nieuws

Delfland probeert opnieuw dijkinspectie vanuit de lucht

bouwbreed

Niet met een onbemand vliegtuigje maar met een helikopter voert Hoogheemraadschap van Delfland inspecties uit van dijken binnen het gebied. Eind mei moet bekend zijn of deze methode wél werkt.

De helikopter gaat vanaf een hoogte van 150 tot 200 meter opnamen maken van dijken in Midden-Delfland en Lansingerland.

Dat is ruim 100 meter hoger dan het onbemande vliegtuigje van de landmacht waarmee Delfland vorig jaar een proef nam. Toen kampte het Hoogheemraadschap met langdurige droogte en dreigden veendijken het te begeven. De luchtopnamen bleken echter geen vervanging te zijn voor het arbeidsintensieve schouwen. Het onbemande vliegtuigje bleek erg gevoelig voor turbulentie en leverde wazige beelden op. Met de infraroodcamera waren wel natte plekken in de dijken aan te wijzen maar aan de hand van de optische beelden viel niet vast te stellen of er ook sprake was van scheuren. De helikopter waarmee Delfland nu experimenteert is volgens een woordvoerder uitgerust met veel hoogwaardiger optische en infraroodcamera’s. Dat compenseert ruimschoots voor de grotere vlieghoogte. Het hefschroefvliegtuig is ook veel minder gevoelig voor turbulentie en harde wind. Voorafgaand aan de proef voerde Delfland een nulmeting uit. Dat gebeurde door met inspecteurs, schouwmeesters en vrijwilligers over de waterkeringen te trekken. In twee dagen tijd brachten zij verzakkingen, scheuren en natte plekken van 195 kilometer dijk in kaart. TNO voert de proef uit voor Delfland en gaat aan de hand van de opnames 3D-modellen van de waterkeringen maken.

Reageer op dit artikel