nieuws

‘Het nieuwe branden’ bespaart geld

bouwbreed Premium

Een kwart minder gas en ruim 30 procent minder tijd is de dakdekker kwijt als hij aan de slag gaat met ‘het nieuwe branden’ van Icopal. Dat rekent Cor den Hartog van het Groningse bedrijf voor. De methode gebruikt gegroefde bitumen dakrollen van het type APP die vanaf deze maand op de markt komen.

De Groningse vestiging is de eerste fabriek van Icopal die deze verbeterde APP-rollen maakt. Icopal groefde buiten Nederland alleen dakrollen van het type SBS. De groeven zitten aan de onderkant van de dakbanen. Dit profiel is afgedekt met een snel smeltende harde PE-folie. “Tussen de folie en de groeven zit lucht”, legt Den Hartog uit. “Mede daardoor brandt de folie bij verhitting razendsnel weg.” De groeven geven de onderkant van de dakrol een groter oppervlak. De vlam verhit daardoor ruim 40 procent meer materiaal, rekent Den Hartog voor. “Het bitumen kan zo sneller en gelijkmatiger vervloeien. De dakrol hecht dan zonder blazen aan de ondergrond.” De dakdekker verbruikt zo minder gas omdat de dakrollen sneller zijn verwerkt. Een ander voordeel is volgens Den Hartog dat met ‘het nieuwe branden’ ruim 170 gram per vierkante meter dakbaan minder CO 2 in de lucht komt. “Bedrijven kunnen daardoor hoger op de CO 2-prestatieladder komen te staan.” Branden blijft voorlopig nog een veelgebruikte techniek in de dakdekkerij, verwacht Den Hartog. “Daar moet je producten voor blijven ontwikkelen.” Alternatieven voor branden van bitumineuze dakrollen zijn volgens Icopal niet zo makkelijk te ontwikkelen. “In theorie zou je met infrarood kunnen ‘branden’. Dat vergt echter een heel grote lamp, omdat het hele oppervlak van de dakbaan moet worden verhit. Bitumen dakrollen voorzien van verwarmingsdraden zou ook kunnen. Die verhitten echter maar een deel van het materiaal zodat het bitumen niet over de hele breedte vloeit; een voorwaarde voor een volledig verkleefd systeem.”

Ouderwets

“Branden is op zich een beetje een ouderwetse techniek”, zegt André van den Engel van brancheorganisatie Vebidak in Nieuwegein. Brandvrije alternatieven worden volgens hem wel ontwikkeld, maar zijn nog niet in ruime mate voorhanden. “Op grote dakvlakken waar de dakdekker weinig details tegenkomt, blijft branden tot in lengte van dagen de aangewezen techniek. Op kleinere daken met veel details als dakkapellen en opstanden is de brander inmiddels nagenoeg verdwenen.” Mede vanwege het grote brandgevaar door de detaillering. Of zoals Van den Engel zegt: “Er verschuift dus wel wat.” Icopal is voor Vebidak de eerste die de nieuwe brandtechniek gebruikt. Ook Luc Thomas van BDA Dakadvies uit Gorinchem zegt geen andere promotors te kennen van een techniek als ‘het nieuwe branden’. De praktijk moet wat hem betreft leren of de voordelen die Icopal schetst bewaarheid worden. “De eerste daken moeten er nog mee worden gemaakt.”

Reageer op dit artikel