nieuws

Energieprestaties van gebouwen meten zonder mitsen en maren

bouwbreed Premium

De Energy-Navigator van Cofely legt vast of een gebouw meer energie verbruikt dan in principe nodig is. Cofely Energy Solutions uit Bunnik doet er sinds vorig jaar proeven mee. “Met goed gevolg”, menen algemeen directeur Bas Ambachtsheer en senior energy consultant Marije Lafleur.

Bunnik -De E-Navigator meet hoeveel elektriciteit, gas en warmte/koude door de hoofdmeters gaat. De waarden worden afgezet tegen de weerkundige gegevens van het KNMI en de kenmerken van het gebouw. “Dat zijn geen algemene kengetallen maar getallen die verband houden met de specificaties van het desbetreffende gebouw”, benadrukt Lafleur. Uit de analyse blijkt dan of het verbruik voldoet aan de verwachtingen die de gegevens over het gebouw wekken. Aan de hand van de cijfers worden eventuele installatietechnische en bouwkundige verbeteringen bedacht. Lafleur en Ambachtsheer zeggen hun klanten zo een bepaald streefverbruik te kunnen garanderen.

Beiden verwachten daar veel van. “Eigenaren en gebruikers klagen vaak dat ze moeilijk garanties kunnen krijgen voor de energieprestatie van de installaties”, zegt Ambachtsheer. Voor die garantie zou een simpel contract op een paar A4’tjes moeten volstaan. Met onder de streep het berekende verbruik van elektra en gas. “Die getallen garanderen we dan, zonder mitsen en maren.” Aanvankelijk was de methode alleen bedoeld voor de bestaande bouw. “Tot iemand ons erop wees dat je er ook het energieverbruik in op te leveren gebouwen mee kunt volgen en kunt controleren of de voorgerekende verbruikscijfers worden gehaald.”

Veranderingen

In het verleden bleek de toegezegde prestatie moeilijker te realiseren dan gedacht. De praktijk leerde Ambachtsheer dat een installatie bij de oplevering altijd goed functioneert. “Maar zodra je weg bent wordt er van alles aan veranderd. De voorspelde prestaties worden dan niet meer gehaald; daardoor loopt het verbruik op en dat blijkt pas wanneer de energierekeningen komen.”

Afwijkingen kunnen al veel eerder worden vastgesteld, zegt Lafleur. De hoofdmeters voor elektra en gas geven doorlopend aan hoeveel energie de installaties verbruiken. “Dat is dus de hoeveelheid die op dat moment nodig is.” De meetwaarden worden vervolgens geanalyseerd en verwerkt in diagrammen. Die geven in één oogopslag het functioneren van een gebouw weer. “Dat kan erg confronterend zijn voor eigenaren en gebruikers en ook voor de technische diensten die de gebouwen beheren”, meent Ambachtsheer. “Een goed ontworpen installatie kan door een verkeerd beheer onder de maat presteren.”

Afstand

Meten via de hoofdmeters kan op afstand. Cofely hoeft er het gebouw niet voor in. De metingen lopen buiten het gebouwbeheersysteem om, legt Ambachtsheer uit. “De koppelingen met zo’n systeem zijn niet altijd goed. Een verwarmingssysteem kan volgens de indicatie aanstaan, terwijl die in werkelijkheid uitstaat. Componenten kunnen zo tegen elkaar inwerken.” Een ‘nulmeting’ duurt twee tot drie maanden. “Dan is er al een betrouwbaar profiel op te stellen”, vindt Lafleur. Daarna volgt een regelmatige herhaling. “Al kun je de E-Navigator ook als een doorlopende meter gebruiken”, zegt Ambachtsheer.

Twaalf bedrijven gebruiken inmiddels de E-Navigator. De voorbereidende meting kost rond de 1250 euro. De analyse van de meetwaarden vergt 3000 tot 8000 euro afhankelijk van de kenmerken van het gebouw. “Dat zijn marktconforme prijzen”, zegt Ambachtsheer. Volgens hem kan elke installateur het eventuele advies uitvoeren. “Al zien we dan weer wel graag dat dat één van onze technologische bedrijven is.”

Reageer op dit artikel