco ziet ook kansen voor een krachtiger “Cencoberaad”. Een opschoning van het aantal bouwclubjes kan volgens Nijpels geen kwaad. “Dat is tijdens het laatste Cencoberaad ook besproken in het kader van de beoogde Bouwcampus. Het zou mooi zijn als alle wetenschappelijke bouwclubjes in Delft gehuisvest kunnen worden. Alle brancheorganisaties op één plek.”

Reageer op dit artikel